Sunday, 29 May 2022

Marilyn Yang, winnares van goud: ‘Ik heb een grotere verantwoordelijkheid om deze cultuur opnieuw te doen herleven’

Marilyn Yang van Shen Yun Performing Arts behaalde goud in de 9e NTD internationale klassieke Chinese danscompetitie, die plaatsvond van 2 tot 5 september in de staat New York.

“Dit is iets dat me alleen maar kan motiveren om harder te werken in mijn vak”, zei ze. “In dans bestaat er niet zoiets als ‘perfect’ of ‘je hebt je limiet bereikt’.”

“Wat komt met het winnen van goud is de verantwoordelijkheid om het nog beter te doen en de hoogste kunstvorm te brengen die ik kan … om dit verloren erfgoed terug te brengen naar mensen over de hele wereld”, zei ze.

De wedstrijd voor klassieke Chinese dans maakt deel uit van een reeks internationale culturele en kunstevenementen ter bevordering van de traditionele cultuur. In China is deze cultuur de afgelopen decennia bijna volledig vernietigd door de Chinese Communistische Partij. De evenementen worden georganiseerd door NTD.

“Ik heb het gevoel dat ik na het winnen een grotere verantwoordelijkheid heb om deze cultuur te doen herleven”, zei ze. Shen Yun heeft de kunstvorm van klassieke Chinese dans over de hele wereld bekend gemaakt en haar missie om 5.000 jaar goddelijk geïnspireerde cultuur te doen herleven ligt Yang na aan het hart.

Dansen is zeker niet iets makkelijks, je moet hard trainen. Ik denk dat het belangrijk is om een nederig hart te houden en te kijken hoe je kunt verbeteren.

– Marilyn Yang

“Dansen is zeker niet iets makkelijks, je moet hard trainen. Ik denk dat het belangrijk is om een nederig hart te houden en te kijken hoe je kunt verbeteren”, zei ze.

De wedstrijd was een uitgelezen kans om dat te doen, omdat ze kon kijken en leren van meer dan 100 andere dansers.

“Hoe professioneel iemand ook lijkt, hij kan altijd iets leren van iemand die ergens nieuw in is en hij kan leren van de mensen om hem heen“, zei ze.

“Ik leerde meer over mezelf door het choreograferen te verkennen en ik onderzocht meer karakters en dingen die ik niet gewend ben”, zei Yang. “Deze keer voor de danscompetitie heb ik echt geleerd hoe ik mezelf kan pushen en barrières kan doorbreken waarvan ik dacht begrensd door te zijn. Ik denk dat het me zal helpen op mijn toekomstige pad in de danswereld.”

Met verslaggeving door NTDTV.

Origineel gepubliceerd door The Epoch Times (13 september 2021): https://www.theepochtimes.com/gold-winner-marilyn-yang-i-have-a-bigger-responsibility-to-revive-this-culture_3982941.html 

Inspiratie voor kunst en design van wereldklasse: Het Victoria en Albert Museum in Londen

Het Victoria and Albert Museum, algemeen bekend als het V&A, was het eerste gebouw dat werd gerealiseerd in het kader van de visie van Prins Albert om een nieuw cultureel district in Londen te creëren, gewijd aan de bevordering van kunst en wetenschappelijk onderwijs en om de Britse industrie op de internationale markt te promoten.

Het doel van het museum was “ontwerpers, fabrikanten en het publiek te onderrichten in kunst en design”, aldus de website van het museum.

Hoewel het museum in 1852 werd opgericht, verhuisde het pas in 1857 naar South Kensington, een gebied in West-Londen dat was uitgekozen om het culturele district van de stad te worden. En pas tientallen jaren later, na verschillende museumnamen, werd het museum het Victoria en Albert Museum.

In het gebied bevinden zich nu het Natural History Museum, het Science Museum, de Royal Albert Hall en het Imperial College London, om er maar een paar te noemen.

De architectuur

Het V&A beslaat een reeks gebouwen verspreid over 4,8 hectare terrein en omvat 11 km aan galerieruimte.

De gebouwen in de John Madejski Garden zijn geïnspireerd op de Italiaanse renaissance-architectuur en bestaan uit baksteen, mozaïek en terracotta. De eerste werd in 1857 gebouwd, de laatste was bijna 50 jaar later klaar.

in 1891 werd een prijsvraag uitgeschreven voor het ontwerpen van een uitbreiding van het museum die het aanzien van de bestaande gebouwen zou verenigen. Het winnende ontwerp van architect Ashton Webb is een mengeling van voornamelijk renaissance- en middeleeuwse architectuur. Het gebouw, opgetrokken in rode baksteen en Portland-steen, is maar liefst 218 meter lang.

Op de Romaanse poort, boven een standbeeld van Prins Albert, staat een citaat van de kunstenaar Sir Joshua Reynolds dat luidt: “De voortreffelijkheid van elke kunst moet liggen in de volledige verwezenlijking van haar doel.”

Reynolds’ citaat in aanmerking genomen, hebben de kunstenaars, architecten en ambachtslieden die het V&A-museum hebben opgericht, de visie van de prins om kunst te promoten en de Britse industrie te bevorderen, prachtig vervuld. Het gebouw heeft zijn doel volledig bereikt.

Voor meer informatie over het Victoria en Albert Museum, bezoek VAM.ac.uk

Het museumgebouw aan Cromwell Road is ontworpen door architect Ashton Webb, die later ook de gevel van Buckingham Palace zou ontwerpen. (Victoria en Albert Museum, Londen)
De hoofdingang van het Victoria en Albert Museum in Romaanse stijl in Londen. Een standbeeld van Prins Albert staat in het midden van de twee deuren en een standbeeld van zijn vrouw, Koningin Victoria, staat boven de boog. (Victoria en Albert Museum, Londen)
De John Madejski Garden, in het hart van het museum, werd in 2015 ontworpen, maar het Lecture Theater Block (C) en de galerijgebouwen aan weerszijden werden op verschillende tijdstippen aan het eind van de 19e eeuw gebouwd. Het grote centrale gebouw was ooit de hoofdingang van het museum. (Victoria en Albert Museum, Londen)
Bezoekers betreden de Sackler Courtyard van het museum via het Ashton Webb Screen, een boog en zuilengalerij die ooit de Victoriaanse ketels van het museum verborgen hielden. (Victoria en Albert Museum, Londen)
Sculpturale reliëfs op de keramische trap werden met lood geglazuurd in de Della-Robbia stijl, geïnspireerd door de Italiaanse Renaissance beeldhouwer Luca della Robbia die een speciale tin-glazuur techniek ontwikkelde. (Victoria en Albert Museum, Londen)
In het museum demonstreert een keramische trap een vooruitstrevend ontwerp waarbij geschilderde panelen op zeshoekige tegels werden gebakken, zodat ze gemakkelijker de rondingen van het plafond konden bedekken. (Victoria en Albert Museum, Londen)

Origineel gepubliceerd op The Epoch Timeshttps://www.theepochtimes.com/inspiring-world-class-art-and-design-the-victoria-and-albert-museum-in-london_3831675.html

 

 

De patriottische kunst van de Arc de Triomphe, Parijs

In 1805 beloofde Napoléon Bonaparte “triomfbogen” aan zijn troepen nadat ze de Slag bij Austerlitz hadden gewonnen.

De eerste boog waartoe hij opdracht gaf was de Arc de Triomphe de l’Étoile (de Triomfboog van de Ster) in Parijs, algemeen bekend als de Arc de Triomphe, en de bouw begon op 15 augustus 1806, Bonaparte’s verjaardag. 

Als groot bewonderaar van de schone kunsten uit de oudheid, gaf Bonaparte architect Jean-François-Thérèse Chalgrin de opdracht naar de klassieke architectuur te kijken voor inspiratie. Chalgrin inspireerde zich op de Boog van Titus (A.D. 81) in Rome voor zijn ontwerp, hoewel de Arc de Triomphe geen zuilen heeft.

De neoclassicistische boog van 50 meter toont scènes uit het dynastieke leven en ook gevechtsscènes, wat afwijkt van de klassieke traditie van triomfbogen die alleen militaire overwinningen afbeelden. 

De oostgevel kijkt uit op de Champs-Élysées, die in de tijd van Bonaparte uitkeken op de Tuileries, het koninklijk paleis en vervolgens het keizerlijk paleis. (Het paleis werd in 1871 tijdens de Parijse Commune verwoest.) Een fries loopt rond de boog, dicht bij de top. De oostelijke gevelfries toont Franse troepen bij hun vertrek voor nieuwe veldtochten, en de westelijke gevel toont de troepen bij hun terugkeer.

Aan de voet van elk van de vier pijlers van de boog staat een beeldengroep op een sokkel. Elk beeldhouwwerk toont een historische scène. Het beroemdste is het “Vertrek van de vrijwilligers van 1792” van François Rude, beter bekend als “La Marseillaise”, dat ook de naam is van het Franse volkslied. 

Koning Louis-Philippe droeg de boog in 1836 op aan de legers van de Republiek en het Keizerrijk.

Het gebogen plafond van de boog, een intrados genoemd, is bedekt met rozen. (Alvesgaspar/CC BY-SA 3.0)
Het “Vertrek van de Vrijwilligers van 1792” door François Rude stelt het vertrek voor van 200.000 Fransen om hun republiek te verdedigen. De vrijwilligers, gewone Fransen, worden in het beeldhouwwerk naakt of in burgerkleding voorgesteld, respectievelijk jong en oud, verenigd in hun bereidheid om voor hun land te vechten. De gevleugelde vrouw in het tafereel is de Génie de la Liberté, die de mannen aanzet tot de strijd. (Publiek Domein)
De “Triomf van Napoleon” van Jean-Pierre Cortot viert het Verdrag van Wenen van 1810. In dit beeld draagt Bonaparte klassieke gewaden en staat hij trots in het midden. Victoria, de Genie van de Overwinning op de dood, houdt een lauwerkroon boven zijn hoofd; in haar andere hand is een palmtak. Boven hen zweeft de gevleugelde Genie van de Roem, die met haar trompet de overwinning van Bonaparte aankondigt, een motief dat in de oudheid niet voorkwam maar in de Renaissance opkwam. In haar andere hand houdt Roem een strijdknots met daarop de keizerlijke adelaar, die Bonaparte’s bataljons in de strijd zouden hebben gedragen. (Publiek Domein)
Een detail op de rechter borstwering toont het Genie van de Vrijheid. (Publiek domein)
Het “Verzet van 1814” van Antoine Étex herdenkt de Franse soldaten die vochten in de oorlog van de Zesde Coalitie (maart 1813-mei 1814). (Publiek domein)
De “Vrede van 1815” van Antoine Étex vertegenwoordigt het einde van de Napoleontische oorlogen, toen het tweede Verdrag van Parijs werd ondertekend tussen Frankrijk en de geallieerden, op 20 november 1815. Het hoogreliëf beeldhouwwerk is de laatste van de vier grote sculpturale groepen die historische scènes uitbeelden op de pijlers van de boog. (Publiek domein)
Een detail op de linker borstwering toont het Genie van de Roem. (Publiek domein)

Origineel gepubliceerd door The Epoch Times (20 juni 2021): The Patriotic Art of the Arc de Triomphe, Paris

De koninklijke kapel van Château de Versailles: een goddelijk baken geschikt voor een zonnekoning

De Koninklijke Kapel van Versailles heeft na een drie jaar durende restauratie haar grandeur teruggevonden.

In de 17e eeuw gaf de Zonnekoning, Lodewijk XIV, persoonlijk leiding aan de bouw van deze grootse kapel. Daarmee legde hij een verbinding tussen de hemel, de Franse monarchie en dus het Franse volk voor de komende generaties.

In 1687 begon de architect van de koning, Jules Hardouin-Mansart, met de bouw van de kapel. Na zijn dood werd het gebouw in 1710 voltooid door zijn zwager, de architect Robert de Cotte.

De kapel is hoger dan de omringende paleisgebouwen en herinnert iedereen eraan dat het goddelijke ook de koning regeert.

De hoofdmuren, versierd met Korinthische pilasters (architectonische gevelelementen die op zuilen lijken), vormen het lichaam van het gebouw en ondersteunen de bovenverdieping, die wordt omzoomd door een balustrade en 30 standbeelden. Zestien verschillende beeldhouwers maakten deze beelden, die christelijke figuren of allegorieën van christelijke deugden uitbeelden – allemaal om de mens te inspireren.

Achter de standbeelden staan gotische steunberen, bekroond met eeuwige fakkels, die naar de hemel toe omhoog buigen. De steunberen ondersteunen het steile leien dak dat typisch is voor de Franse architectuur. En vleugjes bladgoud accentueren het sierlijke loodwerk op het dak van de kapel.

Het zonlicht valt de kapel binnen door grote ramen in gotische stijl, een combinatie van helder en gebrandschilderd glas.

Binnenin de kapel trekken de zachte verticale lijnen van de bogen en zuilen zachtjes de aandacht. De aandacht wordt geleid van de vloer van de kapel via de zuilen op de tussenverdieping naar het spectaculaire gewelf dat bedekt is met schilderingen die de Heilige Drie-eenheid voorstellen.

Voor meer informatie over de restauratie van de Koninklijke Kapel van het kasteel van Versailles kunt u terecht op ChateauVersailles.fr

Binnen in de pas gerestaureerde Koninklijke Kapel in het Château de Versailles op 20 april 2021. De restauratie begon in de herfst van 2017. (Pascal Le Segretain/Getty Images)
De Koninklijke Kapel vóór de drie jaar durende restauratie. (Didier Saulnier/Château de Versailles)
De pas gerestaureerde Koninklijke Kapel van Versailles. De kapel is hoger dan de omringende gebouwen om het belang van de kerk en de goddelijke heerschappij van de koning te benadrukken. Het met goud afgezette dak glinstert als ware het de kroon van Versailles en van Frankrijk. (Christian Milet/Château de Versailles)
Ambachtslieden vergulden het sierlijke loodwerk terug in zijn oorspronkelijke staat. (Didier Saulnier/Château de Versailles)
“Een kunstenaar verguldt aandachtig de loden beelden in het kader van het restauratieproject van de Koninklijke Kapel. (Thomas Garnier/Château de Versailles)
De zuidkant van de gerestaureerde kapel. Bovenaan zijn eeuwige fakkels te zien, en daaronder beelden: Christelijke figuren en allegorieën van Christelijke deugden. (Thomas Garnier/Château de Versailles)
Gerestaureerde beelden van de H. Gregorius de Grote (L) en de H. Ambrosius. (Thomas Garnier/Château de Versailles)
Een steenhouwer herstelt het steenwerk in zijn oude glorie. (Didier Saulnier/Château de Versailles)
Het harmonieuze interieur van de Koninklijke Kapel wordt gevormd door een combinatie van zuilengalerijen en de vele ramen die de gewijde ruimte vullen met een bijna hemels licht. (Thomas Garnier/Château de Versailles)
Een detail van de sierlijke vergulding in de Koninklijke Kapel. (Pascal Le Segretain/Getty Images)
De duif die de Heilige Drievuldigheid voorstelt en de gouden Fleur d’Lis van de Franse monarchie zijn enkele van de rijke motieven die te zien zijn in de gebrandschilderde ramen van de Koninklijke Kapel om eraan te herinneren dat het recht om te heersen een geschenk is van God. (Didier Saulnier/Château de Versailles)
Een detail van een van de elegante glas-in-loodramen, omgeven door prachtige gouden fresco’s. (Didier Saulnier/Château de Versailles)
De koning en zijn familie zaten in het midden van de bovenverdieping van de kapel, terwijl de hofdames in de zijgalerijen zaten. De rest van het hof en het publiek zaten in het schip beneden. (Thomas Garnier/Château de Versailles)
Colonnades van Korinthische zuilen strekken zich uit tot aan het prachtige beschilderde plafond dat de Heilige Drievuldigheid voorstelt. In het midden is “God de Vader in Zijn Glorie” door Antoine Coypel, in de apsis is “De Verrijzenis” door Charles de La Fosse, en boven de Koninklijke Galerij is “De Neerdaling van de Heilige Geest” door Jean Jouvenet. (Thomas Garnier/Château de Versailles)

Origineel gepubliceerd door The Epoch Times (16 mei 2021): The Royal Chapel at Château de Versailles: A Divine Beacon Fit for a Sun King