Saturday, 13 Aug 2022

Bijeenkomsten van heiligen: ‘Sacra Conversazione’

Als de gastheer de deur opendoet, komen de gasten gekleed in spijkerbroek binnen, geven de gastheer een high five, roepen ” Hey!” en zoeken een plekje om te zitten, of lopen door naar de barbecue in de achtertuin. Sociale bijeenkomsten zijn tegenwoordig informele aangelegenheden. De meeste mensen gaan zelden naar formele gelegenheden, laat staan met “belangrijke mensen”.

Om uitgenodigd te worden voor een evenement met belangrijke mensen is meer formaliteit nodig: pak en stropdas, nette kleding, de gasten pratend in kleine groepjes, drankjes en hors d ‘oeuvres aantrekkelijk aan de kant gezet in een smaakvol ingerichte ruimte.

Stel je eens voor hoe het zou zijn om een bijeenkomst bij te wonen met enkele van de grootste figuren die ooit geleefd hebben, zelfs godheden, en plaats er een foto van op sociale media.

Van hemel naar aarde

Rond de eeuwwisseling van de 15e eeuw maakten kunstenaars in Europa schilderijen op gescharnierde panelen, zodat ze konden worden opgevouwen om ze te beschermen en op te bergen. Het beroemdste schilderij met meerdere panelen (een polyptiek genoemd) is het Lam Gods van Jan van Eyck. Het middenpaneel toont Jezus als koning van een hemels koninkrijk, met aan weerszijden panelen waarop Maria zijn moeder en Johannes de Doper staan afgebeeld.

Een detail van het Lam Gods, 1432, van Jan van Eyck. Olieverf op eikenhouten panelen; 340 bij 520 cm. Sint-Baafskathedraal, Gent, België. (Publiek Domein)

Kunstenaars wilden Jezus en de heiligen in de hemel afbeelden, maar op zo’n manier dat zij dichter bij de mensen kwamen te staan. Deze techniek evolueerde van formele hoofse omgevingen naar huiselijke omgevingen die Maria, Jezus en de heiligen meer toegankelijk maakten. De schilderijen tonen figuren bijeen in één omgeving; heiligen, engelen, en zelfs degenen die voor het kunstwerk betaalden worden afgebeeld met de eregasten: Maria en het kindje Jezus.

Fra Angelico (1400-1455), de kunstenaar monnik van het San Marco klooster in Florence, Italië, wordt beschouwd als de eerste kunstenaar die een groep figuren arrangeerde als een “sacra conversazione,” of heilig gesprek. In zijn Annalena-altaarstuk bracht hij figuren samen in dezelfde ruimte, als aan het hof van een vorst. De figuren, uit verschillende historische perioden, staan respectvol naast de Maagd en het Kind.

Om zijn figuren samen te brengen, oriënteerde hij ze op een horizontaal paneel. De sacra conversazione techniek bracht daarmee een grote verandering in de schilderkunst teweeg. Kunstenaars maakten minder gebruik van afzonderlijke verticale panelen en plaatsten in plaats daarvan alle figuren op één paneel of doek. Kunstenaars begonnen toen vaker het horizontale formaat te gebruiken, de oriëntatie die kunstenaars vandaag de dag het meest gebruiken.

Fra Angelico schilderde verschillende van deze horizontale composities. Bovendien, terwijl vroegere schilders Maria en het kindje Jezus veel groter voorstelden dan de omringende figuren, om hun belang te tonen, schilderde Fra Angelico hen proportioneel even groot als andere figuren, hoewel de twee centraal blijven staan in zijn sacra conversazione composities.

Annalena altaarstuk, circa 1438-40, door Fra Angelico. Tempera en goud op hout;  180 bij 202 cm. Museum van San Marco, Florence, Italië. (Publiek Domein)

Het Annalena-altaarstuk werd gemaakt in opdracht van het klooster van St. Vincent van Annalena en toont de Madonna en het kindje Jezus schuin zittend op een eenvoudige verhoogde troon. Links van Maria zien we (van links naar rechts) de heiligen Petrus de Martelaar, Damiaan en Cosmas; rechts (van links naar rechts) de heiligen Johannes de Evangelist, Lawrence de eerste martelaar, en Franciscus van Assisi.

Onderaan het schilderij bevindt zich de predella, een reeks panelen die horizontaal zijn gerangschikt. Een gouden achtergrond laat zien dat het hier niet om een natuurlijke omgeving gaat; het kunstwerk heeft iets hemels. De figuren, allemaal met aureolen om hun heilige status aan te geven, zijn aan het lezen of met elkaar in gesprek, als op een gewone dag in een hemels hof.

De kunstenaar introduceerde nog een andere vernieuwing, door St. Cosmas naar Maria en Jezus te laten gebaren terwijl hij de toeschouwer aankijkt. “Het Annalena-altaarstuk zou het model worden voor andere Florentijnse altaarstukken tot in de vroege jaren 1500,” aldus GrandCentralPark.org.

Huiselijke omgeving

Deze compositietechniek sloeg aan. De Noordelijke renaissanceschilder Jan van Eyck, aan wie de uitvinding van de olieverf wordt toegeschreven, gebruikte de sacra conversazione stijl om een alledaags persoon in zijn schilderij op te nemen. “Madonna met kanunnik van der Paele” toont Maria en het kindje Jezus in het midden van de compositie, zittend op een lage troon. Zij wordt omringd door de heilige Donatianus van Reims, links van haar en rechts de opdrachtgever van het schilderij, kanunnik Van der Paele, geflankeerd door zijn beschermheilige, de heilige Joris, gekleed in een harnas.

“Madonna met kanunnik Joris van der Paele,” 1434, door Jan van Eyck. Olieverf op paneel; 141 bij 176,5 cm. Groeningemuseum, Brugge, België. (Publiek domein)

De rijke geestelijke was ernstig ziek en bedoelde het schilderij als altaarstuk ter nagedachtenis aan zichzelf. Latijnse inscripties op de originele randen identificeren de heiligen, terwijl van der Paele bekend is uit historische verslagen. De heilige Joris presenteert de schenker aan Maria, met de helm in de hand. De figuren dragen rijke opsmuk: bont, zijde en brokaat.

Deze informele setting, alsof in Maria’s privé-vertrekken, toont Jezus die met een vogel speelt terwijl hij zijn bezoekers begroet. Van der Paele kijkt geen van de hemelse figuren rechtstreeks aan, maar staart in de verte, het sociale en geestelijke decorum observerend. Dit is Van Eycks enige horizontale schilderij en één van de vroegst bekende sacra conversazione composities van de Noordelijke Renaissance.

“Madonna en kind met de heiligen Dorothea en George,” 1515-18, door Titiaan. Olieverf op paneel; 86 bij 129,5 cm. Het Prado, Spanje. (Publiek domein)

Titiaan maakte verschillende schilderijen met deze horizontale compositie en plaatste zijn figuren in een nog intiemere setting. Alsof in het woonvertrek van een vooraanstaande dame speelt de Maagd met haar bewegelijke kind als de gasten arriveren. De heiligen Dorothy en George naderen om met de baby te spelen. “In het ontspannen en zelfverzekerde schilderij brengt Titiaan de charmes van de familiekring naar ‘sacra conversazione’,” aldus de Web Gallery of Art.

De heiligen verschijnen als toegeeflijke familieleden van het speelse kind. Verder zien we in deze composities vaak een naar achteren getrokken groen gordijn, zoals in Rafaëls “Sixtijnse Madonna“, alsof het de kijkers een glimp van de hemel wil laten zien.

Botticelli gebruikte deze techniek in kunstwerken als het San Barnaba-altaarstuk. Als engelen een gordijn wegtrekken, verschijnen de figuren rond de Maagd en het Kind geanimeerd en met expressieve gezichtsuitdrukkingen.

Dominico Ghirlandaio’s “Tronende madonna met heiligen” toont het prachtige hof van Maria en haar kind terwijl ze worden omringd door heiligen en engelen. Rond Maria verschijnen aartsengelen – links de heilige Michaël en rechts de heilige Rafaël – en onder haar knielen de heiligen Justus en Zenobius. De sterke, scherpe lijnen en rijke, stralende kleuren verwijzen naar een hemels rijk, terwijl fruitbomen en groenblijvende planten op de achtergrond een natuurlijke omgeving vormen.

Toen opdrachtgevers deze intiemere schilderijen in hun privéwoningen plaatsten en ze gebruikten als objecten van gebedsdevotie, reageerden kunstenaars op hun beurt. Deze schilderijen zouden een belangrijke bron van inkomsten worden voor Italiaanse kunstenaars.

“Tronende madonna met heiligen,” 1484-86, door Domenico Ghirlandaio. Tempera op hout; 191 bij 200 cm. De Uffizi, Florence, Italië. (Publiek Domein)

Hoe met elkaar om te gaan

Kunstenaars uit de Renaissance gebruikten sacra conversazione om toeschouwers te inspireren tot opbeurende interacties met anderen. Deze schilderijen kunnen ons laten zien hoe we een sociale bijeenkomst kunnen houden: een gracieuze omgeving met zachte, mooie muziek en een attente gastheer die welgemanierde gasten bedient met stille waardigheid.

Wij zijn sociale wezens en zijn dat altijd geweest. In de huidige cultuur van afnemende formaliteiten, gaat het bij informele bijeenkomsten vooral om eten en drinken en wordt er niet zozeer gesproken over wat belangrijk of inspirerend is. Maar misschien willen we nog even opfrissen wat we geleerd hebben over hoe je te gedragen in beleefd gezelschap. Net als de drie engelen die Abraham en Sara of Jezus bezoeken tijdens het Laatste Avondmaal in de Bijbel, weten we misschien nooit of een hemels wezen ons bezoekt of wie onze gastheer zou kunnen zijn.

Origineel gepubliceerd door The Epoch Times (16 april 2022): Gatherings of Holy Ones: ‘Sacra Conversazione’

Benjamin West: Een Quaker schilder geeft het door

Toen Benjamin Franklin in 1784 geld leende aan een man, deed hij dit verzoek: “Als je een ander eerlijk man in gelijke nood tegenkomt, moet je me betalen door hem dit bedrag te lenen.” Met andere woorden, Franklin wilde niet terugbetaald worden; hij wilde dat die man iemand anders op dezelfde manier zou helpen.

De vroeg-Amerikaanse kunstenaar Benjamin West (1738-1820) was sterk bevriend met Franklin. West groeide op in een Quaker-gemeenschap in Pennsylvania waar wederkerigheid en vertrouwen hoog in het vaandel stonden; hij kreeg zijn start als kunstenaar van deze en andere goedhartige mensen. En hij is het nooit vergeten.

Indianen leerden West hoe hij verf moest maken door oeverklei te mengen met berenvet. Invloedrijke mensen in de kolonie Pennsylvania zagen al snel wat West met zijn natuurtalent kon doen. De wapensmid William Henry nam hem onder zijn hoede en moedigde hem aan een schilderij te maken van een gravure. Dit werk trok de aandacht van William Smith, provoost van het College van Philadelphia, die West een opleiding aanbood en connecties met belangrijke kolonialen.

Rijke kooplieden uit Pennsylvania zagen een grote belofte in de jonge Quaker die kon tekenen en schilderen. Twee kolonialen betaalden voor zijn reis naar Italië voor meer opleiding: William Allen, burgemeester van Philadelphia en later opperrechter van de provincie, en William Smith. Daar leerde de jonge kunstenaar de schildertechnieken van Italiaanse meesters. Hij bestudeerde ook de theorieën van de kunstcriticus Johann Winckelmann over het neoclassicisme en zijn zoektocht naar ideale schoonheid door een studie van klassieke kunst.

Zelfportret, circa 1763, door Benjamin West (naar Benjamin West, 1776). De National Gallery of Art; momenteel in het Baltimore Museum of Fine Art. (Publiek domein)

West leerde meer geavanceerde schildertechnieken van de Britse kolonist John Wollaston. Deze technieken omvatten vaardigheid in het schilderen van satijnen stof en amandelvormige ogen.

Een Amerikaan in Londen

West verhuisde naar Londen en vestigde zich daar in 1763. In 1768 werd de Royal Academy of Arts opgericht, met Joshua Reynolds als eerste president. Engeland bracht begaafde kunstenaars voort die indrukwekkend werk leverden: Thomas Gainsborough, John Constable en natuurlijk Reynolds.

West maakte naam in Londen met het schilderen van historische taferelen in neoklassieke stijl. Maar hij onderhield zijn familie door portretten te schilderen van rijke aristocraten, die werden aangetrokken door zijn natuurlijke charme en talent. Al snel trok hij de aandacht van de koning en maakte portretten van de koninklijke familie.

West werd een favoriet schilder van Koning George III (ja, die Koning George), die hem uiteindelijk benoemde tot de tweede president van de Royal Academy of Arts na Reynolds.

Geef het door, artistiek gesproken

Terwijl West beroemd werd in Londen, dacht hij eraan zijn geluk door te geven. Hij gaf raad, onderwees en sloot vriendschap met drie generaties Amerikaanse kunstenaars die naar Engeland kwamen om te studeren. West voorzag in alles, van advies, instructies, voedsel tot geld en, in veel gevallen, een baan als zijn atelier assistent. Zijn huis en atelier bevatten een schat aan werken van de oude meesters, alsook afgietsels van klassieke beeldhouwwerken. Jonge kunstenaars konden zijn kunst bestuderen in een tijd dat een dergelijke openbare verzameling nog niet bestond.

De kunstenaars die naar West kwamen, hadden noch de vaardigheden, noch de connecties om te slagen in een artistieke carrière. Voor de kunstenaars die bij hem aanklopten, gebruikte West zijn technische kennis en ervaring om hen op te leiden en te adviseren. Hij leerde hen “complexe composities met meerdere figuren en verfijnde glazuurtechnieken”, aldus zijn biografie op de website van de National Gallery of Art. Zijn lessen en adviezen veranderden het werk van de jonge Amerikanen die bij hem studeerden.

Deze studenten keerden terug naar de koloniën om de stichting van Amerika vast te leggen in portretten en historiestukken. Onder hen bevonden zich enkele van de grootste schilders uit de Amerikaanse geschiedenis: waaronder Charles Willson Peale, Gilbert Stuart, John Trumbull, Ralph Earl, Washington Allston, Thomas Sully en Samuel F.B. Morse.

“Benjamin West,” circa 1820, door Thomas Sully (naar Charles R. Leslie en naar Sir Thomas Lawrence, circa 1820). Aankoop Pennsylvania Academy, 1864. (Publiek domein)

Drie golven van jonge schilders

Een van de eerste jonge kunstenaars die de Atlantische Oceaan overstaken was Gilbert Stuart. West verwelkomde Stuart, die straatarm was, in 1775 in zijn huis. Na vijf jaar in de leer te zijn geweest bij West en onder zijn grote invloed, richtte Stuart zijn eigen Londense atelier op.

Stuarts portret van George Washington toont een gedetailleerde hemdrand met een meer schilderachtige benadering van het gepoederde haar. Stuart stond bekend om zijn verschillende vleeskleuren – roze voor wangen en lippen, een lichte schaduw rond de mond en goed geplaatste accenten bij de neus en het voorhoofd. Hij toonde een bedreven techniek, geleerd onder de voogdij van zijn mentor.

“George Washington,” 1795, door Gilbert Stuart. Olieverf op doek, 74 bij 61,5 cm. Privécollectie. (Publiek Domein)

In de jaren 1780 kwam een andere golf van enthousiaste studenten naar West, onder wie John Trumbull, een voormalig kaartenmaker van het Continentale Leger. De Onafhankelijkheidsoorlog was in volle gang en Trumbull wilde prominente personen en veldslagen uit de oorlog schilderen.

Hij bestudeerde de grote neoklassieke kunstenaars ook in Frankrijk; daar bezocht hij een Amerikaanse geleerde en patriot, Thomas Jefferson, die Trumbull adviseerde bij zijn nu beroemde schilderij van de ondertekening van de Onafhankelijkheidsverklaring.

“De Onafhankelijkheidsverklaring, 4 juli 1776,” circa 1792, door John Trumbull. Olieverf op doek, 53 bij 79 cm. Collectie Trumbull tot 1832. Yale University Art Gallery, New Haven, Connecticut. (Publiek domein)

West, die nu aan beide zijden van de Atlantische Oceaan grote bekendheid genoot, liet rond 1809 een derde golf kunstenaars toe om steun te bieden. Onder hen was een in Engeland geboren, in Amerika opgegroeide kunstenaar: Thomas Sully. Sully schilderde Wests portret en bracht Wests ideeën en technieken mee terug naar de Verenigde Staten. Hij “legde de basis voor de groei van de kunsten in Amerika in de federale periode en creëerde een laat-achttiende- en vroeg-negentiende-eeuwse Amerikaanse stijl van aanzienlijke verfijning”, aldus de biografie van West op de website van de National Gallery of Art. Toen hij terugkeerde naar Amerika, paste Sully wat hij van West had geleerd op een andere manier toe: Hij bracht geen kosten in rekening voor schilderlessen.

Banden van vriendschap

In 1783 begon West aan een schilderij – dat nooit werd voltooid – van de deelnemers aan de vredesonderhandelingen tussen Amerika en Groot-Brittannië na de oorlog. Het schilderij toont vijf Amerikanen die gestuurd waren om met Groot-Brittannië over de vrede te onderhandelen: John Jay, John Adams, Benjamin Franklin, Henry Laurens en William Temple Franklin (de kleinzoon van Benjamin Franklin). West schilderde alle figuren naar het leven. De Britse onderhandelaars wilden niet voor de kunstenaar modelleren, dus hoewel hij in 1783 aan het schilderij was begonnen, heeft West het werk, dat hij aan het Congres wilde presenteren, nooit afgemaakt. John Quincy Adams besprak dit schilderij in zijn dagboek: “Ik betreurde het ten zeerste dat dit schilderij onvoltooid zou blijven.”

“Benjamin Franklin trekt elektriciteit uit de lucht (detail),” circa 1816, door Benjamin West. Olieverf op leisteen; 34 bij 25 cm. Philadelphia Museum of Art. (Publiek domein)

Toen Benjamin Franklin in Londen was, raakten hij en West snel bevriend. Om Franklin na zijn dood in 1790 te eren, schilderde West een dramatisch, maar niet echt, tafereel van Franklin die laat zien hoe bliksem elektriciteit opwekt – een totaal nieuw studiegebied.

Vermoedelijk vond dit gevaarlijke experiment plaats in 1752. “Franklin was zich bewust van de gevaren en voerde dit experiment niet uit, zoals in de populaire literatuur wordt afgebeeld. In plaats daarvan gebruikte hij de vlieger om wat elektrische lading op te vangen uit een onweerswolk, net genoeg om aan te tonen dat bliksem elektrisch was”, aldus de website Joy Of Museums. Het schilderij, in olieverf op leisteen, was een studie voor een groter werk dat er nooit gekomen is.

West beeldde Franklin af die elektriciteit ontdekte als gegeven door het goddelijke. Franklin is afgebeeld met een aura rond zijn hoofd, zittend op wolken. Putti (kleine cherubijntjes) helpen hem elektriciteit te onttrekken aan een vlieger in de lucht tijdens een onweersbui. Links zijn twee hemelwezens met wetenschappelijke instrumenten in de weer. Het tafereel barst van de energie – het haar van Franklin waait, zijn rode cape golft, de vlieger wordt tussen donkere wolken geslingerd. Franklins gezicht is een toonbeeld van kalm vertrouwen; hij is niet bang geëlektrocuteerd te worden en aanvaardt kalm de hulp van de hemelse wezens.

West en Franklin onderhielden hun hele verdere leven nauwe banden, ook nadat Franklin naar Amerika was teruggekeerd.

De Quaker-gemeenschap die West oorspronkelijk koesterde, heeft dat ook aan hun land doorgegeven. Quakers hebben naar verluidt de amendementen en de grondwet aan de nieuwe regering voorgesteld.

Wat West, Franklin en de Quakers beoefenden zou wat vandaag bekend staat als een ” geschenk-economie ” kunnen zijn. Geven zodat de ontvanger het geluk doorgeeft is voordelig gebleken voor hen die geven en voor hen die ontvangen. Elke gemeenschap kan profiteren van het voorbeeld van de Quaker-kunstenaar die het drievoudig en meer doorgaf.

Origineel gepubliceerd op The Epoch Times (13 maart 2022)https://www.theepochtimes.com/benjamin-west-a-quaker-painter-pays-it-forward_4330112.html