Het raakvlak tussen beeldende kunst en literatuur biedt een vruchtbare bodem voor creativiteit. Een van de grote schatten van de westerse beschaving is de voortdurende “conversatie” die door de eeuwen heen plaatsvindt tussen dichters, schilders en filosofen, die allemaal reageren op elkaars ideeën en artistieke uitingen. Elk literair geïnspireerd kunstwerk geeft commentaar op de literatuur die het voortbracht. Het interpreteert de visie van de auteur, voegt diepte toe aan het werk van de schrijver en wordt tegelijkertijd een nieuwe visie – een nieuw kunstwerk op zichzelf.
Het verkennen van deze artistieke conversatie is een waar genot voor zowel literatuurcritici als kunstkenners. In een synergetische wederkerige relatie werpt de kunst licht op de poëzie, terwijl de poëzie licht werpt op de kunst.
Hier zijn vijf voorbeelden van artistiek samenspel op zijn best.
‘Landschap met de val van Icarus’ door Pieter Bruegel (1560)
Net als de stam van een boom groeit dit schilderij van de Nederlandse meester Pieter Bruegel de Oude uit een literaire traditie en vormt het de basis voor latere literaire uitlopers. Bruegel beeldde een scène uit uit de Griekse mythe van Icarus en Daedalus.

In de mythe werft koning Minos van Kreta de uitvinder Daedalus aan om een ingewikkeld labyrint te bouwen waaruit men onmogelijk kan ontsnappen, als gevangenis voor het monster van de Minotaurus. Maar nadat Daedalus zijn taak heeft volbracht, staat koning Minos de uitvinder en zijn zoon Icarus niet toe om terug te keren naar huis. Minos sluit hen op in een toren.
De vindingrijke Daedalus maakt twee paar vleugels van veren en was zodat hij en zijn zoon kunnen ontsnappen. Maar Icarus negeert de waarschuwingen van zijn vader en vliegt te dicht bij de zon. De was smelt, de veren vallen weg en Icarus stort zich te pletter in de oceaan.
Bij het uitbeelden van het moment van Icarus’ ondergang maakte Bruegel een interessante keuze. Hij plaatste Icarus en zijn botsing met de oceaan op de achtergrond, zo klein dat een voorbijganger niet eens zou merken dat de twee kleine beentjes in de diepgroene zee verdwijnen. Bruegels schilderij richt zich op een groot, prachtig schip op weg naar zee en op een ploeger die een akker bewerkt op de voorgrond.
Het beroemde schilderij inspireerde een bekend gedicht van de modernistische dichter W.H. Auden. Daarin reflecteerde Auden op hoe de meeste figuren op Bruegels schilderij zich niet bewust zijn van de tragedie van Icarus:
Over lijden hadden ze het nooit mis,
De oude meesters: hoe goed ze
De menselijke positie ervan begrepen; hoe het plaatsvindt
Terwijl iemand anders aan het eten is of een raam opent of gewoon sloom langsloopt
Zo brengt grote kunst nieuwe kunst voort in een onophoudelijke cyclus.
‘Andromache rouwt om Hector’ door Jacques-Louis David (1783)
Lezers van de “Ilias” zijn bekend met een van de meest prachtige en ontroerende details, de relatie tussen de Trojaanse held Hector en zijn liefhebbende vrouw Andromache. Hector is de prins van Troje die de stad verdedigt tegen de belegerende Grieken. Zijn leiderschap, moed en vechtkunst maken hem tot de belangrijkste steunpilaar voor de veiligheid van de stad. Hij is ook een attente vader en echtgenoot.
Een van de meest ontroerende scènes van het gedicht vindt plaats wanneer Hector na de strijd de stad weer binnenkomt om zijn Andromache en hun zoon Astyanax te bezoeken. Hij speelt teder met de jongen en troost zijn vrouw, die hem smeekt niet terug te keren naar de oorlog. Ondanks haar protesten keert Hector terug naar de strijd, vooral om haar veiligheid te garanderen.
Uiteindelijk faalt hij echter en wordt door de machtige hand van Achilles tot stof vergruisd. Davids schilderij toont Andromache en Astyanax treurend om Hectors lichaam.
David schilderde de scène met zoveel technische vaardigheid en dramatische pathos dat hij er in 1784 mee werd verkozen tot lid van de Académie Royale.

In Davids weergave valt het licht het zwaarst op de ontroostbare Andromache. Ze wendt haar ogen naar boven en weg van Hectors lichaam, dat voor haar is uitgestrekt. Het lijk wordt half overschaduwd. De duisternis lijkt op te rukken vanaf de linkerkant van het werk, als de schaduw van de dood zelf.
‘De banketscène in Shakespeares “Macbeth”’ door Daniel Maclise (1840)
Dit krachtige schilderij van Daniel Maclise beneemt kijkers de adem door het levensechte gebruik van licht en schaduw, de beklemmende sfeer en dramatische poses.
Het verbeeldt het moment in Shakespeares “Macbeth” waarop het hoofdpersonage de geest van zijn slachtoffer en vroegere vriend, Banquo, ziet. Het slachtoffer zit op Macbeths eigen troon tijdens een feest dat de koning houdt voor zijn graven. Banquo werd het slachtoffer van Macbeths nachtmerrieachtige afdaling in jaloezie, paranoia en wreedheid. Macbeth reageert geschokt en vol afschuw op het spookachtige visioen. Zijn vrouw, Lady Macbeth, probeert snel zijn vreemde gedrag te verklaren aan de verwarde gasten, die de geest niet kunnen zien.

Van de wilde, uitslaande vlammen van de kroonluchter tot de armzwaai van Lady Macbeth en de terugdeinzende figuur van Macbeth (in contrast met het stille silhouet van de rug van de geest) bezit het schilderij een krachtige, lichtelijk losgeslagen energie. Het weerspiegelt Macbeths bijna-gekte terwijl hij de controle over zijn situatie begint te verliezen.
De donkere schaduwen aan de randen van de compositie reflecteren de duisternis, de hekserij en het kwaad dat Macbeth omringt in Shakespeares meest duistere tragedie. Lady Macbeth is de dominante en meest helder verlichte figuur in het schilderij, een keuze in de compositie die ongetwijfeld haar grote invloed op haar man en op de macabere gebeurtenissen in het stuk weerspiegelt.
‘Ophelia’ door Sir John Everett Millais (1851)
Het werk van Shakespeare is favoriet bij kunstenaars, en hier hebben we weer een scène uit een Shakespeare-tragedie, dit keer geschilderd door Sir John Everett Millais. Millais beeldt op aangrijpende wijze de laatste momenten van Ophelia uit “Hamlet” uit.
Ophelia is de geliefde van Hamlet. Ze wordt gek nadat Hamlet, rouwend om de dood van zijn vader, de koning van Denemarken, zich grillig begint te gedragen en per ongeluk haar vader, Polonius, doodt. Na deze tragedie zwerft het meisje doelloos door de wildernis, zingt vreemde liedjes en verdrinkt uiteindelijk in een beek.

Millais schildert Ophelia vlak voordat ze onder water gaat, haar lippen nog geopend in gezang, haar kleren en haar wapperen om haar heen in het water, een paar bloemen slap in haar hand. De rijke kleuren en de vreemde, statueske houding van de half onder water liggende vrouw trekken de aandacht.
Zoals Janie Slabbert schreef voor “The Collector”: “Zelfs in de dood bezit ze een air van gratie en sereniteit, haar handen zachtjes omhoog gedraaid alsof ze haar einde heeft geaccepteerd.” Ophelia’s open armen geven inderdaad aan dat ze bereid is om te omarmen wat komen gaat: haar naderende dood.
‘De dame van Shalott’ door John William Waterhouse (1888)
In dit schilderij illustreerde John William Waterhouse een scène uit het werk van zijn tijdgenoot, de grote dichter Alfred, Lord Tennyson. Tennyson was erg geïnspireerd door de Arthurlegenden, nog zo’n voorbeeld van kunst die meer kunst voortbrengt. Hij schreef er een aantal hervertellingen van in verzen, waaronder de bundel “Idylls of the King”.
Een apart, op zichzelf staand gedicht, “De dame van Shalott”, vertelt het verhaal van een dame die in een toren bij een rivier woont die naar Camelot stroomt. Ze is het slachtoffer van een vloek die haar verbiedt om rechtstreeks naar de wereld te kijken. Als ze dat wel doet, zal ze sterven. Ze kan alleen naar buiten kijken door in een spiegel te kijken. Wat ze ziet weeft ze tot tapijten. Uiteindelijk kiest de dame van Shalott er echter voor om de regel te verbreken. Ze kijkt rechtstreeks naar Camelot en verzekert zo haar eigen dood. Ze verlaat haar toren, vindt een boot en vaart de rivier af naar Camelot. Ze sterft voordat ze aankomt.

Een van de beroemdste schilderijen van Waterhouse, “De dame van Shalott” toont de heldin in haar boot, de rivier opvarend, haar dood tegemoet. Het is opmerkelijk vanwege de combinatie van foto-achtig realisme vermengd met een mystieke en fantastische sfeer. Met volle, rijke details en kleuren bracht Waterhouse het moment tot leven, vlak voor de dood haar intrede deed.
Kijkers kunnen de wetenschap van haar naderende dood aflezen aan haar gezicht, dat intens rouwig, vermoeid, breekbaar en toch vredig oogt. Ze zit rechtop, één arm lichtjes uitgestrekt, haar blik voor zich gericht alsof ze vastbesloten is om zoveel mogelijk van de wereld in zich op te nemen voordat die haar ontglipt.
Net als de dame van Shalott die de wereld in een spiegel ziet, zagen de grote kunstenaars in dit rijtje de wereld weerspiegeld in de mythen, gedichten en verhalen die ze probeerden te illustreren. Hun kunstwerken worden een soort dubbele reflectie van de werkelijkheid doordat de literatuur en de kunst samenvallen om waarheid en schoonheid scherper in beeld te brengen, als op elkaar geplaatste lenzen in een telescoop.
Gepubliceerd door The Epoch Times (12 april 2025): These 5 Great Paintings Depict Famous Scenes From Literature





