20 augustus 2026
FOTO Kunstmusea zijn van oudsher ontworpen als plekken van bezinning. Ze nodigen bezoekers uit om te vertragen, te reflecteren en zich te verbinden met het kunstwerk. Toch lijkt die houding van aandacht en bewondering steeds zeldzamer te worden in het dagelijkse leven. Jane_Zh/Shutterstock

Een lofzang ter ere van de bewondering: de houding die het leven gelukkiger maakt

Kunst, mededogen en geluk beginnen allemaal met hetzelfde eenvoudige gebaar: even bij iets blijven stilstaan, het zien en het goede prijzen.

Wanneer las u voor het laatst een opiniestuk of zag u een videoclip die niet draaide om kritiek—op een politicus, een groep, een ideologie of een dreiging? Wanneer kwam u online nog pure lof of bewondering tegen? Voor velen is de verhouding zoekgeraakt: kritische stemmen overheersen, vaak in een verhouding van tien tegen één.

Onze samenleving lijkt te lijden aan een vorm van chronisch scepticisme. Boze woorden en controverses domineren het publieke debat en overschaduwen alles. Kritiek verkoopt, prikkelt emoties en streelt het ego. Scherpe opmerkingen geven zowel schrijver als lezer een zekere, zij het wrange, voldoening. Zelfs wie dit fenomeen bekritiseert, ontsnapt er nauwelijks aan. De neiging tot kritiek is diep verankerd geraakt in ons discours.

Toch is het niet de bedoeling om hier ook nog eens kritiek te leveren, maar juist om lof te betuigen. De ondergewaardeerde kunst van het bewonderen verdient herwaardering. Want hoe bevredigend kritiek ook kan zijn, bewondering raakt aan iets fundamentelers in de menselijke natuur—en draagt bij aan een gelukkiger leven.

Vrijheid van het zelf

In een kort maar treffend artikel in First Things bezong Elizabeth C. Corey hoe waardevol bewondering is. Ze stelt vast dat die houding weinig aanzien geniet in een cultuur die ons aanspoort onszelf voortdurend te profileren, vaak ten koste van anderen. Haar eenvoudige maar wezenlijke vraag luidt: “Wat als we in plaats daarvan onze blik naar buiten zouden richten, op alles wat de wereld ons te bieden heeft om te bewonderen?”

Die verschuiving levert volgens haar in de eerste plaats innerlijke vrijheid op. Bewondering en verwondering helpen ons te ontsnappen aan de benauwende focus op onszelf.

“Wanneer we bewonderen, worden we bevrijd van gedachten over onszelf,” schreef Corey. “Hoe beter we zijn in bewonderen, hoe minder ons ego zich ermee bemoeit.”

Wie zich verliest in bewondering, ervaart iets wat grenst aan extase—letterlijk: buiten zichzelf treden en opgaan in het object van bewondering. Het is een moment van transcendentie.

De filosoof Josef Pieper verwoordde het zo in Geluk en contemplatie: „Hoe prachtig is water, een roos, een boom, een appel, een menselijk gezicht – zulke uitroepen kunnen nauwelijks worden uitgesproken zonder tegelijkertijd uiting te geven aan een instemming en bevestiging die verder reikt dan het geprezen object en raakt aan de oorsprong van het universum.“

Alles is prachtig

Een houding van bewondering leidt tot een rijkere, vreugdevollere ervaring van de wereld dan een houding van onverschilligheid of vijandigheid. Wie heeft een diepere en rijkere belefenis als hij een paard ziet: de voorbijganger die alleen de geur van de stal opmerkt, of het meisje dat is opgegroeid met bewondering voor paarden, denkt aan paarden en die bij haar eerste bezoek aan een stal als iets bijzonders ervaart?

Wie leert bewonderen, begeeft zich op een onuitputtelijke schattenjacht. De wereld zit vol dingen die verwondering oproepen—mits men bereid is ze te zien.

Corey wijst erop dat kennis die ervaring verdiept: “Hoe meer we van de wereld weten, hoe meer we vinden om te bewonderen. We kunnen dan met plezier niet alleen kijken naar natuurlijke en menselijke schoonheid, maar ook naar complexere zaken, zoals schilderkunst, poëzie, filosofie en zelfs moreel gedrag. De uitmuntendheid van bepaalde mensen is vaak de meest ontroerende schoonheid van allemaal.”

Daarmee raakt ze aan een ander belangrijk punt: bewondering is een kenmerk van een ontwikkelde geest.

“Leren schoonheid en voortreffelijkheid te waarderen is ook de essentie van een brede opleiding,” schreef ze.

Leren en bewonderen versterken elkaar. Een brede opleiding leidt idealiter tot “de ontwikkeling van een ontvankelijk bewustzijn, een neiging tot waardering”.

Het herinnert aan Plato’s bekende gedachte dat “het doel van onderwijs is ons te leren houden van het schone”. Onderwijs is meer dan feitenkennis. Iemand kan intelligent zijn en veel weten, maar toch de vorming missen die we hier beschrijven. Zonder een houding van bewondering ontbreekt de sleutel om die kennis werkelijk te begrijpen.

Ook kunst krijgt in dit licht haar diepere betekenis. De beste kunst ontstaat uit verwondering en eindigt in bewondering.

Zoals Pieper schreef: “Uit dit soort contemplatie over alles wat geschapen is in deze wereld, vloeien in oneindige rijkdom alle ware poëzie en alle echte kunst voort, want het is de aard van poëzie en kunst om lofzang en lof te zijn die boven alle klaagkreten uit te horen is.”

Zelfs wanneer kunst tragedie of kwaad verbeeldt, blijft zij gericht op iets groters: de waardigheid van de mens en de mogelijkheid van verlossing en vernieuwing. In essentie bevestigt zij het bestaan.

De vreugde van schoonheid

Misschien wel de belangrijkste reden om bewondering te cultiveren, is dat zij leidt tot geluk. Kritiek kan kortstondige voldoening geven, maar mist diepgang en duurzaamheid. Werkelijk geluk komt voort uit de aanwezigheid van wat en wie we liefhebben—en uit het vermogen om dat te waarderen.

Pieper verwoordde het als volgt: “Alleen de aanwezigheid van het geliefde ding of de geliefde persoon zorgt voor geluk. Dat wil zeggen: zonder liefde is er geen geluk; als er geen vonk van instemming en bevestiging was, zou er zelfs geen mogelijkheid tot geluk kunnen zijn. … Liefde is de onmisbare voorwaarde voor geluk.”

Wie blijft hangen in scepsis en ontevredenheid, zal het moeilijk hebben om echt gelukkig te zijn.

Dat betekent niet dat kritiek geen plaats heeft. Integendeel, zij is de keerzijde van bewondering. Maar het evenwicht lijkt zoek. Het publieke debat helt al te lang over naar de kritische kant, met als gevolg verlies van perspectief, culturele kortzichtigheid en uiteindelijk een gevoel van onbehagen.

Kritiek is misschien de gemakkelijkste en meest opwindende reflex. Maar bewondering is de noodzakelijkste.

Origineel gepubliceerd door Epoch Times (28 februari 2026): In Praise of Admiration: The Attitude That Makes Life Happier