Wat aanvankelijk begon als een reactie op economische nood door sancties en de vrije val van de Iraanse rial, is uitgegroeid tot massale demonstraties tegen het zittende regime, met oproepen tot de omverwerping van de regering van de Islamitische Republiek.
In minder dan ongeveer een week ontwikkelden de protesten zich tot een van de langstdurende en meest hardnekkige perioden van onrust die Iran de afgelopen maanden heeft gekend, aldus mensenrechtenwaarnemers.
Sinds het begin van de demonstraties zijn zeker 119 mensen gearresteerd. Daarnaast zijn ten minste acht personen om het leven gekomen en raakten 33 anderen gewond, meldt het Human Rights Activists News Agency. Volgens de organisatie hebben de protesten zich verspreid naar minstens 32 steden in meerdere provincies.
1. Valutadaling
De directe aanleiding voor de onrust was een scherpe waardedaling op de Iraanse valutamarkt. Eind december 2025 steeg de Amerikaanse dollar op de vrije markt van onder de 1 miljoen rial naar ongeveer 1,45 miljoen rial. Dat wakkerde de inflatie aan, zorgde voor onrust op de markten en vergrootte de druk op de kosten van levensonderhoud voor Iraniërs.
Stijgende huurprijzen, een tekort aan basisgoederen en wisselende lonen hebben de frustratie verder aangewakkerd. De dagelijkse moeilijkheden door te leven onder het autoritaire bewind van het islamitische regime op de achtergrond, hebben de situatie nog verergerd.
Handelaren in de historische bazaar van Teheran, die vaak wordt gezien als een barometer van economisch vertrouwen, zeiden dat zij van de ene dag op de andere moeite hadden om prijzen vast te stellen, omdat schommelingen in de wisselkoers verkopen riskant maakten.
In verschillende steden sloten winkels hun deuren en verspreidden stakingen zich samen met straatprotesten, waarbij studenten, arbeiders en kleine ondernemers zich aansloten.
De veiligheidstroepen reageerden met methoden om menigten uiteen te drijven, waaronder het gebruik van traangas en in sommige gevallen het rechtstreeks schieten op demonstranten, zo blijkt uit ooggetuigenverklaringen en online gedeelde video’s. Naarmate de protesten aanzwollen, maakten economische klachten geleidelijk plaats voor politieke leuzen.
2. Reactie van de regering
Hoewel de stemming op straat is veranderd, heeft de regering de situatie tot nu toe vooral neergezet als een economisch probleem. De autoriteiten hebben enkele topfunctionarissen op financieel gebied vervangen en beleidswijzigingen aangekondigd.
In dat kader benoemde president Masoud Pezeshkian, Abdolnaser Hemmati tot hoofd van de centrale bank. Hemmati wordt in verband gebracht met eerdere hervormingspogingen, maar werd eerder uit zijn functie ontheven nadat parlementariërs hem ervan beschuldigden problemen te hebben veroorzaakt met de wisselkoers. Zijn terugkeer heeft nieuwe politieke spanningen opgeroepen en kritiek losgemaakt bij hardliners in het parlement.
Volgens verschillende analisten kan het vervangen van enkele leiders de crisis in Iran niet oplossen. Politiek commentator Saeed Bashirtash stelde dat de verwachtingen rond het wisselen van economische topfunctionarissen misplaatst zijn.

“Het idee dat het vervangen van de president van de centrale bank de economische problemen van Iran kan oplossen, is een illusie”, zei Bashirtash in een interview met de Perzische editie van The Epoch Times. Volgens hem gaat de crisis veel dieper dan een enkele beleidswijziging.
“De Islamitische Republiek staat fundamenteel op gespannen voet met de moderne wereld”, voegde hij daaraan toe. “Het faillissement van het systeem is geworteld in zijn ideologie en constitutionele structuur”.
Volgens Bashirtash is het publieke sentiment in Iran verschoven richting de overtuiging dat hervormingen binnen het bestaande systeem niet langer mogelijk zijn.
“Zelfs als president Pezeshkian echte hervormingen zou willen doorvoeren, zou het systeem die niet toestaan”, zei hij.
Volgens Bashirtash zou het aanpakken van de economische en politieke uitdagingen van Iran een ingrijpende transformatie vereisen. De transformatie zou hernieuwde betrokkenheid bij de internationale gemeenschap, het bestrijden van systemische corruptie, het instellen van een onafhankelijke rechterlijke macht, het scheiden van religie en staat en het waarborgen van de rechten van burgers vereisen.
3. Keerpunt
Sommige analisten brengen de economische crisis die de protesten aanwakkert in verband met recente regionale en internationale ontwikkelingen. Arya Kangarloo, politiek commentator, zei dat Irans twaalfdaagse conflict met Israël in juni een keerpunt markeerde in de machtsprojectie van de Islamitische Republiek.
Kangarloo stelde dat het conflict aantoonde wat hij omschreef als de instorting van de kernstrategische instrumenten van het regime.
“Jarenlang steunde de Islamitische Republiek op twee pijlers: haar nucleaire programma en haar netwerk van proxy-milities”, vertelde hij aan The Epoch Times.
Volgens Kangarloo zijn deze proxy-milities — waaronder de terroristische groepen Hezbollah en Hamas, het Assad-regime in Syrië, Houthi-terroristen in Jemen en Iraakse milities — opgericht om Israël onder druk te zetten via gecoördineerde aanvallen op meerdere fronten. Hij zei dat Israël, door deze groepen te verzwakken, een van de belangrijkste strategische instrumenten van het islamitische regime heeft weggenomen.
Kangarloo voegde eraan toe dat de Israëlische aanvallen binnen Iran, samen met directe Amerikaanse aanvallen op drie Iraanse nucleaire locaties, een grote verandering markeerden. Deze acties doorbraken volgens hem het imago van het regime als regionale macht en lieten het in een zwakke strategische positie achter.
Kangarloo wees ook op recente stappen van Europese landen om het zogenoemde “snapback”-mechanisme te activeren, waarmee internationale beperkingen op economische betrekkingen met Iran weer van kracht zouden worden. Hij stelde dat al deze druk gezamenlijk een directe rol heeft gespeeld in de scherpe daling van de Iraanse valuta.

“Wanneer de rial bijna 8 procent van zijn waarde verliest in slechts één dag, kan normaal zakendoen niet doorgaan”, zei Kangarloo. “De bazaar is het grootste handelscentrum van Iran. Wanneer handelaren niet meer kunnen ondernemen, bereiken ze hun limiet.”
Naarmate de demonstraties zich gedurende de week voortzetten, gingen de leuzen duidelijk verder dan economische eisen. Online gedeelde video’s toonden demonstranten die scandeerden: “dood aan de dictator” en “Seyyed Ali zal dit jaar worden afgezet”, waarmee ze rechtstreeks de fundamenten van het islamitische regime uitdagen. Seyyed Ali verwijst naar de Iraanse Opperste Leider, Seyyed Ali Khamenei.
Tegelijkertijd hebben veel demonstranten zich gewend tot het pre-revolutionaire verleden van Iran. In steden door het hele land werden leuzen gehoord zoals: “Dit is de eindstrijd, Pahlavi zal terugkeren” en “Reza Shah, moge God uw ziel zegenen.”
De terugkeer van deze leuzen vestigt opnieuw de aandacht op de Iraanse kroonprins Reza Pahlavi, die het grootste deel van zijn leven in ballingschap heeft doorgebracht, maar voor velen in het land nog steeds een sterke symbolische betekenis heeft.



4. De verbannen kroonprins
Pahlavi werd geboren in Teheran op 31 oktober 1960. Hij is de oudste zoon van Mohammad Reza Shah Pahlavi, de laatste monarch van Iran, en de kleinzoon van Reza Shah Pahlavi, de stichter van de Pahlavi-dynastie. Bij de kroning van zijn vader in 1967 werd hij tot kroonprins benoemd en bracht hij zijn vroege jeugd door aan het hof.
In 1978, te midden van oplopende onrust, verliet hij Iran om in de Verenigde Staten opgeleid te worden als gevechtspiloot. Enkele maanden later brak de revolutie van 1979 uit, werd de monarchie omvergeworpen en werd de koninklijke familie gedwongen in ballingschap te gaan.
Pahlavi voltooide later zijn opleiding bij de Amerikaanse luchtmacht en behaalde een graad in politieke wetenschappen. Uiteindelijk vestigde hij zich in de buurt van Washington, waar hij met zijn vrouw en drie dochters woont.
In de loop der decennia heeft Pahlavi geprobeerd zichzelf opnieuw te definiëren als pleitbezorger van democratie en seculier bestuur, in plaats van als troonpretendent. Hij heeft herhaaldelijk opgeroepen tot een nationaal referendum, waarin Iraniërs vrijelijk het toekomstige politieke systeem van hun land zouden kunnen bepalen.

Pahlavi heeft gezegd dat hij zichzelf niet ziet als een heerser met permanente macht, maar als een boegbeeld voor een mogelijke overgangsperiode. Hij legt uit dat zijn rol zou inhouden om Iran te helpen voorbij de Islamitische Republiek te stappen en te werken aan een echt democratisch systeem.
Hij benadrukt dat dit leiderschap tijdelijk zou zijn, en dat het gevolgd zou worden door een nationaal referendum en de overdracht van macht aan instellingen gekozen door het Iraanse volk.
In de afgelopen jaren is het Iran Prosperity Project een belangrijk onderdeel geworden van Pahlavi’s politieke platform. Het initiatief — ontwikkeld in samenwerking met de National Union for Democracy in Iran en een netwerk van economische en juridische adviseurs — biedt een transitiemodel voor een Iran na de Islamitische Republiek.
Het project richt zich op economische stabilisatie in plaats van het voorschrijven van een permanent politiek systeem. Het legt de nadruk op marktgerichte hervormingen, transparantie van de overheid, bescherming van privébezit, bestrijding van corruptie en herintegratie in de wereldeconomie.
Pahlavi heeft gezegd dat het plan bedoeld is om een economische ineenstorting tijdens een politieke overgang te voorkomen en zowel Iraniërs als de internationale gemeenschap het vertrouwen te geven dat politieke verandering niet zal leiden tot langdurige instabiliteit.
5. De erfenis van de Pahlavi’s
Reza Shah Pahlavi, de grootvader van Reza Pahlavi, klom in de jaren 1920 op binnen de militaire rangen en werd shah nadat de laatste Qajar-monarch was afgezet. Tijdens zijn bewind startte hij grootschalige moderniseringsprogramma’s, waaronder de aanleg van infrastructuur, hervorming van het onderwijs en het terugdringen van buitenlandse invloed.
Zijn zoon, Mohammad Reza Shah, regeerde Iran van 1941 tot 1979. In deze periode kende Iran snelle economische groei en industriële ontwikkeling, breder toegang tot onderwijs en gezondheidszorg, en sociale veranderingen, waaronder het verlenen van stemrecht aan vrouwen en hun deelname aan het openbare leven.
Tegelijkertijd kreeg zijn regering zowel in het binnenland als internationaal vaak kritiek van tegenstanders en waarnemers vanwege het beperken van politieke partijen en het onderdrukken van afwijkende meningen. Mensenrechtenorganisaties beschuldigden de veiligheidsdiensten van willekeurige arrestaties, censuur van de media en het martelen van politieke gevangenen. Deze aantijgingen werden later een belangrijk onderdeel van het revolutionaire narratief en stelden de legitimiteit van de monarchie ter discussie.
Op het gebied van buitenlandse politiek werd Iran onder Mohammad Reza Shah een nauwe bondgenoot van de Verenigde Staten en een belangrijk onderdeel van de westerse veiligheidsplannen in het Midden-Oosten.

Met steun van de Verenigde Staten gebruikte Mohammad Reza Shah de economische en militaire macht van Iran om de Perzische Golf, olie-installaties en scheepvaartroutes te beschermen en de verspreiding van het communisme te beperken tijdens de Koude Oorlog met het Sovjetblok.
Hoewel hij sterk op het Westen was gericht, probeerde de shah ook een evenwicht in de regio te bewaren. In de jaren 60 zocht hij naar betere betrekkingen met de Sovjetunie en breidde hij de economische en technische samenwerking uit, terwijl hij tegelijkertijd nauwe banden met conservatieve Arabische landen behield.
Tegelijkertijd werd Iran de belangrijkste strategische partner van Israël in de regio. Iran werd vaak de “gendarme van de Perzische Golf” genoemd, met een rol die bedoeld was om communistische invloed te stoppen en stabiliteit te ondersteunen, niet alleen in het Midden-Oosten, maar ook in delen van Afrika.
Binnen het land werden marxistische ideeën echter steeds populairder. Linkse groepen, vooral de Tudeh-partij van Iran en later radicale studentenbewegingen, groeiden aan universiteiten, in culturele kringen en onder intellectuelen.
Ze verspreidden ideologische propaganda, probeerden studenten te werven en maakten in sommige gevallen gebruik van geweld. Deze groepen pleegden bankovervallen, bomaanslagen en aanvallen op staats- en private doelen in hun strijd tegen de monarchie.
Vanaf het eind van de jaren 60 en door de jaren 70 begonnen marxistische ideeën zich meer te vermengen met radicaal politiek islamisme. Begrippen als anti-imperialisme, sociale rechtvaardigheid en verzet tegen het kapitalisme werden in religieuze taal uitgelegd, waardoor veel mensen ze konden begrijpen en steunen.
Ruhollah Khomeini, de stichter van de Islamitische Republiek, verwierp het marxisme openlijk, maar maakte gebruik van de thema’s en verwoordde ze binnen een sjiitisch islamitisch kader zodat het oppositiegroeperingen kon verenigen.
Deze mix van ideeën leidde tot de Iraanse revolutie van 1979. Kort na de revolutie namen linkse studentenbewegingen de Amerikaanse ambassade in Teheran over. Ze gijzelden Amerikaanse diplomaten en eisten dat de shah werd teruggebracht uit de Verenigde Staten, waar hij medische behandeling onderging. Aanvankelijk waren de groepen verenigd in hun verzet tegen de shah, maar al snel splinterden ze uiteen toen de nieuwe islamitische regering haar voormalige linkse bondgenoten begon te onderdrukken.

Bij de recente protesten scandeert een groeiend aantal mensen de naam van Reza Pahlavi — veel demonstranten binnen en buiten Iran zien hem nu als een verenigende figuur en als symbool van een nieuw politiek tijdperk.
President Donald Trump waarschuwde onlangs via sociale media dat elk gebruik van vuurwapens tegen demonstranten zou leiden tot Amerikaanse steun voor het Iraanse volk.
Wanneer we alles samenvatten hebben de heropleving van monarchistische symboliek op straat, de presentatie van een transitieplan voor na het regime, en steeds explicietere buitenlandse waarschuwingen de perceptie versterkt dat Iran mogelijk een beslissende fase ingaat. Een fase die het begin van het einde van de Islamitische Republiek Iran zou kunnen markeren.
Gepubliceerd door The Epoch Times (4 januari 2026): Behind the Mass Protests in Iran—5 Things to Know

