Commentaar
Nu de markt opnieuw inziet dat de zogenaamde Chinese stimulans eerder een stimulans is van public-relations dan een economische, beginnen analisten zich af te vragen waarom Peking niet meer doet om de kwakkelende Chinese economie te helpen.
Er is echter nog steeds een bijkomende vraag voor diegenen die actie eisen omwille van de actie: Begrijpt Peking de economische uitdagingen eigenlijk wel en snapt het wel hoe die uitdagingen moeten aangepakt worden?
Hoewel censuur in China een bekend probleem is, gaat het schadelijke effect van de beperkingen op informatie veel verder dan alleen staatscontrole. De beperking op informatie strekt zich uit tot alle soorten informatie en gegevens in heel China. Wijlen voormalig premier Li Keqiang merkte ooit op dat hij het BBP niet vertrouwde, maar keek naar de lading van de spoorwegen, het elektriciteitsverbruik en bankleningen. Nu het Nationaal Bureau voor Statistiek de toegang tot veel datasets blokkeert en er veel fouten zitten in de gegevens – tenzij de Chinese bureaucraten een echte tweede set nationale gegevens bijhouden – lijkt het redelijk om je af te vragen of de Chinese Communistische Partij (CCP) wel weet wat er in de economie gebeurt.
Dit fundamenteel probleem duikt ook op andere manieren op en laat zien dat de vraag naar informatie niet verdwijnt. Ze evolueert alleen maar in pogingen om het hoofd te bieden aan de beperkingen van de verspreiding. Kaderleden van de CCP willen niet ontslagen worden voor slechte prestaties, dus filteren ze de informatie in opwaartse lijn. Terwijl de gegevens steeds verder naar de hoogste niveaus worden gefilterd, blijven alleen de meest rooskleurige rapporten over die aan de topambtenaren vertellen dat alles in orde is. Door de slechte kwaliteit van de gegevens en omdat de informatie uit eigenbelang wordt gefilterd, kan zelfs een toevallige waarnemer zich afvragen of de CCP-machinerie de economische problemen van het land wel begrijpt.
Afgezien van de empirische vragen over de kwaliteit van gegevens en informatiestromen als gevolg van staatscontrole, is er een zeer reëel epistemologisch probleem: Zelfs als Chinese beleidsmakers over perfecte informatie zouden beschikken, hoe zouden ze dan reageren op problemen? Politiek buiten beschouwing gelaten, opereren Chinese beleidsmakers in een institutioneel kader waarin ze nieuwe oplossingen creëren voor problemen?
Een opvallend kenmerk van de Chinese economische beleidsvorming is een gebrek aan creativiteit. Veel van de economische gegevens zijn niet meer dan een rechte lijn. De constante reactie van beleidsmakers en analisten is om de kredietverlening te verhogen om zodoende de groei te stimuleren.
Er zijn twee specifieke problemen met deze reactie. Ten eerste lijdt het economische beleid in China, net zoals een dokter die ongeacht de kwaal telkens hetzelfde middel voorschrijft, aan een duidelijk gebrek aan creativiteit en doelgerichtheid door op elk probleem dezelfde antwoorden te geven. Ten tweede lost het antwoord het probleem niet op en wordt het fundamentele probleem in veel opzichten verergerd. Het antwoord van China is het stimuleren van leningen en investeringen in infrastructuur en productie voor een economie die lijdt onder overaanbod en een te hoge schuldenlast. Dit is alleen maar geld pompen in sectoren die al tot de grootste probleemgebieden behoren.
Het Chinese economische beleid lijkt de afgelopen jaren verlamd te zijn door de ineenstorting van banken, de snel vertragende economische groei en de zwakke consumentenvraag. Actie en herhaling van eerdere mislukte beleidsmaatregelen domineren de reactie in plaats van nieuwe pogingen om de diepgaande structurele problemen op te lossen. Dit zou wel eens het probleem zelf kunnen zijn.
Als je gelooft dat China lijdt onder cyclische problemen zoals een terugval in de vraag zoals na COVID, dan kan het redelijk zijn om naar een fiscale aanpak op korte termijn te zoeken om dit probleem op te lossen. Als het probleem echter structureel van aard is – dat de Chinese bevolking een omslagpunt heeft bereikt en in de nabije toekomst snel zal afnemen – dan zal de beleidsreactie heel anders zijn. Tot op heden handelen Chinese beleidsmakers alsof ze het probleem van China eerder als een cyclisch probleem zien dan als een structureel probleem.
Nu de leider van de CCP Xi Jinping de grote verjonging van China aanprijst, kan het gevaarlijk zijn voor je carrière om het idee te promoten dat er diepgaande structurele economische problemen zijn in China in plaats van een voorbijgaande cyclische vertraging. De meeste aanwijzingen wijzen echter op structurele problemen van langere duur die de Chinese technocraten niet lijken te willen erkennen of waartegen ze geen beleid willen ontwikkelen.
We moeten ons ook afvragen waarom een land waarvan gezegd wordt dat het met 5,3 procent gegroeid is in het eerste kwartaal en met 4,7 procent in het tweede kwartaal van 2024, zelfs maar fiscale stimuleringsmaatregelen nodig zou hebben. Dit leidt tot de ongemakkelijke vraag hoeveel China eigenlijk weet van zijn economische problemen.
Opvattingen in dit artikel zijn meningen van de auteur en weerspiegelen niet noodzakelijkerwijs de opvattingen van The Epoch Times.
Gepubliceerd door The Epoch Times (24 oktober 2024): Does Beijing Understand China’s Economic Problems?


