6 oktober 2026
Inwoners van Ceuta dragen een spandoek met de tekst “S.O.S. Ceuta invadida” (“SOS Ceuta bezet”) vooraan in een demonstratie naar de grens bij Tarajal, in Ceuta, Spanje, op 20 september 2026. Etienne Fauchaire/The Epoch Times

In de straten van Ceuta lopen de spanningen op te midden van de migratiecrisis

Met minstens 13.000 migranten in een stad met 83.000 inwoners is het aantal noodsituaties met 532 procent gestegen. Madrid noemt de angst “subjectief”, terwijl inwoners waarschuwen voor een opstand.

CEUTA, Spanje — Achter een groot spandoek met de tekst “SOS Ceuta bezet” trokken op 20 september meer dan duizend demonstranten richting de Marokkaanse grens. Ze eisten dat migranten die momenteel op stranden, in straten en op openbare plekken van de Spaanse enclave verblijven, worden teruggestuurd.

Spaanse en Ceutaanse vlaggen wapperden boven de menigte terwijl die door de stad trok. Demonstranten riepen “Ceuta is Spaans”, “Ik ben Spaans” en “Indringers, eruit!” Ook premier Pedro Sánchez, de socialistische regeringsleider van Spanje, moest het ontgelden. Tegen hem werd onder meer “Sánchez moet naar de gevangenis” geroepen.

De demonstratie was georganiseerd door de plaatselijke Federatie van Wijkverenigingen en vond bijna acht weken plaats nadat in twee dagen tijd meer dan 72.000 mensen vanuit Marokko Ceuta waren binnengekomen.

Het overgrote deel van hen keerde binnen enkele dagen terug naar Marokko. Duizenden anderen bleven achter.

Voor een stad van ongeveer 83.000 inwoners, ingeklemd op een smalle strook grond aan de Noord-Afrikaanse kust, zorgt de aanhoudende aanwezigheid van de migranten voor toenemende druk op de woningmarkt, de openbare ruimte en andere lokale voorzieningen. Dat voedt de woede onder inwoners die zeggen dat hun dagelijks leven ingrijpend is veranderd.

“Ik ben hier omdat onze regering ons in de steek laat”, vertelde Ramón, een 56-jarige ambtenaar, aan The Epoch Times terwijl hij meeliep in de demonstratie. “Onze straten zijn niet langer veilig en onze kinderen zitten opgesloten in hun huizen.”

Ook Daniel, 16 jaar, liep mee richting de grens. Volgens hem heeft de situatie ertoe geleid dat hij het gevoel heeft dat hij “niets meer kan doen” vanwege het gebrek aan veiligheid.

Zijn moeder, Ana Belén, een 43-jarige zorgmedewerkster, richtte haar woede op de regering in Madrid.

“Onze eigen regering verraadt ons”, vertelde ze aan The Epoch Times. “Haar eerste plicht is het vaderland te verdedigen, niet de rechten van indringers boven onze veiligheid en onze rechten als burgers te stellen. Wij betalen belasting, en dit is waar ons geld voor wordt gebruikt. In een normale wereld zouden de leden van deze regering wegens landverraad voor de rechter worden gebracht.”

Het kantoor van Sánchez reageerde niet op een verzoek om commentaar.

Hier en daar in de menigte droegen demonstranten de blauw-gouden vlag van de Europese Unie.

Een demonstrant draagt een Spaanse vlag als cape en een pet met de tekst “Make Ceuta Great Again” tijdens een demonstratie naar de grens bij Tarajal, in Ceuta, Spanje, op 20 september 2026. Etienne Fauchaire/The Epoch Times

Ceuta en Melilla, de twee Spaanse enclaves aan de Noord-Afrikaanse kust, vormen de enige noemenswaardige landgrenzen van de Europese Unie met Afrika. Demonstranten die met EU-vlaggen meeliepen, wilden duidelijk maken dat de situatie in Ceuta niet alleen een Spaans probleem is.

“Ceuta is onderdeel van Europa”, zeiden verschillende betogers tegen The Epoch Times. Ze hopen dat andere Europese regeringen druk zullen uitoefenen op Madrid om in te grijpen.

“We dragen EU-vlaggen omdat de regering van Pedro Sánchez niets doet. We hopen dat andere Europese landen wel in actie komen”, zei Ramón.

Tegelijkertijd gingen de oproepen aan Europa gepaard met een diep gevoel van verlatenheid.

“Ik ben Spaans en ik ben Europeaan, maar we voelen ons volledig in de steek gelaten: door onze regering, door Europa, door iedereen”, aldus Ana Belén.

Terwijl de demonstratie verder trok richting de grens, richtte een deel van de woede zich op een ander doelwit.

De spanning liep op toen vertegenwoordigers van niet-gouvernementele organisaties (ngo’s) arriveerden om de demonstratie te volgen. Dat leidde tot boze reacties van sommige betogers. Meerdere deelnemers vertelden The Epoch Times dat zij vinden dat organisaties die migranten ondersteunen, hebben bijgedragen aan de crisis door beleid te bepleiten waardoor migranten gemakkelijker in Spanje kunnen blijven.

“Deze linkse ngo’s krijgen veel subsidie en zetten onze regering en politici onder druk om migranten een verblijfsstatus te geven”, zei Alejandro, een 27-jarige inwoner van Ceuta, tegen The Epoch Times. “Juist dat vormt de prikkel om hierheen te komen.”

Vertegenwoordigers van de ngo’s in Ceuta reageerden niet op verzoeken om commentaar.

Een demonstrant houdt tijdens een betoging in Ceuta een bord omhoog waarop de Spaanse premier Pedro Sánchez een “verrader” wordt genoemd, terwijl meer dan 1.000 inwoners naar de grens bij Tarajal lopen om de uitzetting van illegale immigranten te eisen en te benadrukken dat de stad Spaans en Europees is. Etienne Fauchaire/The Epoch Times

Angst voor onveiligheid afgedaan als “subjectief”

Veel van de woede onder de demonstranten die zondag de straat op gingen, richtte zich ook op minister van Binnenlandse Zaken Fernando Grande-Marlaska. Die omschreef het gevoel van onveiligheid onder de inwoners van Ceuta op 8 september als “subjectief”.

Vijf dagen later publiceerde de alarmcentrale 112 van Ceuta cijfers waaruit blijkt dat het aantal incidenten dat de dienst had afgehandeld sinds de massale oversteek op 30 juli sterk was toegenomen, meldde het Spaanse persbureau EFE. Vergeleken met dezelfde periode in 2025 lag het aantal incidenten 532,6 procent hoger.

In die periode werden meer dan 7.000 incidenten afgehandeld. Daarnaast kwamen er ruim 9.200 telefoontjes binnen van inwoners die melding maakten van problemen in verschillende delen van de stad. Volgens het rapport had 19,2 procent van de meldingen betrekking op mishandelingen en 11,8 procent op woninginbraken.

Voor inwoners als José, een gepensioneerde die met The Epoch Times sprak, is de verandering iets waarmee hij dagelijks wordt geconfronteerd.

“In sommige wijken zijn de straten gevaarlijk”, zei hij. “Wat betreft het samenleven: de situatie is simpelweg onhoudbaar. Het is heel moeilijk, echt heel moeilijk.”

José zei dat hij wil dat de migranten naar Marokko worden teruggestuurd, met het argument dat het toestaan van hun verblijf anderen alleen maar aanmoedigt om dezelfde reis te ondernemen.

Op 30 juli 2026 proberen illegale immigranten vanuit Marokko de Spaanse enclave Ceuta binnen te komen. Antonio Sempere, Archief/AP Photo

Gevecht om een plek in het nieuwe kamp

Het protest vond slechts twee dagen plaats nadat een chaotische politieoperatie duidelijk had gemaakt hoe groot de druk is die de toestroom van migranten op de enclave legt.

Kort voor 7.00 uur op 18 september begon de politie duizenden migranten van twee stranden naar een nieuw ingericht tentenkamp bij de haven te begeleiden. Wat begon als een ordelijke optocht, mondde al snel uit in een stormloop, toen migranten begonnen te rennen in een poging als eersten de opvanglocatie te bereiken.

Daar was een duidelijke reden voor: het nieuwe kamp bood plaats aan slechts 1.700 mensen, terwijl alleen al op het strand van El Trampolín volgens het stadsbestuur zo’n 4.500 migranten in geïmproviseerde onderkomens verbleven.

Jonge mannen probeerden door het politiebarricade heen te glippen en vooruit te rennen naar de ingang. ME-agenten reageerden met wapenstokken en vuurden rubberkogels in de lucht terwijl ze probeerden de menigte in bedwang te houden. Beelden van de confrontatie verspreidden zich snel via sociale media en werden miljoenen keren bekeken.

“We hebben echt ons maximum bereikt”, zei Paula, een huisvrouw die in de buurt woont, de volgende dag tegen The Epoch Times. “Wat hier is gebeurd, is verschrikkelijk.”

Het tekort aan plaatsen in het kamp weerspiegelt de bredere problemen waarmee de stad kampt.

(Boven) Illegale migranten zitten naast de grote tenten in het nieuwe opvangkamp voor migranten in Los Rosales, waar op 12 september 2026 meer dan 800 mensen zijn overgebracht vanuit het kamp Loma Colmenar in Ceuta, Spanje. Ongeveer 72.000 migranten kwamen op 30 en 31 juli in een ongekende toestroom Ceuta binnen, waarbij volgens de Spaanse autoriteiten 90 procent binnen drie dagen terugkeerde naar Marokko. (Onder) Een druk kamp van tenten en zeilen bedekt Playa de Benítez in Ceuta, Spanje, op 19 september 2026. Antonio Sempere/AFP via Getty Images, Etienne Fauchaire/The Epoch Times

Van de naar schatting 72.000 mensen die op 30 en 31 juli de grens met Ceuta overstaken, keerde ongeveer 90 procent binnen drie dagen terug naar Marokko, aldus de Spaanse autoriteiten.

Schattingen van het aantal mensen dat is achtergebleven, zijn sindsdien meerdere keren naar boven bijgesteld. De Spaanse regering houdt het inmiddels op 10.000, terwijl de regering van Ceuta zegt dat er zeker 13.000 migranten in de enclave zijn gebleven. Ceuta beslaat slechts zo’n 18 vierkante kilometer en telt ongeveer 83.000 inwoners.

Ondanks pogingen om duizenden mensen onder te brengen in officiële opvanglocaties, zijn de geïmproviseerde nederzettingen die inmiddels deel zijn gaan uitmaken van het straatbeeld van Ceuta niet verdwenen.

“Een stad op zichzelf”

Op verschillende plekken in de enclave zijn geïmproviseerde kampen ontstaan. Verschillende inwoners omschreven ze tegenover The Epoch Times als “een stad op zichzelf”.

Langs de stranden van Benítez en El Trampolín staan rijen provisorische onderkomens, op slechts enkele meters van de zee. Bamboestokken en riet vormen het geraamte van dicht op elkaar gebouwde hutjes. De openingen zijn dichtgemaakt met karton, lappen stof, plastic en tape, als enige bescherming tegen de weersomstandigheden.

In de kampen is bovendien een eenvoudige vorm van economie ontstaan. Langs het strand verkopen geïmproviseerde kraampjes sigaretten, eten, drinken en andere dagelijkse benodigdheden tegen lage prijzen.

Geïmproviseerde tenten staan dicht op elkaar op Playa de Benítez in Ceuta, Spanje, op 19 september 2026. Na de overplaatsing naar een nieuw kamp bij de haven, met plaats voor 1.700 mensen, bleven meer dan 2.000 mensen zonder opvangplek achter. Etienne Fauchaire/The Epoch Times.

Op slechts enkele meters van de nederzetting bij Benítez runt de 52-jarige Jalid een klein restaurant.

“Ze hebben ons dagelijks leven afgepakt, onze zomer afgenomen en de parken van de kinderen ontnomen”, zei hij tegen The Epoch Times. “Ik noem dit geen crisis. Ik noem het een invasie.”

De mannen die The Epoch Times in het kamp sprak, beschreven hun verblijf in Ceuta echter als tijdelijk.

Geen van hen zei van plan te zijn zich in de enclave te vestigen. Voor hen is Ceuta vooral een toegangspoort tot het Europese vasteland, waar ze hopen werk te vinden en aanzienlijk meer te verdienen dan in hun thuisland.

Mustapha (39) vertelde dat hij in Marokko als pizzabakker werkte en daar ongeveer 350 euro per maand verdiende. Yassine (22), automonteur, en Ahmed (23), stukadoor, zeiden dat zij ieder ongeveer 300 euro per maand verdienden.

Alle drie zeiden ze dat lage lonen en beperkte economische vooruitzichten hen ertoe hadden aangezet de oversteek te maken, nadat berichten en beelden over de massale oversteek zich via sociale media snel hadden verspreid.

Wat ze in Ceuta aantroffen, bleek ver verwijderd van de toekomst waarop ze hadden gehoopt.

Ze beschreven het leven in het strandkamp als een dagelijkse strijd, gekenmerkt door slechte hygiënische omstandigheden, weinig veiligheid en soms niet meer dan één maaltijd per dag. Volgens hen ontstaan er af en toe gevechten tussen migranten, vaak na diefstallen.

Bamboestokken, karton en plastic zeil vormen een geïmproviseerde beschutting boven een matras en verspreide persoonlijke bezittingen op Playa de Benítez in Ceuta, Spanje, op 19 september 2026. Het gezicht van de persoon op de foto is op diens verzoek onherkenbaar gemaakt. Etienne Fauchaire/The Epoch Times.

Jalid zei dat veel van de mannen die op slechts korte afstand van zijn restaurant verblijven misschien niet met de bedoeling waren gekomen om problemen te veroorzaken. Maar voor hem verandert dat weinig aan de gevolgen die hun komst heeft voor de mensen die er al woonden.

“Er zullen ongetwijfeld veel goede mannen tussen zitten”, zei hij, “maar ze komen allemaal meedogenloos voor hun eigen belangen op, zonder zich te bekommeren om wat hun aanwezigheid betekent voor de mensen die hier wonen, of om het feit dat ze hier illegaal en met geweld zijn binnengekomen.”

“Er komt een opstand”

Dat gevoel van frustratie klonk ook door tijdens de demonstratie van zondag. Na zeven weken te hebben geleefd met de gevolgen van de massale grensoverschrijdingen, zeiden veel demonstranten dat ze het wachten op een oplossing van de regering zat waren.

“We kunnen het niet langer aan. Daarom zijn we hier naar de grens gekomen, zodat er naar ons wordt geluisterd”, zei Miguel Ángel, een verkoper, tegen The Epoch Times. “Maar als er niets gebeurt, moeten we dan niet het heft in eigen handen gaan nemen?”

(Boven) Inwoners van Ceuta zwaaien met Spaanse en lokale vlaggen terwijl ze langs de kustweg naar de grensovergang bij Tarajal marcheren tijdens een betoging georganiseerd door buurtverenigingen, op 20 september 2026. (Onder) Betogers houden een grote Spaanse vlag omhoog en zwaaien met Spaanse, Ceutaanse en EU-vlaggen voor de grensovergang bij Tarajal, aan het einde van een mars in Ceuta, Spanje, op 20 september 2026. (Etienne Fauchaire/The Epoch Times)

Ana Belén zei dat de inwoners van de stad inmiddels hun geduld verliezen.

“Als iemand je land illegaal binnenkomt, moet die binnen 48 uur worden teruggestuurd”, zei ze. “We hebben maatregelen nodig, geen woorden. De inwoners zijn de toespraken zat. Als er niets gebeurt, komt er een opstand.”

Voor haar is de verandering die Ceuta de afgelopen weken heeft doorgemaakt eenvoudig samen te vatten.

“Wij, de inwoners van Ceuta, leven momenteel alsof we ons in één groot vluchtelingenkamp bevinden”, zei ze.

Origineel gepubliceerd door The Epoch Times (24 september 2026): On the Streets of Ceuta, Tensions Rising Amid Migrant Crisis