20 augustus 2026
Het gebouw van de New York Times in New York City op 5 februari 2024. Samira Bouaou/De Epoch Times

Chinese overzeese journalisten bekritiseren aanval van The New York Times op Shen Yun

'The New York Times veroordeelt de vervolging van Falun Gong door de CCP niet, maar valt in plaats daarvan Shen Yun en Falun Gong aan,' zei journalist Helen Chen.

Naar aanleiding van de recente artikelen in The New York Times waarin Shen Yun Performing Arts wordt aangevallen, hebben verschillende bekende Chinese expat journalisten die in de Verenigde Staten wonen en werken de beschuldigingen van The New York Times openlijk weerlegd.

Ze vertelden aan The Epoch Times dat het rapport logische misvattingen bevat en ze bekritiseerden het feit dat The New York Times de kant van het Chinese communistische regime kiest.

In het rapport verklaart The New York Times dat Shen Yun – een vooraanstaand dans- en muziekgezelschap dat in 2006 werd opgericht door beoefenaars van de spirituele praktijk Falun Gong – misbruik maakt van hun artiesten. Het citeerde negatieve commentaren van enkelen uit een groep van 25 voormalige Shen Yun artiesten die werden geïnterviewd.

Volgens woordvoerders van Shen Yun werden sommige van de ontevreden voormalige artiesten ontslagen omdat ze de huisregels hadden overtraden of niet voldeden aan de normen van de artiesten van het gezelschap. Het rapport bevat geen interviews met artiesten die momenteel voor Shen Yun werken, en sommige voormalige artiesten hebben verklaard dat The New York Times hun reacties die deze beweringen weerlegden negeerde.

Zhao Lanjian, een voormalige Chinese onderzoeksjournalist in ballingschap in de Verenigde Staten, reageerde op 19 augustus op X op de artikelen. Hij noemde de rapporten van de NY Times over Shen Yun een goed geplande aanval met verborgen motieven en overdreven verhalen.

“Ik heb deze rapporten van The NY Times zorgvuldig bestudeerd; ze hebben geen wettelijke of morele overtreding door Shen Yun aangetoond,” vertelde hij aan The Epoch Times.

Zhao staat bekend om zijn rapporten over de “chained woman” – slachtoffers van mensenhandel en misbruik in China. Deze zaak schokte de natie en de internationale gemeenschap. Door zijn rapporten werd hij het doelwit van de lokale politie en veiligheidsagenten van de Chinese Communistische Partij (CCP). De intimidaties en ondervragingen dwongen hem China te verlaten.

“Het is beschamend voor The New York Times om het lijden en het verdriet van het Chinese volk te negeren en te fungeren als een internationale schurk van de Communistische Partij,” voegde hij later toe als commentaar bij zijn X post.

Herhaling van de CCP propaganda

Het artikel in The New York Times herhaalt oude propaganda stellingen van de CCP, zoals de bewering dat Falun Gong beoefenaars medische behandelingen zouden weigeren.

Hu Ping, een politiek commentator uit New York, reageerde op het rapport van The New York Times op X met een artikel dat hij 23 jaar geleden schreef over Falun Gong beoefenaars en medische behandeling. Hij zei dat zijn artikel van tientallen jaren geleden al antwoord gaf op de vragen die The New York Times stelde over Falun Gong.

“The New York Times had zijn huiswerk moeten doen en moeten lezen wat mensen al hebben onderzocht over die onderwerpen in plaats van alleen maar de CCP te herhalen,” vertelde hij aan The Epoch Times.

Falun Gong beoefenaars verzamelen voor een wake bij kaarslicht ter herdenking van de dodelijke vervolging van Falun Gong beoefenaars in China door de Chinese Communistische Partij op het National Mall in Washington op 11 juli 2024. Madalina Vasiliu/De Epoch Times

Hu is ook ere-redacteur van Peking Spring, een Chineestalig tijdschrift dat opkomt voor mensenrechten, democratie en sociale rechtvaardigheid in China.

Falun Gong, of Falun Dafa, is een meditatieve beoefening die geworteld is in boeddhistische tradities en bestaat uit oefeningen en morele leringen gericht op waarachtigheid, mededogen en verdraagzaamheid. Binnen tien jaar na de introductie aan het grote publiek in 1992 waren er volgens officiële schattingen aan het eind van de jaren negentig minstens 70 miljoen beoefenaars in China.

Falun Gong beoefenaars die openlijk voor hun geloof uitkomen worden door de Chinese politie gearresteerd. Falun Dafa Information Centre

Yu Jinshan, een senior journalist en voormalig voorzitter van de Chinese Consolidated Benevolent Association in New York en de Donghua Association, vertelde The Epoch Times dat blessures nu eenmaal vaak voorkomen bij dansvoorstellingen en sport.

“Is er nooit iemand in een balletgezelschap gewond geraakt? Hoeveel Amerikaanse atleten zijn geblesseerd geraakt bij artistiek zwemmen? The Epoch Times zei dat Shen Yun artiesten niet behandeld werden voor blessures. Als dat zo is, zou Shen Yun dan ondertussen geen tekort aan artiesten moeten hebben?” merkte hij op. “Hoe meer we oordelen vanuit ons gezond verstand, hoe meer we erachter komen dat het [NY Times rapport] niet klopt.”

“Ze interviewden slechts enkele voormalige artiesten. In zo’n grote groep zijn er altijd wel een paar ontevreden mensen. Is er een groep in de wereld waarvan alle leden tevreden zijn?” ging hij verder.

De uitvoering, “Flowing Sleeves,” van het 2009 Shen Yun Performing Arts programma. Shen Yun Performing Arts

Helen Chen is sinds meer dan 40 jaar een senior journaliste in New York’s Chinatown. Ze zei dat ze een Shen Yun show heeft gezien en diep onder de indruk was van de traditionele waarden die het vertegenwoordigt.

“The New York Times veroordeelt de vervolging van Falun Gong door de CCP niet, maar valt in plaats daarvan Shen Yun en Falun Gong aan, mensen die terugkeren naar waarachtigheid, mededogen en verdraagzaamheid. [The New York Times] staat absoluut aan de kant van de CCP,” vertelde ze aan The Epoch Times.

Lin Dan en Xia Song hebben bijgedragen aan dit rapport.

Gepubliceerd door The Epoch Times (23 augustus 2024): Overseas Chinese Journalists Criticize New York Times Attack on Shen Yun