Saturday, 13 Aug 2022

Matas: David Kilgour’s felle toewijding aan principes en diepe empathie voor slachtoffers van mishandeling zullen blijven bestaan

Ik ken David Kilgour al mijn hele volwassen leven. Van meet af aan kon ik zien dat hij een vriendelijke, extraverte, gulle persoonlijkheid had.

David was een student aan de Universiteit van Manitoba in Winnipeg in het begin van de jaren zestig, in dezelfde tijd als ik. Hij was een beetje ouder dan ik, maar net zo actief in studentenzaken als ik, en zelfs nog meer. Toevallig waren we eind jaren ’60 tegelijkertijd in Ottawa en daarna in Parijs, waar we elk ons eigen pad volgden op het vlak van werk en studie. Ik woonde zijn huwelijk bij in Edmonton in 1974, waar hij toen officier van justitie was.

Onze toevallige contacten veranderden drastisch in maart 2006 toen wij op verzoek van een NGO een gezamenlijk onderzoek startten naar de vraag of aanhangers van de op spiritualiteit gebaseerde praktijk Falun Gong in China werden gedood om hun organen te verkopen aan patiënten die transplantaties nodig hadden. Vanaf dat moment, gedurende de afgelopen 16 jaar, had ik bijna dagelijks contact met David, vaak meerdere malen per dag.

(L-R) David Kilgour, David Matas, en Ethan Gutmann, auteurs van “Bloody Harvest/The Slaughter: An Update,” in Londen, Engeland, op 25 november 2014. (Simon Gross/The Epoch Times)

De eerste versie van ons rapport, uitgebracht in juni 2006, concludeerde dat de mishandeling in China van Falun Gong gewetensgevangenen die ons was gevraagd te onderzoeken, inderdaad plaatsvond. We realiseerden ons dat we niet zomaar het rapport konden vrijgeven en ons van de zaak konden losmaken om ons met onze andere activiteiten bezig te houden, waarvan we er vele hadden. Om de kwestie levend te houden, moesten we er aan blijven werken. En dat deden we, met updates van ons rapport, met de mede-oprichting samen met journalist Ethan Gutmann van een NGO over de kwestie (The International Coalition to End Transplant Abuse in China), en met een gestage stroom van reizen naar conferenties, bijeenkomsten en hoorzittingen, en van verklaringen, toespraken, ingezonden stukken, artikelen, internet postings, en email berichten naar vele mensen.

We werden partners, niet alleen in deze kwestie, maar ook in een verscheidenheid van andere mensenrechtenkwesties waarin we aan hetzelfde koort trokken – de tirannie in Iran, de wreedheden tegen de Oeigoeren, de bedreigingen voor Taiwan, de onderdrukking in Hongkong, het antisemitisme dat wordt aangewakkerd door verdraaide aanvallen op Israël, enzovoort. Door zo lang en zo diepgaand dezelfde zorgen over zoveel onderwerpen te delen, leerde ik David vrij goed kennen. Wat ik kon zien was dat hij zonder voorbehoud toegewijd was aan principes. De principes waar hij aan vasthield, waren felle, diepgewortelde persoonlijke overtuigingen.

Toen hij na 27 jaar uit het Parlement stapte, was hij het langstzittende parlementslid. Tijdens die carrière werd hij uit de Progressieve Conservatieve Partij gezet wegens non-conformisme, sloot zich aan bij de Liberale Partij, en nam vervolgens ontslag omdat hij het niet eens was met hun beleid. Gezien zijn karakter was dat een voorspelbare wending. Zijn openheid naar anderen, zijn onafhankelijkheid van geest en zijn principiële toewijding maakten hem zeer verkiesbaar. Diezelfde onafhankelijkheid maakte hem het beklimmen van wat de Britse premier Benjamin Disraeli de vette paal noemde, onmogelijk. Het vermogen om ‘mee te doen om hogerop te geraken’ zat niet in zijn repertoire.

(L-R) Internationaal mensenrechtenadvocaat David Matas, voormalig minister van Justitie Irwin Cotler en voormalig staatssecretaris voor Azië-Pacific David Kilgour bij de hoorzitting van het parlementaire internationale mensenrechtensubcomité in Ottawa op 3 nov. 2016, waar Matas en Kilgour een briefing verzorgden over misstanden rond orgaantransplantatie in China. (Epoch Times)

Davids mooiste uren waren de uren die hij aan de mensenrechten besteedde nadat hij het Parlement had verlaten. De kwesties rond mensenrechten in het algemeen en China in het bijzonder brachten het beste in hem naar boven omdat ze het slechtste in anderen naar boven brachten. Anderen zijn misschien bereid principes in te ruilen of af te zwakken voor geld of macht, positie of toegang. Anderen zijn misschien bereid beloften te aanvaarden in plaats van realiteit, woorden in plaats van daden. Weer anderen zouden kunnen bezwijken voor grootheidswaanzin omdat de daders de woorden spraken die hun gesprekspartners wilden horen. Maar niet David Kilgour. Hij onderscheidde zich door zijn bodemloze bron van steun voor slachtoffers, zijn onuitputtelijke afwijzing van hypocrisie, zijn eindeloze smart bij het zien van straffeloosheid.

David is op 5 april overleden. Moge hij rusten in vrede, maar ik denk niet dat hij dat zal doen. Zijn geest zal altijd lijden onder de gruwelijkheden van deze planeet. In zijn geest zal hij zich met vuur blijven verzetten tegen en zal zijn geduld steeds opnieuw op de proef worden gesteld door de voortdurende misdrijven van daders; zijn medeleven zal de eindeloze stoet slachtoffers blijven omarmen en zijn zorgen om hen zullen altijd blijven bestaan.

Allen die David hebben gekend zullen hem missen. Toch zal hij niet verdwijnen. Zijn voorbeeld zal blijven voortbestaan om ons te herinneren aan het verschil tussen onverschilligheid en empathie, tussen durewoordenkramerij en eerlijkheid, tussen toegeven en standvastig zijn, tussen welgesteld zijn en goed doen. Hij is niet verdwenen, want hij is deel van ons geworden.

De standpunten in dit artikel zijn de mening van de auteur en geven niet noodzakelijk de mening van The Epoch Times weer.

Gepubliceerd door The Epoch Times (09 maart 2022): Matas: David Kilgour’s Fierce Devotion to Principle and Profound Empathy for Rights Abuse Victims Will Endure