Sunday, 23 Jun 2024
Wang Huijuan houdt een display vast om Chinese toeristen te helpen de feiten te begrijpen over de vervolging van Falun Gong door de Chinese Communistische Partij in China, voor het Empire State Building in New York City op 12 januari 2017. (Samira Bouaou/Epoch Times)

Een vreedzame oproep tot vrijheid 25 jaar geleden klinkt vandaag nog na

Ongeveer 10.000 mensen kwamen op een lentedag in 1999 samen in Peking in een van de grootste protesten in de recente geschiedenis van China - bekend als de oproep van 25 april.

Een hoge ambtenaar reed voorbij. Toen dook de anti-oproerpolitie op. Ze sloegen en schopten en gooiden tientallen mensen in busjes. Een grijsharige vrouw viel flauw toen de politie haar wegsleepte, waarbij haar rug over de grond schuurde.

Ambtenaren van de stad vertelden de rest van de verdwaasde demonstranten in Tianjin, een megastad in het oosten van China, dat ze naar Peking moesten gaan om in beroep te gaan als ze de 45 gevangenen vrij wilden krijgen.

Dat deden ze ook, hoewel het bloedbad op het Plein van de Hemelse Vrede tien jaar eerder nog steeds een litteken bij hen naliet.

Uiteindelijk kwamen 10.000 mensen rustig samen in Peking op een dag in 1999, die nu herinnerd wordt als de 25 april-oproep – een van de grootste protesten in de recente geschiedenis van communistisch China.

Ondanks dat het 25 jaar geleden is, zeggen degenen die er die dag bij waren dat hun vraag nu nog net zo relevant is als toen.

Wang Huijuan, toen 28 jaar oud en onderwijzeres op een lagere school, hield de arm van haar man stevig vast toen ze toekeek hoe de politie arrestaties deed voor haar neus in Tianjin. Maar het duurde niet lang voordat ze besloot zich aan te sluiten bij de oproep voor de vrijlating van haar medebeoefenaars. Die ochtend op 25 april huilde ze terwijl ze haar 5-jarige dochter ten afscheid knuffelde voordat ze in een taxi stapte naar Peking, zo’n 128 km verderop.

“Ik dacht toen dat het niet uitmaakte wat er met me zou gebeuren, ik moest naar voren stappen en mijn gedachten aan de [autoriteiten] vertellen,” vertelde Wang, nu in New York, aan The Epoch Times. “Als ik niet terugkom, dan is dat maar zo.”

In 1999 was Falun Gong, de meditatie die ze beoefende, populair in China. Ongeveer 70 tot 100 miljoen Chinezen koesterden het idee om hun leven te leiden op basis van de principes waarachtigheid, mededogen en verdraagzaamheid, de essentie van de beoefening. Wang schrijft de meditatiebeoefening toe aan het herstel van haar gezondheid en het vullen van haar leven met “zonneschijn en hoop.”

Beoefenaars van Falun Gong doen oefeningen in Guangzhou, China, voordat de vervolging begon in juli 1999. (Met dank aan Minghui.org)

Maar de omgeving veranderde.

Agenten in burger hielden Wang en anderen in de gaten in een openbaar park toen ze bijeenkwamen om Falun Gong-oefeningen te doen. Een door de staat uitgegeven tijdschrift publiceerde een artikel waarin de beoefening werd belasterd. Toen een groep beoefenaars om een rectificatie vroeg, stuurde het openbare veiligheidsbureau van Tianjin oproerpolitie om hen in elkaar te slaan en te arresteren. Ze arresteerden 45 beoefenaars.

Toen het nieuws van het politiegeweld zich begon te verspreiden, besloten Falun Gong-beoefenaars in het hele land naar Zhongnanhai te reizen, het hoofdkwartier van de top van de Chinese Communistische Partij (CCP), om te vragen om de vrijlating van de gevangenen in Tianjin en om de vrijheid om hun geloof te belijden.

Beoefenaars van Falun Gong verzamelen zich bij een universiteit om de intrekking te eisen van een artikel in een staatsblad waarin hun beoefening belasterd wordt, in Tianjin, China, in april 1999. (Bestandsfoto)

‘Peking heet u welkom’

Bij het aanbreken van de dag begon Ouyang Yan, toen een 48-jarige administratief medewerkster aan de Communicatie Universiteit van China in Peking, naar Zhongnanhai te fietsen. Ze was een van de eersten die aankwam. Er waren weinig mensen op straat, maar overal stonden politieauto’s geparkeerd.

“We dachten, zijn we te vroeg gekomen?” vertelde mevr. Ouyang, die nu in Seattle woont, aan The Epoch Times. “Hoe komt het dat er niemand is?”

Beoefenaars van Falun Gong verzamelen zich op straat bij Zhongnanhai, het hoofdkwartier van het Chinese leiderschap, tijdens een vreedzaam protest in Peking op 25 april 1999. (Illustratie door The Epoch Times, Minghui.org)

Maar binnen een half uur kwamen er meer Falun Gong-beoefenaars bij. Sommigen arriveerden ‘s middags omdat ze met het vliegtuig waren gekomen. Er waren mensen van alle leeftijden, waaronder mensen van in de 80 en een moeder met een pasgeboren baby van 2 weken.

“Ik heb nog nooit zoveel mensen bij elkaar gezien, zelfs niet op tv,” zei mevr. Wang.

Voor een ongeorganiseerde bijeenkomst waren de beoefenaars verrassend ordelijk.

Ze stelden zich op langs de voetgangerspaden; sommigen liepen rond om zwerfvuil op te rapen. Het was vredig genoeg dat de politie, aanvankelijk gespannen, geleidelijk ontspande en op de stoeprand ging zitten om met elkaar te kletsen, aldus mevr. Wang. De dochter van mevr. Ouyang stond te studeren voor een examen en legde boeken op de rug van haar ouders.

Op een gegeven moment hoorde mevr. Ouyang dat enkele CCP-functionarissen in Zhongnanhai een ontmoeting wilden met vertegenwoordigers van het protest. Ze zei dat ze zich bijna zelf had aangemeld, ook al was ze geen geweldige spreker.

“Die dag had ik zoveel vertrouwen in mezelf dat ik aan iedereen zou kunnen uitleggen hoe geweldig de Falun Gong-beoefening is,” zei ze.

Falun Gong-beoefenaars verzamelen zich rond Zhongnanhai, het hoofdkwartier van de Chinese Communistische Partij, in Peking op 25 april 1999. (Met dank aan Minghui.org)

In de late namiddag zwaaiden motorrijders in mouwloze shirts naar hen.

“Peking heet je welkom, ik hoop dat je terugkomt,” herinnerde Wang zich dat ze zeiden.

Volgens het Falun Dafa Informatiecentrum zijn twee leden van de Falun Dafa Onderzoeksvereniging en drie andere beoefenaars uit Peking naar de Staatsraad gegaan om te praten met ambtenaren van de CCP. Ze legden drie verzoeken voor, waaronder de vrijlating van de demonstranten in Tianjin. Bij het vallen van de avond voldeden de autoriteiten van Tianjin aan het verzoek.

Mevr. Ouyang zei dat de meeste deelnemers het protest om 21.00 uur hadden verlaten, maar zij en haar man bleven nog een uur. Ze wachtten op haar moeder en hielpen haar met het oprapen van afval in de buurt.

Zhao Ruoxi, nu een lerares Chinese taal in New York, was in 1999 presentatrice van een staatsradiostation in Tianjin. Toen ze die avond hoorde dat de gevangenen waren vrijgelaten, ging ze naar het plaatselijke politiebureau om ze op te halen. De plaatselijke politieagenten trakteerden hen allemaal op een uitgebreide maaltijd.

Mevr. Zhao zei dat de ambtenaren haar vertelden dat de arrestaties allemaal een “misverstand” waren.

“We kenden de situatie niet; als we dat hadden geweten, hadden we jullie niet gearresteerd,” herinnert ze zich dat ze zeiden.

Politieagenten staan voor Falun Gong-beoefenaars bij Zhongnanhai, het hoofdkwartier van de Chinese Communistische Partij, in Peking op 25 april 1999. (Met dank aan Minghui.org)

‘Intentie om in te kaderen’

Daar had het kunnen eindigen. Maar slechts drie maanden later beval de toenmalige leider van de CCP, Jiang Zemin, een landelijke campagne om Falun Gong uit te roeien.

Op de dag dat Jiangs bevel uitkwam, op 20 juli 1999, klopte de politie aan bij de huizen van mevr. Wang en mevr. Zhao.

De man van mevr. Wang, toen een presentator op de staatstelevisie, en mevr. Zhao werden meegenomen voor ondervraging. Wangs school hield haar de volgende dag in hechtenis.

De Chinese staatsmedia verdraaiden de feiten over het vreedzame protest en publiceerden herhaaldelijk propaganda over de gebeurtenis, waarbij ze het vaak beschreven als een “belegering” tegen het CCP-leiderschap. Maar sommige beoefenaars, die er nu op terugkijken, geloven dat het Chinese regime het al die tijd gepland had.

“Als er een intentie is om iemand in de val te lokken, is er geen gebrek aan excuses,” vertelde mevr. Wang aan The Epoch Times.

De politie blokkeert de noordkant van de Fuyou-straat in de buurt van Zhongnanhai, het centrale hoofdkwartier van de Chinese Communistische Partij, in Peking op 25 april 1999. (Met dank aan Minghui.org)

Bij de oproep op 25 april, zei ze, wisten veel beoefenaars zoals zij eerst niet waar ze heen moesten gaan. De politieagenten leidden hen naar bepaalde plekken. Uiteindelijk werden de beoefenaars gedirigeerd om zich te verzamelen op de trottoirs van twee straten naast Zhongnanhai, waardoor het leek alsof ze opzettelijk het hoofdkwartier van de CCP hadden “omsingeld.”

Later hoorde ze dat verschillende ziekenhuizen in Peking in de buurt van Zhongnanhai die dag waren ontruimd ter voorbereiding op de behandeling van ernstige verwondingen.

Mevr. Wang zei dat er aanvankelijk een “gevoel van terreur” in de lucht hing.

“De ene politiewagen na de andere reed voorbij,” zei ze. “Het was de kalmte [van de indieners] die het geweld oploste.”

Duizenden Falun Gong-beoefenaars staan in een rij op straat voor Zhongnanhai, het hoofdkwartier van de Chinese Communistische Partij, tijdens een vreedzaam protest in Peking op 25 april 1999. (Goh Chai Hin/AFP via Getty Images)

Mevr. Ouyang zei dat toen ze voor het eerst aankwam en rondliep, ze door de politie werd tegengehouden bij het oversteken van een brug die naar het Beihai-park leidde, dat enkele blokken van Zhongnanhai ligt. Ze zei dat de instructies van de politieagenten erop wezen dat de Chinese autoriteiten al voor het begin van het vreedzame protest bepaalde afspraken hadden gemaakt.

Een paar straten ten zuiden van waar ze zich verzamelden, stond een groot aantal politiebusjes te wachten.

“Ze hadden diezelfde avond nog mensen kunnen arresteren als [de autoriteiten] dat hadden besloten,” zei ze.

‘Beste geschenk’

Drie jaar later, in 2002, werden Wang en haar man allebei ontslagen en gearresteerd omdat ze dvd’s hadden gemaakt waarin ze de vervolging door de CCP aan de kaak stelden en de propaganda van het regime over Falun Gong ontkrachtten. Ze werden zeven jaar lang op verschillende plaatsen opgesloten omdat ze weigerden papieren te ondertekenen waarin stond dat ze “getransformeerd” waren, een soort eufemisme voor het opgeven en belasteren van iemands geloof.

Hun dochter mocht hen maar twee keer per jaar bezoeken.

Wang Huijuan en haar dochter in Tianjin, China, in 1999. (Courtesy of Wang Huijuan)

“Toen ze me op 8-jarige leeftijd zag, vroeg ik haar: ‘Heb je een hekel aan mama?’ Ze zei van niet. Ik vroeg haar: ‘Wil je dat mama “transformeert” en thuiskomt om voor je te zorgen, of wil je dat ik het volhoud?’ Ze zei: ‘Mam, volhouden.'”

Mevr. Wang omhelsde haar en huilde.

Volgens het Falun Dafa Informatiecentrum zijn miljoenen Falun Gong-beoefenaars opgesloten in gevangenissen, werkkampen en andere faciliteiten. Velen zijn tot de dood toe vervolgd en sommigen waren het slachtoffer van de door de Chinese staat gesteunde gedwongen orgaanoogst.

“Behalve in China zelf … kun je Falun Gong overal vrij beoefenen en in het openbaar promoten,” zei mevr. Zhao.

“Alleen de CCP arresteert mensen die waarachtigheid, mededogen en tolerantie in praktijk brengen.”

Falun Gong beoefenaar Zhao Ruoxi neemt deel aan een parade om op te roepen tot het beëindigen van de vervolging van haar geloof door de Chinese Communistische Partij in de wijk Flushing in Queens, N.Y., op 23 april 2023. (Chung I Ho/De Epoch Times)

De oproep van 25 april heeft mevr. Wang altijd geïnspireerd.

“Het was een eer om daar te staan,” zei ze.

“Soms denk je misschien dat je helemaal alleen bent, maar als je aan deze mensen denkt op 25 april, met zovelen die daar allemaal staan, realiseer je je dat je eigenlijk niet alleen bent. In elke uithoek van het land is er iemand zoals jij, die pijn lijdt en zich in stilte opoffert. Ze offeren alles op voor de waarheid.”

Het was een ervaring om angst te overwinnen en de waarheid te spreken, zei ze.

“Het was een heilig gevoel.”

Wang Huijuan, haar dochter en haar man demonstreren hun meditatiebeoefening in hun huis in Queens, New York, op 8 januari 2016. (Samira Bouaou/Epoch Times)

Na haar vrijlating runde Wang een bruidswinkel. Op een dag kwam er een jonge man van rond de 30 binnen die met haar praatte over hoe hij naar een buitenlandse televisiezender had geluisterd die verslag deed van hoe vreedzaam de oproep van 25 april was. Hij wilde meer weten over Falun Gong.

“Wie durfde er na 4 juni naar het Tiananmenplein te gaan om een petitie in te dienen?” zei hij, verwijzend naar het bloedbad op het Tiananmenplein in 1989. Mevr. Wang gaf hem “Zhuan Falun”, het belangrijkste leerboek van de meditatiepraktijk. Een paar maanden later nodigde de man mevr. Wang en haar man uit om bij hem thuis te komen eten.

Tijdens de maaltijd hief hij zijn glas en zei: “Bedankt dat je ons hebt laten kennismaken met waarachtigheid, mededogen en verdraagzaamheid. Dit is het beste geschenk voor ons.”

“Dit is de impact van 25 april,” zei mevr. Wang.

‘Een baken van hoop’

Op de dag van de oproep kreeg Elizabeth Huang, die zich zo’n 1600 km zuidwaarts bevond, in de stad Guangzhou, om 18.00 uur plaatselijke tijd een telefoontje van een medebeoefenaar. De beoefenaar vertelde haar over het protest in Peking en mevr. Huang voelde onmiddellijk de drang om mee te doen. Ze overwoog om de volgende dag een vroege vlucht naar Peking te boeken.

Haar reis ging nooit door. Om ongeveer 22.30 uur nam mevr. Huang contact op met een beoefenaar die bij het protest aanwezig was geweest en hoorde dat de bijeenkomst net beëindigd was. Aanvankelijk zei ze dat ze “erg geschokt” was toen ze hoorde dat de Chinese autoriteiten ermee ingestemd hadden om de gevangen beoefenaars vrij te laten, omdat ze dacht dat mensen in China gewoonlijk allerlei moeite moesten doen om iemand vrij te krijgen.

“Die nacht heb ik heel goed geslapen,” vertelde mevr. Huang aan The Epoch Times. “Ik geloofde toen dat het stof was neergedaald en dat ik me geen zorgen meer hoefde te maken over beoefenaars die in de toekomst mishandeld zouden worden door de autoriteiten.”

Elizabeth Huang in San Francisco op 13 september 2014. (Met dank aan Elizabeth Huang)

Mevr. Huang, nu 53 jaar, woont in de San Francisco Bay Area en is sinds 2013 in de Verenigde Staten. Ze verliet China in 2009 vanwege de vervolging.

Voordat ze China verliet, werkte ze voor een staatsmediakanaal en hielp ze een keer bij het verslag doen van een lokaal evenement over Falun Gong vóór het begin van de vervolging door de CCP.

Een verslag van Yangcheng Evening News van 10 november 1998, waarin staat dat 5.000 Falun Gong-beoefenaars Falun Gong oefeningen deden in een park in Guangzhou, China. (Met dank aan Minghui.org)

Ze begon te werken bij de in Guangzhou gevestigde krant Yangcheng Evening News op 21 december 1994. In december van dat jaar, toen ze nog stagiaire was, gebruikte ze haar perskaart om een lezing van de oprichter van Falun Gong, Li Hongzhi, bij te wonen in een plaatselijk sportzaaltje. Drie jaar later begon ze Falun Gong te beoefenen.

Op 8 november 1998 was mevr. Huang inmiddels redactrice geworden bij de krant. Ze ging ‘s ochtends met haar collega’s naar een plaatselijk oefenterrein voor een opdracht en zag bijna 5.000 Falun Gong-beoefenaars samen oefeningen doen. Twee dagen later publiceerde de krant een artikel met de titel “Mensen van alle leeftijden beoefenen Falun Gong”. De hotline op kantoor kreeg al snel een enorm aantal telefoontjes van nieuwsgierige lezers die meer wilden weten over de beoefening.

Maar in de maanden na de publicatie van het artikel, zei ze, veranderde haar werkplek langzaam. Ze herinnerde zich dat haar collega’s en superieuren, die waarschijnlijk waren blootgesteld aan de negatieve berichtgeving over Falun Gong in andere door de staat gecontroleerde media, haar eraan begonnen te herinneren dat het misschien geen goed idee was om met de beoefening te beginnen.

Mevr. Huang zei dat haar collega’s die betrokken waren bij de publicatie van het artikel uit 1998 werden onderworpen aan een proces van “zelfkritiek” en gedwongen werden te zeggen dat het een vergissing was om de beoefening van de Falun Gong-groep te publiceren.

Mevr. Huang betreurt het nog steeds dat zij op 25 april 1999 niet kon aansluiten bij het protest.

Ze wenste dat ze er was geweest als “een van de lichtjes” die een baken van hoop en goedheid vormden.

Origineel gepubliceerd op The Epoch Times (25 april 2024): A Peaceful Appeal for Freedom 25 Years Ago Still Echoes Today

Hoe u ons kunt helpen om u op de hoogte te blijven houden

Epoch Times is een onafhankelijke nieuwsorganisatie die niet beïnvloed wordt door een regering, bedrijf of politieke partij. Vanaf de oprichting is Epoch Times geconfronteerd met pogingen om de waarheid te onderdrukken – vooral door de Chinese Communistische Partij. Maar we zullen niet buigen. De Nederlandstalige editie van Epoch Times biedt op dit moment geen betalende abonnementen aan en aanvaardt op dit moment geen donaties. U kan echter wel bijdragen aan de verdere groei van onze publicatie door onze artikelen te liken en te her-posten op sociale media en door uw familie, vrienden en collega’s over Epoch Times te vertellen. Deze dingen zijn echt waardevol voor ons.