Commentaar
Wanneer gelooft een politieke commentator oprecht in de woorden die hij zelf uitspreekt, en wanneer zegt hij ze enkel om kliks te genereren? Een aanwijzing dat je met dat laatste te maken hebt, is wanneer de commentator beweert dat de Amerikaanse overheid of een Amerikaanse politieke partij erger is dan de Chinese Communistische Partij (CCP). Soms zegt hij er zelfs bij dat hij liever naar China zou verhuizen dan in Amerika te blijven wonen. In werkelijkheid is dat niets meer dan clickbait.
De CCP speelt in een verachtelijke klasse, die ze geheel voor zichzelf alleen heeft. Daar zijn veel redenen voor (vooral hun moord op onschuldige mensen om verse organen te verkopen), maar ik heb onlangs een bepaalde reden van dichtbij meegemaakt: het 50-cent leger.
Mijn website, ClassicalPoets.org, was ongebruikelijk traag en kreeg een slechte score voor online advertenties. De beheerder van de site liet mij weten dat we een enorm aantal bezoekers uit China ontvingen. Bezoekers zijn op zich goed, maar deze bezoekers bleven nul seconden en richtten alleen maar schade aan.
Mijn in New York gevestigde non-profitorganisatie, de Society of Classical Poets, publiceert poëzie over mensenrechten in China, maar dat maakt minder dan 1 procent uit van alles wat wij uitbrengen. Toch achtte een buitenlandse entiteit het nodig om ons online aan te vallen. Niets wat Amerikaanse politieke krachten andere landen of hun eigen bevolking aandoen, komt ook maar in de buurt van deze mate van langdurige gedachtecontrole en extreme overgevoeligheid voor kritiek.
Juist daarom is het zo belangrijk dat Amerikanen het ware karakter begrijpen van het beest waarmee we te maken hebben. Voor de CCP is het internet het slagveld, informatie een wapen en het behoud van politieke macht de buit. Mijn website werd met succes aangevallen, en van het Amerikaanse leger of de overheid was geen spoor te bekennen. We verliezen deze virtuele oorlog.
Het smoren van de werkelijke zorgen van burgers
Nergens is de online dreiging van de CCP misschien duidelijker zichtbaar dan bij het 50-cent leger. Oorspronkelijk verwees de term “50-cent leger” naar Chinese internetagenten die zich voordeden als gewone burgers en die naar verluidt 50 cent kregen betaald voor elk bericht dat de agenda van de CCP bevorderde.
Een archief met uitgelekte reacties van een propagandakantoor in de Chinese provincie Jiangxi bevatte 50-cent leger-reacties zoals deze: “Draag de rode vlag, doordrenkt met het bloed van onze voorvaderen, en volg onwrikbaar het pad van de CCP!” en “Wij hopen dat de centrale overheid ons nog meer steun zal bieden.”
Deze reacties ogen bijna onschuldig patriottisch, maar vergeet niet dat ze steun betuigen aan een eenpartijstaat met een totalitair systeem en — massaal ingezet — de werkelijke zorgen van Chinese burgers over hun regering verstikken. Volgens een diepgaand onderzoek uit 2017 van Harvard-onderzoekers fabriceert het Chinese regime jaarlijks meer dan 400 miljoen van dit soort berichten op sociale media.
Enkele van de uitgelekte richtlijnen van het 50-cent leger geven inzicht in de psychologische spelletjes die de CCP speelt:
- Maak, waar mogelijk, Amerika tot het doelwit van kritiek. Bagatelliseer het bestaan van Taiwan.
- Gebruik de inmenging van Amerika en andere landen in internationale aangelegenheden om uit te leggen hoe de westerse democratie in werkelijkheid een invasie van andere landen is en met dwang westerse waarden oplegt.
- Gebruik de bloedige en door tranen getekende geschiedenis van een zwak volk [het precommunistische China] om pro-partij- en patriottische gevoelens aan te wakkeren.
Terwijl Chinese diplomaten vriendelijk doen om handelsakkoorden te sluiten, laten deze reacties de echte frontlinies zien: Amerika en de westerse landen zijn vijanden. Deze boodschappen zijn weliswaar gericht op een Chinees publiek, maar het 50-cent leger is daar niet bij gebleven. Het begeeft zich ook op Engelstalige sociale media om de publieke opinie te sturen in de richting die de CCP wenst.
De invasie van Amerika
Een diepgravend onderzoeksrapport van Epoch Times-journalisten Petr Svab en Eva Fu concludeerde vorig jaar dat “signalen van invloed van het Chinese regime steeds vaker zichtbaar worden op YouTube, vooral in Engelstalige content over China.”
“Betaalde agitatoren overspoelen de reactiesecties, propagandavideo’s worden vermomd als grassroots-content en influencers krijgen geld of cryptovaluta aangeboden om de boodschap van het regime te verspreiden”, schreven zij.
Begin 2025 publiceerde Google een rapport waaruit bleek dat het meer dan 15.000 YouTube-kanalen had beëindigd “als onderdeel van ons lopende onderzoek naar gecoördineerde beïnvloedingsoperaties die gelinkt zijn aan de Volksrepubliek China.”
Vorig jaar bracht Svab bovendien duizenden nepaccounts op X aan het licht die artikelen van The New York Times promootten waarin sympathie werd getoond voor rechtszaken tegen Shen Yun Performing Arts — een doorn in het oog van de CCP. X sloot deze nepaccounts.
Dit alles laat zien dat we al verwikkeld zijn in een virtuele oorlog met China. Verdeeldheid onder Amerikanen leidt af van het grotere verhaal: het 50-cent leger heeft de poorten doorbroken en bevindt zich in ons midden. Dit is iets dat de moeite waard is om tegen te protesteren.
Als Amerikanen in een virtuele oorlogstijd hebben wij onze eigen richtlijnen nodig om die van de CCP te bestrijden. Dit is wat ik voorstel:
Wees niet zo snel met het bekritiseren van Amerika, maar vergeet vooral niet de grote bijdragen die het land heeft geleverd aan de internationale gemeenschap.
Erken dat Taiwan zich vanzelfsprekend niet met China wil verenigen, omdat communisme en socialisme misschien aantrekkelijk klinken, maar in de praktijk wreed en mensonterend zijn.
Ga een voorstelling van Shen Yun bekijken en vier “China vóór het communisme”. China heeft een ongelooflijke en prachtige geschiedenis om trots op te zijn — een geschiedenis waar ook de rest van de wereld van kan genieten.
Met deze stappen kan Amerika de informatieoorlog winnen tegen het binnenvallende 50-cent leger.
De in dit artikel geuite standpunten zijn die van de auteur en weerspiegelen niet noodzakelijkerwijs de visie van The Epoch Times.
Gepubliceerd door The Epoch Times (1 februari 2026): China’s 50-Cent Army Invades US Cyberspace


