Commentaar
De Verenigde Naties hebben wereldwijd een groot doelwit op de rug van thuisonderwijzers geplaatst.
Onder het mom van “mensenrechten” eist het omstreden VN-“onderwijs”-apparaat officieel dat alle regeringen thuisonderwijs reguleren en controleren—als ze het überhaupt toestaan.
De eisen van de VN omvatten “onderwijsstandaarden” voor thuisonderwijs, evenals “verantwoording” aan de overheid.
Ook wil de organisatie verplichte registratie, opgelegde “evaluaties” van thuisonderwijzers door de autoriteiten, verplichte “huisbezoeken” en nog veel meer.
Sterker nog, het agentschap wil dat door de VN goedgekeurde waarden en opvattingen aan kinderen worden opgelegd over een breed scala aan onderwerpen, met VN-controle over wat er precies onderwezen wordt.
Niet verrassend komt de hoogste VN-functionaris achter deze campagne uit de “Democratische Volksrepubliek Korea” (Democratic People’s Republic of Korea – DPRK), beter bekend als Noord-Korea.
Volgens de dankbetuiging in het rapport werd het opgesteld onder “toezicht” van Gwang-Chol Chang, hoofd van de UNESCO-afdeling Onderwijsbeleid.
Voordat Chang bij de Verenigde Naties aantrad om het wereldwijde onderwijs te hervormen, werkte hij voor het Noord-Koreaanse Ministerie van Onderwijs — een agentschap dat deel uitmaakt van een communistisch regime dat internationaal wordt veroordeeld voor massamoorden en systematische mensenrechtenschendingen. Dat ministerie speelt een centrale rol in een van de meest allesomvattende communistische indoctrinatiesystemen uit de wereldgeschiedenis.
En toch, zonder enig gevoel voor ironie, zouden de door Chang en zijn handlangers geëiste overheidscontroles noodzakelijk zijn om te waarborgen wat het mondiale orgaan “internationale mensenrechten” noemt. Ja, echt waar.
Als de VN-agenda niet wordt gestopt, zullen ouders en zelfs privéscholen die weigeren te voldoen aan de buitensporige eisen van de VN worden beschuldigd van het schenden van de “mensenrechten” van kinderen.
De roep om totale controle is duidelijk—en wordt als verplicht voorgesteld. “Regeringen moeten toezichtmechanismen invoeren zoals registratie en evaluaties,” zo stelt het rapport nadrukkelijk, met de eis om meer “reguleringscapaciteit”.
“Nu thuisonderwijs zich verder ontwikkelt, wordt het cruciaal om een op rechten gebaseerd beleid te hanteren,” vervolgt het rapport, waarbij het wijst op de “noodzaak van kwaliteitsonderwijs” zoals gedefinieerd door de VN via “vastgestelde minimumnormen voor onderwijs en verantwoordingsplicht”.
Controle over wat er wordt onderwezen
Zelfs de inhoud van het lesmateriaal voor thuisonderwijs moet in lijn zijn met de VN, zo maakt het rapport duidelijk.
“De onderwijskundige inhoud die via thuisonderwijs wordt aangeboden, moet aansluiten bij de onderwijsdoelen die zijn vastgelegd in het Verdrag inzake de Rechten van het Kind,” aldus het rapport, ondanks de erkenning dat de Amerikaanse regering geen partij is bij dat VN-verdrag.
Tot de “belangrijkste overwegingen” die de VN noemt om ervoor te zorgen dat thuisonderwijs het “welzijn van kinderen” bevordert, behoort verplichte “blootstelling aan culturele diversiteit”.
Het mondiale onderwijsagentschap stelt bovendien dat er “aanhoudende zorgen” bestaan over het vermeende “gebrek aan blootstelling aan diverse perspectieven en mogelijke gevolgen voor sociale samenhang.”
Met andere woorden: als je kinderen niet genoeg LGBT-onderricht of Critical Race Theory-propaganda krijgen, wordt hun vermeende “mensenrecht” op “socialisatie” en “kwaliteitsonderwijs” geschonden.
Dit is geen speculatie. VN-“Speciaal Rapporteur voor het Recht op Onderwijs” Farida Shaheed hekelde onlangs staten als Florida en Texas omdat zij kinderen juist proberen te beschermen tegen dit soort perverse indoctrinatie.
“Censuurwetten die klassikale discussies over ras, genderidentiteit en andere ‘verdeelde onderwerpen’ beperken, ontnemen leerlingen de toegang tot cruciale kennis,” zo stelde ze.
Het nieuwe VN-rapport beweert bovendien dat kinderen bepaalde door de VN goedgekeurde waarden moeten worden bijgebracht, zoals “wereldburgerschap” en “respect voor diversiteit,” een term die door de VN vaak wordt gebruikt om genderverwarring en “progressieve” ideologieën te promoten.
Het rapport verwijst zelfs naar een VN-overeenkomst die regeringen zou verplichten om de “ontwikkeling van respect” voor het VN-Handvest te bevorderen. Dit uiterst controversiële document werd in belangrijke mate vormgegeven door Sovjet-massamoordenaar Jozef Stalin en diens Amerikaanse agenten, zoals Alger Hiss.
Ook “omvattend seksueel onderwijs” dat de “houding en waarden” van kinderen in lijn brengt met wat de VN oplegt, wordt volgens het rapport van groot belang geacht.
Het rapport stelt dat regeringen de plicht hebben om “kwaliteitsonderwijs” in de thuissituatie te garanderen, zoals gedefinieerd door de VN en nationale overheden.
Om decennia aan onderzoek en studies te negeren waaruit blijkt dat thuisonderwijzers doorgaans veel beter presteren, zowel academisch als sociaal, dan leerlingen in openbare scholen, beweert het VN-rapport eenvoudigweg dat er zogenaamd sprake was van “methodologische gebreken”.
Ouderrechten en gezin
In lijn met principes en waarden die ooit werden uitgedragen door tirannen als Stalin en Mao, Hitler en de Noord-Koreaanse Kim-dynastie, stelt het rapport dat regeringen “de primaire verantwoordelijken” zijn als het gaat om de opvoeding en het onderwijs van kinderen.
Voor zover ouders van de overheid nog toestemming krijgen om hun eigen kinderen te onderwijzen, moeten regeringen er volgens de VN wel voor “zorgen” dat dit gebeurt in overeenstemming met haar eisen.
Om naleving af te dwingen, pleit het document voor “verplichte training” door de overheid voor ouders die hun kinderen thuis willen onderwijzen.
Het rapport klaagt bovendien dat onderwijs de “voordelen van iemands familiale achtergrond irrelevant moet maken voor iemands toekomstperspectieven”.
Thuisonderwijs, zo stelt het, zou hier mogelijk “niet in slagen”—alsof het neutraliseren van ouderlijke en familiale inzet om kinderen te laten slagen een legitiem overheidsdoel zou zijn.
Zelfs het feit dat moeders vaak de primaire docenten zijn bij thuisonderwijs, wordt door de VN aangevallen omdat dit zogenaamd schadelijke “genderrollen” in stand houdt.
Ook vaders en echtgenoten die als kostwinner optreden, worden veroordeeld. Want dit zou er zogenaamd toe leiden dat vrouwen en moeders meer doen dan wat de VN beschouwt als een eerlijke verdeling van “onbetaalde zorgtaken”—taken die vrijwel iedereen ooit gewoon kende als moederschap en ouderschap. Wat een gruwel!
“Thuisonderwijs moet gendergelijkheid waarborgen door het vermijden van de bevestiging van traditionele rollen, het bevorderen van gedeelde verantwoordelijkheden en het garanderen dat curricula stereotypen uitdagen,” zo besluit het rapport.
Amerikaanse thuisonderwijsgezinnen zijn een belangrijk doelwit, zo maakt het rapport duidelijk.
Met verwijzing naar Amerikaanse staten met minder regelgeving stelt de VN dat er “zorgen zijn geuit” dat “staten” (overheden) mogelijk onvoldoende maatregelen nemen om kinderen tegen hun ouders te beschermen.
In dat kader eist de VN dat regeringen “ouderlijke steun” bieden—feitelijk een eufemisme voor overheidscontrole en toezicht.
“In landen waar thuisonderwijs is toegestaan, kunnen zulke ondersteunende maatregelen onder meer bestaan uit: trainingsprogramma’s, toegang tot leermiddelen, richtlijnen, periodieke huisbezoeken of fora voor uitwisseling tussen ouders, zodat zij zowel het recht van het kind op kwaliteitsonderwijs als de naleving van door de staat vastgestelde minimumnormen kunnen waarborgen,” aldus UNESCO.
Onder verwijzing naar VN-comités en documenten roept het rapport regeringen zelfs op lijfstraffen strafbaar te stellen, inclusief een pak voor de broek.
“Staten moeten lijfstraffen daarom in alle situaties verbieden, ook thuis,” zo stelt het rapport, met de erkenning dat meer dan 130 regeringen tot dusver niet hebben voldaan.
Christenen en religieus onderwijs in het vizier
Religieuze thuisonderwijzers worden nadrukkelijk apart genoemd, waarbij de VN stelt dat “dogmatische benaderingen intolerantie kunnen aanwakkeren”.
Het rapport verwijst naar een studie uit 2018, waarin dit wordt omschreven als onderwijsbenaderingen die “niet slechts één vak over religie wensen, maar juist verlangen dat alle vakken door de bril van hun specifieke geloof worden onderwezen”.
Met andere woorden: ouders die het serieus nemen om hun geloof aan hun kinderen door te geven, moeten daarvan worden weerhouden.
Talloze christelijke thuisonderwijsgezinnen en zelfs christelijke scholen die een bijbels wereldbeeld willen meegeven, zouden onder dat criterium vallen.
Zelfs particuliere spelers, zoals digitale onderwijsbedrijven die door thuisonderwijzers worden gebruikt, moeten volgens het rapport worden gereguleerd om te voldoen.
“Zonder regulering zou online onderwijsmateriaal de problematische agenda’s van belangengroepen kunnen bevorderen,” zo stelt het, alsof politici en dictators die de regels opstellen nooit problematische agenda’s of eigenbelangen hebben.
Basis in ‘Internationaal Recht’
Het UNESCO-rapport stoelt zijn argumenten op een breed scala aan VN-akkoorden, verklaringen en conventies, waarvan het beweert dat ze nationale regeringen verplichtingen opleggen.
Sommige van de genoemde verdragen, zoals het VN-Verdrag inzake de Rechten van het Kind (Convention on the Rights of the Child – CRC), zijn nooit door de Amerikaanse regering geratificeerd.
Daar is een goede reden voor. Het CRC vereist bijvoorbeeld dat alle beslissingen worden genomen in het “beste belang” van het kind.
Maar er zit een (grote) adder onder het gras: “beste belang” wordt gedefinieerd door de overheid en de VN, niet door de ouders.
Toen dit systeem in Schotland werd ingevoerd, wezen de wetgevers een “genoemde persoon” aan, werkzaam voor de overheid, die toezicht moest houden op de opvoeding van ieder kind vanaf de geboorte tot aan de volwassenheid.
Andere verdragen waar de VN naar verwijst, zijn om andere redenen problematisch.
De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM), het fundamentele VN-instrument voor “mensenrechten”, werd sterk beïnvloed door het regime van de Sovjet-Unie, berucht om massamoord.
Daardoor bevat het absurde bepalingen die onverenigbaar zijn met vrijheid. Neem Artikel 29, waarin het idee wordt vastgelegd dat “rechten en vrijheden in geen geval mogen worden gebruikt in strijd met de doelstellingen en beginselen van de Verenigde Naties.”
Geen wonder dat de Chinese Communistische Partij en andere tirannen wereldwijd kunnen beweren VN-“mensenrechten” te steunen, terwijl ze tegelijkertijd talloze slachtoffers terroriseren en zelfs vermoorden.
Het Amerikaanse begrip van rechten is natuurlijk radicaal anders. Het Bijbelse ideaal en de “vanzelfsprekende waarheid” waar Amerika’s Founding Fathers naar verwezen, stelt dat God—en niet de overheid—ieder mens heeft begiftigd met “bepaalde onvervreemdbare rechten.” Deze omvatten leven, vrijheid en eigendom. En omdat deze rechten niet door de overheid zijn verleend, kunnen ze ook niet legitiem door de overheid worden ingeperkt.
Dit begrip van rechten is volledig onverenigbaar met de visie van de VN en de CCP op “mensenrechten”. Sterker nog, de twee opvattingen zijn in wezen elkaars tegenpolen.
Wat onderwijs betreft, is de VN-UVRM al even zorgwekkend. Zo bepaalt Artikel 26 dat zogenaamde “verplichte” scholing een “mensenrecht” zou zijn.
Maar iets wat verplicht is, kan per definitie geen recht zijn—hoezeer de Sovjet-Unie en de CCP ook geprobeerd hebben die term opnieuw te definiëren.
Nog verontrustender is wellicht een andere bepaling in Artikel 26, waarin staat dat verplichte scholing “de activiteiten van de Verenigde Naties zal bevorderen.”
Eenvoudig gelezen betekent dit dat elke thuisonderwijzer of privéschool die weigert de VN en haar agenda te promoten, inbreuk zou maken op de vermeende “mensenrechten” van kinderen.
VN versus de Amerikaanse Grondwet
De VN beweert dat deze beperkingen op thuisonderwijs verplicht zijn onder het “internationaal mensenrechtenrecht”.
Maar althans voor de Verenigde Staten is dat gebaseerd op een fundamenteel gebrekkig begrip van het Amerikaanse constitutionele recht.
De Amerikaanse Grondwet bepaalt inderdaad dat naar behoren geratificeerde verdragen deel uitmaken van de “hoogste wet van het land”.
Er is echter een belangrijk voorbehoud: net als federale wetten onder de Grondwet moeten ook die verdragen worden opgesteld “in overeenstemming daarmee”.
Kort gezegd betekent dit dat wetten en verdragen in lijn moeten zijn met de Grondwet die de federale overheid heeft geschapen—en niet in strijd ermee.
Als een wet of verdrag ongrondwettelijk is, dan is het, zoals de opstellers van de Grondwet herhaaldelijk hebben uitgelegd, van meet af aan nietig.
Niets in de Amerikaanse Grondwet geeft de federale overheid uiteraard de macht om pro-VN-indoctrinatie—of welke vorm van “onderwijs” dan ook—aan kinderen op te leggen.
Sterker nog, het Tiende Amendement bepaalt uitdrukkelijk dat alle macht die niet aan Washington D.C. is gedelegeerd, is voorbehouden aan de staten of het volk.
Daarom moeten VN-verdragen die in strijd zijn met de Grondwet, zonder een naar behoren geratificeerd grondwetsamendement, als betekenisloos worden beschouwd—ongeacht of ze al dan niet zijn ondertekend en geratificeerd.
President Thomas Jefferson legde dit uit in een brief van 7 september 1803 aan senator Wilson Cary Nicholas.
“Ik zeg hetzelfde over de mening van degenen die de verdragsbevoegdheid als onbeperkt beschouwen,” schreef Jefferson. “Als dat zo is, dan hebben we geen Grondwet.”
Het Amerikaanse Hooggerechtshof bevestigde in de spraakmakende uitspraak Reid v. Covert uit 1957 nog eens het voor de hand liggende feit dat de Amerikaanse Grondwet boven verdragen staat.
En zelfs al had de federale overheid de constitutionele bevoegdheid om zulke verdragen goed te keuren, dan nog ontbreekt haar de grondwettelijke macht om staten en lokale overheden tot naleving te dwingen.
In de historische zaak Printz v. United States uit 1997 oordeelde het Hooggerechtshof dat de federale overheid geen staten of lokale overheden mag “opvorderen”. Dat precedent geldt nog altijd.
Critici laten van zich horen
De voormalige onderwijsdirecteur van de staat Arizona, Diane Douglas, tegenwoordig een uitgesproken criticus van het openbaar onderwijs en in het bijzonder van de VN-invloed daarin, hekelde het mondiale onderwijsagentschap omdat het thuisonderwijs wil “overnemen”.
Douglas bekritiseerde UNESCO’s oproep tot regulering en zei tegen The Epoch Times dat ouders er verstandig aan doen voor thuisonderwijs te kiezen om hun kinderen te beschermen tegen precies dat extremisme en die indoctrinatie die de VN probeert te bevorderen.
“Ons recht om onze kinderen op te voeden en te onderwijzen komt van God; niet van UNESCO of welke andere overheid dan ook die zich daar probeert in te mengen,” zei ze.
Lauren Gideon, directeur overheidsrelaties bij het Education Independence Initiative, dat zich inzet om de verantwoordelijkheid voor onderwijs terug te leggen bij gezinnen, hekelde eveneens de druk van UNESCO.
“Het concept van thuisonderwijs rust op twee onderling verbonden, even sterke pijlers: het door God gegeven, natuurlijke recht van ouders om het onderwijs van hun kinderen uit te oefenen en te sturen, en het recht van zelfstandige onderwijsaanbieders om hun eigen onderwijseigendom te beheren zonder dat de staat binnendringt in de privésfeer van hun gezin,” zei ze tegen The Epoch Times.
“Vrijheid zelf is gebaseerd op dit onderscheid tussen publiek en privaat,” vervolgde Gideon.
“Op deze basis is de vrijheid van ouders verankerd in de Amerikaanse traditie, die onschuld garandeert totdat schuld via behoorlijk proces is bewezen,” voegde ze eraan toe. “Elke inbreuk op deze grenzen, hoewel aanwezig in sommige staten, is expliciet anti-Amerikaans.”
De oproepen van UNESCO tot registratie, toezicht en evaluatie van thuisonderwijsgezinnen “vormen precies zo’n inbreuk,” vervolgde Gideon, die werkt aan onderwijsbeleid voor thuisonderwijsorganisatie Classical Conversations.
“Deze maatregelen veronderstellen ouderlijke schuld in plaats van onschuld en ondermijnen zo het behoorlijke proces dat de Amerikaanse vrijheid verankert,” besloot ze, eraan toevoegend dat de voorstellen van UNESCO “het fundament van de Amerikaanse vrijheid zelf” zouden aantasten.
Uiteindelijk wil UNESCO “totale controle over onderwijs, inclusief alle vormen van particulier onderwijs,” aldus Tiffany Boyd van Free Your Children.
In een gesprek met The Epoch Times waarschuwde Boyd dat de al jarenlange inzet van het VN-agentschap voor overheidsfinanciering en -controle over al het onderwijs een essentieel onderdeel is van de poging om een “wereldwijd curriculum” in te voeren.
“UNESCO heeft duidelijk gemaakt dat het zal doorgaan totdat het volledige controle over particulier onderwijs heeft,” concludeerde ze. “We moeten hen onmiddellijk een halt toeroepen.”
Amerikanen moeten weerstand bieden
Opvallend afwezig op de lijst van geraadpleegde partijen voor het rapport stond de Home School Legal Defense Association, de grootste en machtigste thuisonderwijsorganisatie ter wereld.
Even opvallend ontbrak het grootste kenniscentrum voor onderzoek en studies over thuisonderwijs, het National Home Education Research Institute.
Gelukkig voor thuisonderwijzers en echt onderwijs heeft de regering-Trump al aangekondigd dat de Amerikaanse overheid opnieuw de banden met UNESCO verbreekt.
Met als reden onder meer extremisme en vijandigheid tegenover Amerikaanse waarden is de Amerikaanse regering bezig het agentschap voor de derde keer te verlaten.
Maar de dreiging blijft bestaan en zal aanhouden. President Joe Biden trad simpelweg weer toe tot UNESCO zodra hij de macht overnam. De volgende president zou dat ook kunnen doen.
Zelfs na de terugtrekkingsaankondiging van de Trump-regering pochte de trotse directeur-generaal van UNESCO, een oude socialist, dat de organisatie hoe dan ook zou blijven samenwerken met haar Amerikaanse “partners”.
Ondertussen zijn geen van de belangrijkste argumenten uit het nieuwe rapport over “internationaal recht” afhankelijk van het Amerikaanse lidmaatschap van UNESCO.
De gevaarlijke machtsgreep van de VN op thuisonderwijs en op onderwijs in bredere zin moet krachtig worden bestreden en afgewezen.
Ouders hebben een fundamenteel recht om de opvoeding en scholing van hun kinderen zelf te sturen. En de Amerikaanse staten beschikken al over voldoende wetten om kinderen te beschermen tegen misbruik en verwaarlozing.
Het Amerikaanse volk is uitstekend in staat het onderwijs zelf vorm te geven, zonder inmenging van een Noord-Koreaanse communist en een ontspoord VN-apparaat dat wordt bevolkt door gevaarlijke extremisten.
En Amerikaanse ouders zijn meer dan bekwaam om te bepalen hoe zij hun kinderen willen onderwijzen. Niemand houdt meer van die kinderen dan zijzelf.
Maar er staat hier een grotere vraag op het spel: wie zal de harten en geesten van de volgende generatie vormen?
Zullen het totalitaire bureaucraten, politici en de club van dictators genaamd de VN zijn, of de vrijheidslievende Amerikaanse gezinnen die hun kinderen liefhebben en koesteren?
De toekomst van vrijheid en echt onderwijs hangt af van het stoppen van deze aanval.
De in dit artikel geuite meningen zijn die van de auteur en weerspiegelen niet noodzakelijk de visie van The Epoch Times.
Gepubliceerd door The Epoch Times (6 oktober 2025): UN Targets Homeschooling





