6 oktober 2026
Een politiepatrouille op het Tiananmenplein voorafgaand aan de openingszitting van de Chinese Politieke Consultatieve Conferentie van het Volk in Peking op 4 maart 2025. Vincent Thian/AP Photo

China intimideert journalisten om hen het zwijgen op te leggen in het streven naar “een nieuwe wereldorde op mediagebied”

“China probeert zijn eigen normen en zijn eigen model van journalistiek vast te stellen”, aldus Reporters Without Borders.

De campagne van het Chinese regime om zijn door de staat gestuurde mediamodel naar het buitenland te exporteren, richt zich inmiddels ook op onafhankelijke journalisten buiten China. Dat blijkt uit een nieuw rapport van Reporters Without Borders (RSF).

In het rapport, dat op 21 september verscheen, waarschuwt de organisatie voor de aanhoudende Chinese pogingen om een “nieuwe wereldorde voor de media” te creëren. De Chinese president Xi Jinping werkt daar sinds 2013 aan. Volgens RSF heeft het Chinese model, waarin media in de eerste plaats dienen als spreekbuis van de staat, zich via een wereldwijd propagandanetwerk inmiddels over vijf continenten verspreid.

“China probeert zijn eigen normen en zijn eigen journalistieke model op te leggen: een model waarin media uitsluitend het regime dienen en worden beschouwd als instrumenten van propaganda en controle, in plaats van als een onafhankelijke pijler van de democratie”, schrijven Anne Bocandé en Aleksandra Bielakowska van RSF.

“We hopen dat dit rapport meer licht werpt op deze tactieken en onze democratieën helpt hun informatieruimte te beschermen, voordat het te laat is.”

Het nieuwe rapport bouwt voort op twee eerdere publicaties van RSF: “China’s Pursuit of a New World Media Order” uit 2019 en “The Great Leap Backwards of Journalism in China” uit 2021. Daarin beschrijft de organisatie hoe Peking systematisch probeert de berichtgeving in buitenlandse media te beïnvloeden. Dat gebeurt onder meer via advertorials, mediapartnerschappen en afspraken over het delen van content, maar ook door buitenlandse journalisten volledig verzorgde reizen en trainingen aan te bieden.

Volgens het nieuwe rapport hanteert China daarbij geen vaste strategie. De aanpak wordt aangepast aan het medialandschap van het land waarop Peking zich richt. Het doel is volgens RSF steeds hetzelfde: Chinese narratieven versterken en informatie die tegen de belangen van het regime ingaat, naar de achtergrond dringen.

Transnationale repressie

De transnationale repressiecampagne van de Chinese Communistische Partij (CCP) richt zich onder meer op gevluchte en buitenlandse journalisten. Daarbij worden volgens het rapport methoden ingezet die bedoeld zijn om hen “te intimideren, het zwijgen op te leggen en onder druk te zetten”.

“Sinds 2020, vooral in de nasleep van de coronapandemie, zijn veel Chinese journalisten gedwongen naar andere landen te vluchten, op zoek naar veiligheid en uiteindelijk een nieuwe verblijfplaats”, staat in het rapport.

“Maar ook wanneer zij eenmaal in het buitenland zijn, blijven deze journalisten te maken krijgen met druk en intimidatie vanuit het Chinese regime.”

In juli riep RSF Thailand op om Bai Zhaodong niet uit te zetten. De Chinese onderzoeksjournalist vluchtte in 2023 uit China nadat hij had bericht over politiek gevoelige onderwerpen, waaronder corruptie en fraude onder functionarissen van de CCP.

Volgens het nieuwe rapport werden in oktober 2024 vier Chinese veiligheidsfunctionarissen gezien bij een immigratiekantoor in Thailand, waar zij op Bai stonden te wachten. Nadat hij zijn visum niet kon verlengen en zijn paspoort niet kon terugkrijgen, dook hij onder.

Het rapport haalt ook Tahir Imin aan, een naar het buitenland gevluchte Oeigoerse journalist en oprichter van de nieuwssite Uyghur Post. Hij zegt dat hij vanwege zijn journalistieke werk “jarenlang te maken heeft gehad met hackpogingen, online bedreigingen en bewaking”.

Ook twee Franse journalisten waren in 2025 volgens het rapport doelwit van een “massale en aanhoudende cyberintimidatiecampagne, versterkt door Chinese staatsmedia”. De journalisten hadden meegewerkt aan een televisieprogramma waarin de contracten van een Frans sportkledingbedrijf met een Chinees bedrijf werden onthuld. Dat Chinese bedrijf wordt door het Amerikaanse Congres en de Verenigde Naties beschuldigd van het inzetten van Oeigoerse dwangarbeiders.

Volgens RSF lopen journalisten inmiddels extra risico door de nieuwe Chinese wet op etnische eenheid. Die wet bevat een bepaling over extraterritoriale rechtsmacht, waarmee Peking de mogelijkheid krijgt om de handhaving van de wet uit te breiden naar het buitenland.

“Journalisten lopen nu een groter risico op onrechtmatige vervolging en transnationale repressie onder het mom van het “ondermijnen van de etnische eenheid”. Dat onderstreept hoe ver de CCP bereid is te gaan om angst onder haar tegenstanders te zaaien”, aldus het rapport.

Om de transnationale repressie van de CCP tegen te gaan, doet RSF verschillende aanbevelingen. Zo zouden politie- en veiligheidsdiensten moeten worden getraind om de verschillende vormen van transnationale repressie te kunnen herkennen, zodat misdrijven tegen journalisten consequent worden gemeld en geregistreerd.

Nieuwe fase van informatiecontrole

De groeiende populariteit van generatieve kunstmatige intelligentie heeft geleid tot een “nieuwe fase in de Chinese aanpak van informatiecontrole en propaganda”, stelt RSF.

Chinese grote taalmodellen, waaronder DeepSeek, Ernie en Qwen, bevatten volgens de organisatie “mechanismen voor politieke censuur en door de staat goedgekeurde narratieven”. RSF baseert die conclusie op eigen tests.

Zo herhaalde DeepSeek volgens het rapport de “officiële lezing” van de Chinese autoriteiten toen het werd gevraagd waarom de Chinese burgerjournalist Zhang Zhan gevangen was gezet. Zhang werd in 2020 voor het eerst gevangengezet en in 2025 veroordeeld tot nog eens vier jaar cel. Ze werd bekend door haar vroege berichtgeving over de uitbraak van COVID-19 in China.

Ook een eigen onderzoek van The Epoch Times naar DeepSeek, gepubliceerd in februari 2025, concludeerde dat de chatbot weigerde inhoudelijk in te gaan op vragen over de mensenrechtensituatie in China.

Volgens RSF is de Chinese propaganda bovendien doorgedrongen tot westerse grote taalmodellen. De organisatie verwijst daarbij naar gezamenlijk onderzoek van verschillende Amerikaanse universiteiten, waaronder de University of Oregon, Purdue University en de University of California, San Diego.

De onderzoekers bestudeerden voor hun onderzoek, dat in mei in het wetenschappelijke tijdschrift Nature werd gepubliceerd, materiaal uit Common Crawl. Dat is een non-profitarchief met webpagina’s van over de hele wereld. De gegevens worden onder meer gebruikt voor het trainen van grote taalmodellen.

Op basis van een Chineestalige dataset van Common Crawl ontdekten de onderzoekers dat 3,1 miljoen documenten grote overeenkomsten vertoonden met twee bronnen van door de Chinese staat gecoördineerde media. Daarmee was 1,64 procent van de dataset afkomstig uit of sterk overlappend met die bronnen, volgens een artikel van de University of Oregon over het onderzoek. Bij documenten waarin Chinese politieke leiders of instellingen werden genoemd, liep dat aandeel op tot 23 procent.

Hannah Waight, universitair hoofddocent sociologie aan de University of Oregon en een van de leiders van het onderzoek, zei tegen RSF dat de bevindingen wijzen op “onbedoelde gevolgen”. Bedrijven als OpenAI en Anthropic kunnen volgens haar gebruikmaken van wat zij beschouwen als een “neutrale databron” met online informatie, om vervolgens modellen te ontwikkelen die antwoorden genereren die sterker aansluiten bij de narratieven die Peking uitdraagt.

Volgens Waight “wijzen de onderzoeksresultaten op een verontrustende mogelijkheid” van wat autoritaire regimes, en met name China, kunnen bereiken dankzij hun controle over Chineestalige informatie.

“Het geeft hen nog een reden om hun informatieomgeving te coördineren. Daarmee kunnen ze niet alleen bepalen wat hun eigen burgers te zien krijgen, maar ook invloed uitoefenen op de modellen die een steeds belangrijkere rol spelen in onze bredere informatieomgeving”, aldus Waight.

Beïnvloedingsoperatie in de VS

Het RSF-rapport besteedt ook aandacht aan de zaak van Eileen Wang, voormalig burgemeester van Arcadia in Californië. Zij pleitte in mei schuldig aan het optreden als agent voor de CCP.

Federale aanklagers beschuldigden Wang ervan het Chineestalige mediakanaal U.S. News Center te hebben geleid. De organisatie presenteerde zich als een legitieme nieuwsbron voor de lokale Chinese gemeenschap, maar werd volgens de aanklagers in werkelijkheid gebruikt om propaganda van de CCP te verspreiden.

De zaak van de voormalige burgemeester “staat bepaald niet op zichzelf”, aldus RSF.

Wang Yaqiu, een in de Verenigde Staten gevestigde onderzoeker die zich bezighoudt met mensenrechten en democratie, zegt in het rapport dat “opvallende overeenkomsten in de redactionele koers van sommige Chineestalige diaspora-media” in de VS wijzen op de mogelijke aanwezigheid van bredere, achter de schermen opererende netwerken die de berichtgeving proberen te beïnvloeden.

Volgens het rapport blijkt uit het lopende onderzoek van Wang Yaqiu dat “Peking zijn aandacht heeft verlegd naar de lokale [Amerikaanse] politiek”. Daarbij probeert China leden van de Chinese diaspora ertoe te bewegen als één blok op bepaalde kandidaten te stemmen, of “kiezers weg te houden van anderen die pro-Hongkong of pro-Taiwan zijn”.

De beïnvloedingsoperatie van de CCP omvat volgens het rapport ook “forse investeringen” in lokale en Chineestalige gemeenschapsmedia in de Verenigde Staten, waaronder noodlijdende Amerikaanse mediabedrijven. RSF citeert daarbij de in de VS gevestigde Chinese journalist Vivian Wu.

“China heeft 30 miljard renminbi [4,5 miljard dollar] uitgegeven om dit netwerk op te bouwen en lokale media op te kopen”, zei Wu tegen RSF.

Volgens Wu voeren onafhankelijke media voor de Chinese diaspora “met beperkte middelen strijd tegen een gigantische tegenstander”.

Het rapport roept democratische regeringen op om de financiële levensvatbaarheid van media in ballingschap te versterken door langetermijnfinanciering te verstrekken, de afgifte van visa voor journalisten die op de vlucht zijn voor vervolging te versnellen en het voor journalisten in ballingschap gemakkelijker te maken om verblijfs- en werkvergunningen te verkrijgen.

Eva Fu heeft bijgedragen aan dit verslag.

Correctie: In een eerdere versie van dit artikel was de naam van burgerjournaliste Zhang Zhan verkeerd gespeld. The Epoch Times betreurt deze fout.

Origineel gepubliceerd door The Epoch Times (21 september 2026): China Uses Intimidation to Silence Journalists in Pursuit of ‘New World Media Order’: Report