Saturday, 01 Oct 2022
Renée Besseling

Nederland gedoogt na 46 jaar nog steeds drugs

Nederland heeft een lange geschiedenis van falend drugsbeleid die tot op de dag van vandaag voortduurt.

Na de landelijke verkiezingen in maart 2021 duurde het tot 10 januari 2022 voordat een nieuw kabinet aantrad. In het regeerakkoord van Rutte IV (een combinatie van Democraten, Liberalen en Christenen) staan een aantal druggerelateerde elementen:

– Voorkomen dat kwetsbare jongeren, zoals nu het geval is, de misdaad in worden getrokken.

– Een sterke aanpak van criminele beïnvloeding, mede gebaseerd op de lessen die Italië heeft geleerd om de maffia aan te pakken.

– Een voortzetting van de proef Wet gesloten coffeeshopketen met de toevoeging van een grote stad (Utrecht). De resultaten zullen in 2024 in zowel de Tweede als de Eerste Kamer worden gepresenteerd.

– Voortgang van het experiment in 10 gemeenten legaal hennep te kweken en te verkopen.

– Een Staatscommissie gaat de voor- en nadelen van XTC/MDMA (Ecstasy/stimulantia) voor medisch gebruik onderzoeken. Deze commissie zal ook beoordelen hoe dit in de Europese context wordt ontvangen en of er een rechtsgrond is in de internationale drugsverdragen van de Verenigde Naties.

Bovenstaande punten worden de komende maanden uitgewerkt in een voorstel van de nieuwe ministers.

Korte geschiedenis

 Op 1 november 1976 besloot de toenmalige regering, op advies van haar deskundigen, de Opiumwet op te splitsen in onaanvaardbare drugs en drugs met minder ernstige risico’s. Het gedoogbeleid was hiermee een feit. In de media en in de volksmond werden deze twee categorieën de “soft- en harddrugs” genoemd. Alle drugs hebben echter verschillende effecten en zijn vroeg of laat schadelijk voor het individu en de samenleving. De gevolgen van drugs waren toen nog grotendeels onbekend voor politici en medici. Functionarissen van VWS (Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn, en Sport) raadpleegden drugsexperts in Engeland en de Verenigde Staten over de kwestie. Later bleek dat drugsliberalen, die een verbod op cannabis maar niets vonden, deze ambtenaren en daarmee politici in hun greep hadden.

De verharding van ‘softdrugs’

De zogenaamde softdrugs zijn sinds 1976 sterk onderschat. De gebruikers van deze drugs glijden al snel af van ‘soft’- naar harddrugsgebruik. Dit leidt tot polygebruik dat zeer moeilijk te behandelen is. Doordat er een gebrek aan controle was en de politiek totaal niet in het onderwerp geïnteresseerd was, werden de ‘softdrugs’ door veredeling steeds zwaarder. Het THC-gehalte werd hoger, waardoor cannabis formeel onder harddrugs geschaard zouden moeten worden.

De behandeling van verslaafden in Nederland was een tijdlang gericht op abstinentie (onthouding). Maar dat doel is de afgelopen 20 jaar helaas veelal uit het oog verloren. Daarnaast is door de invoering van de privacywetgeving totaal niet meer zichtbaar in hoeverre de huidige (niet op abstinentie gerichte) verslavingsbehandelingen effectief zijn, en of de behandelcentra er hun verdienmodel van maken. Naast verslavingszorginstellingen hebben instellingen voor Jeugdzorg in Nederland lange wachtlijsten, wat de problemen voor patiënten en hun naasten doet verergeren. De vraag naar en het aanbod van drugs in de maatschappij is als een kankergezwel dat groeit als het niet wordt behandeld, en waarvan de cellen zich uiteindelijk door het hele lichaam verspreiden. Het drugsbeleid is daarom een kwestie die ons allen aangaat.

Het ondemocratische drugsbeleid

Het drugsvraagstuk is niet alleen een zaak van politici, experts en verslaafden. Het geeft de ‘deskundige’ met eenzijdige en drugsliberale opvattingen de mogelijkheid om deze via officiële kanalen als waarheid te presenteren. Daarmee is de opvatting van zogenaamd aanvaardbare en onaanvaardbare risico’s uit 1976 al 46 jaar de norm. Het politieke besluit van 1976 was echter volledig in strijd met internationale verdragen. De belangrijkste internationale verdragen in het kader van cannabis zijn het Enkelvoudig Verdrag inzake verdovende middelen en het Verdrag van de Verenigde Naties tegen de sluikhandel in verdovende middelen en psychotrope stoffen. Partijen zijn verplicht wetgevende en administratieve maatregelen te treffen die nodig zijn om de productie van, de handel in, en het bezit van drugs uitsluitend tot geneeskundige en wetenschappelijke doeleinden te beperken. Alle activiteiten die niet op deze doeleinden zijn gericht, zijn strafbare feiten die op passende wijze moeten worden vergolden.

In het verdrag van 1961 staan heroïne en cannabis op dezelfde lijst van verboden middelen. Men kan zeggen dat dit verdrag de grondwet is tegen drugs en hun uitbuiting. Drugs en de uitbuiting daarvan zijn beide onacceptabel. De drie Drugsverdragen van de Verenigde Naties (1961, 1971, 1988) bieden in de meeste landen een gemeenschappelijk kader voor wetgeving. Internationaal zijn er afspraken gemaakt tussen staten en internationale organisaties. De verdragen zijn de hoogste wet op internationaal niveau. Nederland heeft door de jaren heen alle drugsverdragen geratificeerd. Het nationale recht, de Nederlandse Opiumwet, moet dus verenigbaar zijn met deze internationale verdragen.

Nu, 46 jaar later met het resultaat in handen, weten we dat ‘softdrugs’ de drugsindustrie op poten hebben gezet. Deze industrie bestaat uit minstens 44 onderdelen, waaronder ‘coffeeshops’ headshops, growshops, thuiskwekers, postorderbedrijven, gemeenten die cannabis willen kweken, subsidies aan werklozen in de hennepindustrie, groothandel in Hennepzaden. Nederland is de grootste leverancier van nederwiet en XTC. Zachte heelmeesters hebben dus stinkende wonden gemaakt. De geest is uit de fles gehaald en nu maar zien of deze regering erin wil slagen om die geest weer terug in de fles te krijgen.

Professor dr. Ernst Kuipers (D66) zelf een arts, is de nieuwe minister van WVS. Zijn ervaring en achtergrond als arts is belangrijk in zijn nieuwe functie. Wat verontrustend is, is dat zijn partij sinds jaar en dag drugs als cannabis, XTC, cocaïne, paddo’s en GHB (gamma-hydroxybutaanzuur) wil reguleren. Ondanks de desastreuze resultaten van het gedoogbeleid in Nederland, is het de vraag of minister Kuipers de kennis, de wil en de macht heeft om het liberale drugsbeleid om te vormen naar een restrictief drugsbeleid. In een manifest roept D66 samen met mensen (“technocraten”) uit de wetenschap, advocatuur, verslavingszorg, mediawereld en dancescene, op tot een andere aanpak. Zij menen dat mensen nu eenmaal drugs gebruiken en dáárom moeten deze drugs maar gereguleerd worden.

Mensen rijden ook door het rode licht, misbruiken seks, stelen en frauderen, moeten we dat dan ook maar reguleren en gedogen? Is Kuipers sterk genoeg om de oproep van zijn partij en van de technocraten om drugs te reguleren, te negeren? Het wordt interessant om te zien of hij een D66-man of een minister die welzijn en volksgezondheid prioriteit geeft. De bevolking is het zat dat drugs worden getolereerd en geaccepteerd. Mensen willen dat de drugsproblematiek restrictief wordt aangepakt. De ambtenaren en technocraten van 1976 en vandaag zijn geen democratisch gekozen raadgevers. Ze hebben hun eigen agenda. Je zou kunnen zeggen dat je zo een staat binnen een staat krijgt waarin de bevolking geen stem heeft.

Moedige Moeders (M.M.)

Sinds 2004 zijn er een aantal Moedige Moeders-groepen in Nederland actief om op te komen voor hun verslaafde kinderen. Ze maken politici duidelijk dat het negeren en gedogen van drugs ook ernstige gevolgen heeft voor ouders en naasten van de verslaafden. Moedige Moeders werd aanvankelijk helemaal niet serieus genomen door de geestelijke gezondheidszorg (GGZ). Er is nauwelijks inspanning, interesse of promotie voor de preventie en/of het vroegtijdig ingrijpen bij drugsgebruik. Deze maatregelen zijn belangrijk en kunnen een verder afglijden in de maatschappij en naar verslaving voorkomen. Helaas is het vertrouwen en de moed om de verkoop van drugs te stoppen ver te zoeken. Hetzelfde geldt voor de zorg voor beginnende gebruikers. Het belang van het afkicken en ex-verslaafden weer terug te brengen in de maatschappij is zeer groot om terugval te voorkomen. Deze zorg hoort bij een – hierboven al genoemd – restrictief drugsbeleid dat we nodig hebben en wettelijk verplicht zijn uit te voeren. Hierin moet worden geïnvesteerd, en daarover valt niet te discussiëren. 

Een minister van Welzijn en Volksgezondheid heeft een grote verantwoordelijkheid voor de gezondheid van de burgers in het land. De geschiedenis leert dat je veel kunt doen als je de juiste man op de juiste plek hebt. De Nederlanders hebben genoeg geleden en betaald in al die 46 jaar liberaal drugsbeleid. De financiële kosten en menselijke tragedies zullen met een restrictief drugsbeleid lager zijn. Het vertrouwen in de overheid kan daardoor worden hersteld. Zonder twijfel weten we allemaal, ook minister Kuipers, dat voorkomen beter is dan genezen.

Renée Besseling, auteur van “Ouders een natuurlijke hindernis  tegen drugs?

Alfred Lagerweij, Bestuurslid Moedige Moeders, Nederland

Hoe u ons kunt helpen om u op de hoogte te blijven houden

Epoch Times is een onafhankelijke nieuwsorganisatie die niet beïnvloed wordt door een regering, bedrijf of politieke partij. Vanaf de oprichting is Epoch Times geconfronteerd met pogingen om de waarheid te onderdrukken – vooral door de Chinese Communistische Partij. Maar we zullen niet buigen. De Nederlandstalige editie van Epoch Times biedt op dit moment geen betalende abonnementen aan en aanvaardt op dit moment geen donaties. U kan echter wel bijdragen aan de verdere groei van onze publicatie door onze artikelen te liken en te her-posten op sociale media en door uw familie, vrienden en collega’s over Epoch Times te vertellen. Deze dingen zijn echt waardevol voor ons.

GERELATEERD