Een ongekend hoge opbrengst uit invoerheffingen heeft in juni geleid tot een zeldzaam begrotingsoverschot in de Verenigde Staten. De cijfers bieden niet alleen een onverwacht lichtpuntje in de doorgaans negatieve begrotingsbalans, maar wijzen ook op de toenemende rol van het tariefbeleid van president Donald Trump als inkomstenbron voor de federale overheid.
Volgens nieuwe cijfers van het Amerikaanse ministerie van Financiën bedroeg het overschot in juni 27 miljard dollar (23 miljard euro). Dat is opvallend, gezien het tekort van 316 miljard dollar (270 miljard euro) in mei. Dankzij de stijgende tariefinkomsten is het begrotingstekort over het lopende boekjaar gedaald tot 1,34 biljoen dollar (1,15 biljoen euro), een verbetering van 1 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. In juni 2024 werd nog een tekort van 71 miljard dollar (60 miljard euro) genoteerd.
Een belangrijke oorzaak voor deze verbetering is een recordstijging in de opbrengst van douanerechten. In juni stegen de tariefinkomsten tot 27 miljard dollar (23 miljard euro), waarmee de totale opbrengst sinds oktober uitkomt op 108 miljard dollar (92 miljard euro) – het hoogste bedrag ooit voor de eerste negen maanden van een Amerikaans begrotingsjaar. De opbrengst in juni lag daarmee fors hoger dan het vorige record van 22 miljard dollar (18,8 miljard euro) in mei.
Volgens de dagelijkse cijfers van het ministerie van Financiën is in juli al 2,4 miljard dollar (2 miljard euro) aan extra tariefinkomsten gegenereerd.
Minister van Financiën Scott Bessent verwacht dat de opbrengsten de komende maanden verder zullen stijgen. Tijdens een kabinetsvergadering op 8 juli verklaarde hij dat de VS op koers ligt om tegen het einde van 2025 in totaal 300 miljard dollar (256 miljard euro) aan tarieven te innen. Daarbij wees hij erop dat veel van de ‘belangrijke’ tarieven onder het beleid van president Trump pas in het tweede kwartaal zijn ingevoerd.
Sinds zijn herverkiezing heeft Trump een universeel tarief van 10 procent ingesteld op goederen afhomstig van alle handelspartners, aangevuld met wederzijdse invoerheffingen voor landen met handelsbarrières. Aanvankelijk gold er een uitstel van 90 dagen, dat later werd verlengd tot 1 augustus via een presidentieel besluit.
In aanloop naar die datum heeft Trump brieven gestuurd naar landen als Japan, Zuid-Korea en Thailand, waarin hij waarschuwt dat zij vanaf 1 augustus te maken krijgen met wederzijdse tarieven van 25 tot 40 procent, tenzij zij hun handelsbelemmeringen verminderen en bilaterale akkoorden sluiten.
Trump stelt dat deze maatregelen de staatsinkomsten aanzienlijk zullen verhogen. “Het grote geld zal vanaf 1 augustus binnenstromen,” zei hij tijdens de kabinetsvergadering. “Dat blijkt wel uit de brieven die gisteren en vandaag zijn verstuurd.”
Bessent verwees ook naar een rapport van het Congressional Budget Office van 4 juni, waarin wordt voorspeld dat invoerheffingen over de komende tien jaar 2,8 biljoen dollar (2,4 biljoen euro) kunnen opleveren. Volgens hem is dat een conservatieve raming.
De president benadrukte dat de deadline van 1 augustus vaststaat. Landen die vóór die datum geen concessies doen, zullen geen extra uitstel krijgen. In de recent verstuurde brieven kondigde hij de volgende tarieven aan:
- 20 procent voor de Filippijnen
- 25 procent voor Brunei, Japan, Kazachstan, Maleisië, Moldavië, Tunesië en Zuid-Korea
- 30 procent voor Algerije, Bosnië-Herzegovina, Irak, Libië, Sri Lanka en Zuid-Afrika
- 32 procent voor Indonesië
- 35 procent voor Bangladesh, Canada en Servië
- 36 procent voor Cambodja en Thailand
- 40 procent voor Birma (Myanmar) en Laos
In elke brief stelt Trump dat de tarieven kunnen worden teruggedraaid indien landen hun markten openstellen en niet-tarifaire handelsbelemmeringen verminderen. Hij herhaalt dat aanhoudende handelstekorten een “grote bedreiging” vormen voor zowel de economische als de nationale veiligheid van de VS.
Gepubliceerd door The Epoch Times (11 juli 2025): Tariff Windfall Drives Surprise $27 Billion US Budget Surplus in June





