“De held van mijn verhaal, die ik liefheb met alle kracht van mijn ziel, die mooi is, was, en altijd mooi zal zijn… is de waarheid.”
Niet enkel Tolstoj, maar ook vele andere schrijvers, componisten en zangers, gingen op zoek naar waarheid.
In deze serie geeft The Epoch Times een overzicht van een aantal beroemde ‘waarheidsvertellers’.
Een oud Duits gezegde zegt: “Bach gaf ons Gods woord, Mozart gaf ons Gods lach en Beethoven gaf ons Gods vuur.” Misschien is het treffender om te zeggen dat de drie muzikale genieën ons wisten te raken met hun woord, hun gelach én hun vuur. Toch is het waar dat alleen Mozart ons een overvloed aan vreugde en lichtheid schonk. Terwijl Bach en Beethoven beweerden dat hun muziek rechtstreeks van God kwam, zei Mozart: “Van waar het komt, weet ik niet.” Wat de oorsprong ook is, hoe het ook tot ons komt, zijn muziek vertelt ons wonderlijke dingen als we bereid zijn om met heel ons hart te luisteren.
Mozarts muziek is niet zomaar versiering aan een kerstboom. Het is zelfs niet de hele versierde boom, maar iets veel groters: Het is de belofte van vreugde, de zekerheid van een hogere orde die ons begrip te boven gaat, en het aanvoelen van een hogere wereld waar we deel van uitmaken.
Mozart had het lachen in zich. Hij was een kleine man met levendige ogen, een groot hoofd en een markante neus. Misschien zijn al zijn composities meesterwerken, misschien ook niet. Sommige schreef hij in opdracht, andere vloeiden simpelweg uit het diepste van zijn hart en kwamen uit een dringende behoefte naar boven.

Ik wil graag een aantal van zijn werken met de lezers delen, die ik al bijna 80 jaar ken. Deze werken lijken bijzonder geïnspireerd en mooier, betekenisvoller en ontroerender naarmate de jaren verstrijken.
Onbedwingbare vreugde
Niemand kan muziek beschrijven—het gaat woorden te boven—maar men kan wel spreken over het beeld of gevoel dat het oproept, of een gebaar dat het weerspiegelt, zoals rennen, dansen … of lachen. In een woordenboek kunnen we lezen dat lachen een herhaalde en onderbroken reeks van de klinker “a” is. Dat dit spontane, primitieve gebaar—een overblijfsel van onze spraakloze dagen—deel is gaan uitmaken van de verfijnde taal van de muziek is niets minder dan een wonder, en geen enkele componist spreekt die taal zo goed als Mozart.
Op zestienjarige leeftijd schreef hij het werk “Exsultate, Jubilate” voor sopraan en orkest. Het is een uitbarsting van pure levensvreugde en een viering van zijn vroege succes als componist en muzikant. “Verheug u, goede mensen, zing uw zoete liederen. Ook ik zal meezingen met de hemel,” zingt de sopraan. In Mozarts noten zingt de hemel niet alleen, maar lacht hij ook, vooral in de openingsverzen en de laatste “Alleluja’s”, met een herhaalde en gepunctueerde reeks van de klinker “a!” zoals de taalkundige het beschrijft.
Drie jaar later bedacht Mozart zijn derde vioolconcert. Het zit vol met jeugdige kracht: het geluk, de hoop en het ontwaken van de liefde. Het is een aaneenschakeling van prachtige melodieën. Aangezien Mozart, een virtuoos, het stuk zelf voor het eerst uitvoerde, kan men zich voorstellen hoezeer hij genoot van zijn technische bekwaamheid. En dit vooral tijdens de finale waarin hij een volksdans opneemt, compleet met speelse sprongen en onverwachte wendingen.
Mozarts huwelijk op 26-jarige leeftijd leek veelbelovend. Geluk leek onvermijdelijk, gezien zijn charmante nieuwe vrouw, de geboorte van zijn eerste kind en zijn reis van Wenen naar Salzburg om zijn bruid Constanze aan zijn vader voor te stellen.

Tijdens hun terugreis naar Wenen bezochten ze zijn goede vriend en mecenas, Johann Thun in Linz, dat aan de oevers van de Donau ligt. Ze werden zo hartelijk ontvangen door het hof en het publiek dat hij er zijn grote Linz-Symfonie in vier dagen schreef, voor een haastig gepland concert ter ere van hem.
Het hele werk heeft een jubelende aard, die de statigheid van de stad, de schoonheid van de omgeving en de vreugde in zijn leven weerspiegelt. Het tweede deel, bijzonder ontroerend, geeft een beeld van de uitgestrekte Donau, kalm en vastberaden op weg naar zee, misschien als weerspiegeling van het geluk van het pasgetrouwde paar. Wat zij niet wisten, was dat hun eerstgeboren kind was overleden terwijl zij weg waren.
De menselijke natuur van het vergeven
Elke lezer weet dat te midden van geluk, pijn sluimert, wachtend op zijn moment. Alleen de kunst kan ons, al is het maar voor even, doen geloven wat er gezegd wordt aan het einde van “Le Nozze di Figaro” (Het Huwelijk van Figaro): “Ah, we zullen nu gelukkig zijn.” Zo verkondigt de 30-jarige Mozart als een onbetwistbaar feit de wens die in ons allemaal leeft.
Het toneelstuk van Pierre Beaumarchais, waarop de opera is gebaseerd, is complex en slim, vol intriges en verrassingen. De meest verbazingwekkende onthulling in het laatste bedrijf is dat geen van de personages echt kwaadaardig is, ze zijn gewoon ondeugend. Of ze nu van hoge of lage komaf zijn, graaf of gewone man, ze zoeken allemaal hun eigen kleine geluk door hun eigen kleine plannen. Ze zijn allemaal het doelwit van spot, maar ook allemaal eerbiedwaardig.
Muziek kan bereiken wat in een toneelstuk onmogelijk is: Veel personages kunnen tegelijkertijd hun gedachten en gevoelens uitdrukken. Mozart heeft een bijzondere talent voor deze gelijktijdige expressies in zijn schitterende ensembles. Zijn grootste prestatie is misschien wel de finale, waarin na een reeks ingewikkelde grappen de strijdende partijen – en dat zijn er veel – zich verzoenen.
Het belangrijkste is dat Figaro en zijn bruid Susanna vrede sluiten. Met een licht hart onthult Figaro de volle ernst van de noodzakelijke band tussen twee mensen. “Vrede, vrede, mijn lieve schat,” zingen ze terwijl hun twijfels worden opgelost. Het verweven van hun stemmen, als twee wijnstokken op dezelfde stam, inspireert om een oud woord uit de kast te halen en te zeggen: “Subliem!”

Een ander subliem moment komt wanneer de graaf Almaviva om vergiffenis vraagt voor zijn ontrouw. Zijn zin ‘Mijn vrouwe, vergeef mij’ wordt gevolgd door haar antwoord ‘Ik ben vriendelijker dan u, en ik vergeef u’. Voor elk van deze zinnen vraagt Mozart om een lange stilte. Deze aanhoudende afwezigheid van geluid maakt de prachtige muziek nog mooier. ‘Mijn muziek zit niet in de noten, maar in de stilte ertussen’, zei Mozart.
Voorspelling van het einde
In het jaar na “Le Nozze di Figaro” schreef Mozart zijn grote lied “Abendempfindung” (“Avondgedachten”), zijn eerste voorspelling van een vroeg overlijden. Ik vermoed dat de woorden, waarschijnlijk zijn eigen woorden, een persoonlijke boodschap aan zijn vrouw zijn. “De avond is gekomen, de zon is verdwenen, en de maan werpt haar zilveren licht. Zo is het met het leven dat zo snel voorbijgaat.” En wat was het belangrijkste in zijn laatste jaren? Niet zijn succes, niet zijn roem maar de liefde die hij had leren kennen, zijn meest kostbare schat.
Deze overtuiging bleef bij hem tijdens de vier resterende jaren van zijn leven. Hoewel hij nog zijn charmante volksopera “Die Zauberflöte “ (“De Toverfluit“) en het vrolijke hoornconcert in D majeur zou schrijven, was hij in gedachten vooral bezig met serieuze zaken, zoals het componeren van zijn Requiem-mis, die ver van voltooid zou blijven.

Er verscheen een korter religieus werk, “Ave Verum Corpus“. Het is wellicht het hoogtepunt van zijn oeuvre, zo perfect als iets in deze onvolmaakte wereld kan zijn. Het lachen is verstomd, de lichten van de wereld en haar wegen zijn gedoofd, waardoor de sterrenhemel zichtbaar wordt; acceptatie is gekomen. Een serene melodielijn slingert zich door een steeds veranderende opeenvolging van harmonieën, wat het gevoel oproept van een ziel die bevrijd is van de lasten en de aantrekkingskracht van de wereld en vertrouwt op de onkenbare Schepper en Trooster die zoveel zoete liederen voor hem zong.
Gepubliceerd door The Epoch Times (7 September 2024): Truth Tellers: Mozart’s Laughter





