Recente artikels van The New York Times waarin Shen Yun Performing Arts, een kunstgroep geleid door Chinese dissidenten, wordt aangevallen, zijn volgens een recent verslag zo gebrekkig dat ze ingetrokken moeten worden.
Het langste artikel van de krant, 5.000 woorden, “maakt openlijk gebruik van de basisinstrumenten van een propagandastuk”, inclusief “emotioneel manipulatief taalgebruik en beeldmateriaal”, stelt het verslag.
“De mate waarin het artikel van de Times de doelen van de Chinese Communistische Partij (CCP) bereikt is ook opmerkelijk en zeer verontrustend,” staat er.
De CCP heeft het op Shen Yun gemunt sinds het bedrijf in 2006 in de Verenigde Staten werd opgericht door een groep Chinese expats die Falun Gong beoefenden, een Chinese spirituele discipline gebaseerd op de principes van waarachtigheid, mededogen en tolerantie. De praktijk is de afgelopen kwart eeuw wreed vervolgd door de CCP.
Het podiumkunstengezelschap is een cultureel fenomeen geworden, met acht dansgroepen en orkesten die elk jaar voor ongeveer een miljoen mensen optreden. De missie van het gezelschap is om de traditionele Chinese cultuur, vrij van communistische invloeden, nieuw leven in te blazen. Sommige van de dansstukken richten de schijnwerpers op de aanhoudende vervolging van Falun Gong in China.
Het gezelschap is gevestigd op een campus in de staat New York, samen met twee gelieerde religieuze scholen, Fei Tian College en Fei Tian Academy of the Arts.
Op 16 augustus publiceerde The New York Times een hoofdartikel waarin werd beweerd dat Shen Yun haar artiesten mishandelt, voornamelijk door hen te dwingen op te treden terwijl ze geblesseerd zijn.
Het artikel werd gevolgd door vier kortere stukken die dezelfde beschuldigingen herhaalden en samenvatten.
De Epoch Times documenteerde eerder al een litanie van problemen met het hoofdartikel, inclusief wat in strijd lijkt te zijn met de journalistieke normen van The New York Times zelf.
Een veslag van 27 augustus van het Falun Dafa Information Center (FDIC), een non-profit organisatie die de vervolging van Falun Gong volgt, constateerde nog meer problemen.
“De bevindingen geven aanleiding tot ernstige bezorgdheid over de vraag waarom de Times zich zou bezighouden met berichtgeving die de journalistieke ethiek schendt, terwijl duidelijk een religieuze minderheid wordt geschaad die in China wordt vervolgd,” aldus het verslag, waarin de krant werd opgeroepen de artikels in te trekken en te onderzoeken hoe het mogelijk was dat ze überhaupt werden geschreven.
In een eerder verslag heeft het centrum gedetailleerd onderzoek gedaan naar de meer dan 120 pogingen van de CCP om Shen Yun te saboteren. Dat verslag bevatte informatie verzameld uit interviews met meer dan 100 huidige en voormalige Shen Yun-artiesten en anderen die met het gezelschap werkten.
Na de publicatie van de artikels in The New York Times, interviewde het FDIC nog meer huidige en voormalige Shen Yun-artiesten.
De conclusie was dat The New York Times “herhaalde en te goeder trouw gedane pogingen van Shen Yun en anderen om informatie te verschaffen die tegen haar vooringenomen verhaal inging negeerde, zeer problematische bronnen en een kleine steekproef gebruikte om een bepaalde verhaallijn op te bouwen, een breed scala aan experts negeerde, cruciale informatie achterhield voor de lezers en een decennialang patroon van het op grove wijze verkeerd weergeven van de overtuigingen van Falun Gong-beoefenaars voortzette”.
Een woordvoerder van The New York Times zei dat het hoofdartikel “grondig gerapporteerd, op feiten gecontroleerd en geredigeerd werd”.
“We staan achter de publicatie ervan,” vertelde hij The Epoch Times via e-mail.
Shen Yun heeft al bedreigingen ontvangen in de nasleep van de artikels, volgens het FDIC.
Eén bericht op de Shen Yun-website eiste dat een verklaring die het bedrijf had uitgegeven als reactie op de artikels verwijderd zou worden of anders “zullen Shen Yun Performing Arts en Fei Tian schoolmedewerkers en hun familieleden zeer waarschijnlijk onverklaarbare auto-ongelukken krijgen, zullen hun huizen op onverklaarbare wijze in brand vliegen en afbranden, en kunnen ze ook aangevallen worden door New Yorkse gangsters”.

Vormgegeven perceptie
The New York Times heeft het idee voor het artikel niet op eigen initiatief ontwikkeld.
Tijdens een interview door de krant over het artikel, suggereerde Hong dat het originele idee kwam van een ”tipgeefster” die de krant vorig jaar benaderde. Ze beweerde “bekend te zijn met de interne werking van Shen Yun” en bereid te zijn “om informatie te delen over de activiteiten van de groep”.
Hong gaf toe dat ze daarvoor niet veel wist over Shen Yun.
De ”tipgeefster” stelde de verslaggevers toen voor aan de eerste voormalige Shen Yun-artiest, blijkbaar één die een negatief verhaal te vertellen had.
De Epoch Times sprak met verschillende mensen die benaderd waren door de verslaggevers voor het artikel en die de indruk kregen dat Hong en Rothfeld al een negatief verhaal in elkaar hadden gestoken.
Het FDIC-verslag stelt dat de journalisten van The New York Times “niet bezig waren met een eerlijk onderzoek naar de omstandigheden van Shen Yun-dansers,” maar eerder “negatieve verhalen nastreefden.”
Halverwege augustus boden vertegenwoordigers van Shen Yun de verslaggevers een kans om enkele artiesten te interviewen die hun blessures hadden laten behandelen. Dat was een belangrijke toegeving, omdat ze enkele maanden daarvoor verzoeken om interviews hadden geweigerd uit bezorgdheid dat de verslaggevers te kwader trouw handelden. De verslaggevers maakten geen gebruik van het aanbod, volgens e-mailberichten gepubliceerd door het FDIC.
In het 18-jarig bestaan van Shen Yun zijn er meer dan 1.000 artiesten de revue gepasseerd. Veel van de voormalige artiesten zijn gemakkelijk te bereiken via sociale media of andere publiekelijk beschikbare contactmethodes.
“We hebben navraag gedaan bij meer dan een dozijn voormalige artiesten, die een zeer positieve kijk hebben op hun ervaring met Shen Yun en gemakkelijk bereikbaar waren – ze zeggen dat er nooit contact met hen is opgenomen door de verslaggevers,” staat er in het FDIC-verslag.
“Integendeel, ten minste een dozijn voormalige artiesten die gevraagd werden Shen Yun te verlaten of onder slechte omstandigheden vertrokken, werden allemaal benaderd door de verslaggevers.”
Een voormalige danseres die een knieblessure opliep reageerde op de verslaggevers met een lange e-mail waarin ze uitlegde dat ze wel behandeld werd en dat dit de norm was bij Shen Yun. Ze vermoedde dat er contact met haar werd opgenomen omdat ze haar behandeling niet voltooide, maar ze zei in haar e-mail dat het haar persoonlijke beslissing was en “het kan niet de houding van Shen Yun ten opzichte van blessures vertegenwoordigen”.
De verslaggevers namen één citaat uit haar e-mail op waarin ze Shen Yun prees, maar vermeldden geen van haar zorgen over het verhaal dat ze schenen te volgen in hun rapportering.
Ten minste twee andere voormalige Shen Yun-artiesten stuurden de verslaggevers e-mails waarin ze hun bezorgdheid uitten over vooringenomenheid.
“Ik hoop dat u al uw feiten dubbel controleert, en vooral uw insinuaties … wat u kiest te citeren, en wat u kiest weg te laten. Zodra het volledige verhaal van Falun Gong, China en de CCP aan het licht komt – inclusief de volledige achtergrond van degenen die aan dit verhaal hebben bijgedragen – denk ik dat jullie allemaal een heleboel moeilijke vragen zullen moeten beantwoorden,” schreef een van hen aan de verslaggevers in een e-mail die aan The Epoch Times is verstrekt.
“Ik heb echt geen interesse om een interview te doen met anti-Falun-Gong-activisten die zich voordoen als journalisten.”
De verslaggevers hebben deze e-mails volledig weggelaten in hun artikels.

Medische claims
In het artikel in The New York Times wordt beweerd dat 14 voormalige artiesten blessures hebben opgelopen zonder behandeling te zoeken of dit bij anderen te hebben gezien. Sommigen zeiden dat ze het gevoel hadden dat ze bekritiseerd zouden worden als ze om behandeling vroegen, maar niemand beweerde dat iemand behandeling geweigerd werd door het bedrijf.
In het artikel stond dat sommige ernstige blessures behandeld werden, maar dat “dergelijke interventies zeldzaam waren”.
Dat blijkt niet waar te zijn, volgens het FDIC.
“Volgens onze bevindingen, hoewel sommige Shen Yun-dansers blessures oplopen tijdens het trainen of optreden, gaf geen van de artiesten die we spraken aan dat het bedrijf hen ontmoedigde om medische behandeling te zoeken,” staat er in het verslag.
“Verschillende dokters die hun praktijk uitoefenen in plaatsen in de buurt van het hoofdkantoor van Shen Yun in New York zeggen dat ze regelmatig artiesten van Shen Yun behandelen.”
Dansers van het kaliber van Shen Yun zouden wat pijntjes en kwaaltjes kunnen doorstaan, maar zouden belangrijke blessures niet negeren, al was het maar omdat het de kwaliteit van de show in gevaar zou brengen, zei het FDIC op basis van meerdere interviews.
“Als het een blijvende blessure kan veroorzaken of te pijnlijk is, treden we natuurlijk niet op,” vertelde Piotr Huang, een hoofddanser en instructeur van Shen Yun, aan het FDIC.
“We hebben een verantwoordelijkheid naar ons publiek en willen alleen het beste van onszelf laten zien, daarom zouden we nooit optreden met een ernstige blessure, en Shen Yun zou het sowieso niet toestaan.”

Inspanningen van de CCP
Eerder dit jaar verkreeg het FDIC informatie van drie klokkenluiders die bekend waren met de interne activiteiten van de CCP. Zij verstrekten aantekeningen van een vergadering van het Chinese ministerie van Openbare Veiligheid op provinciaal niveau en van een intern verslag dat is opgesteld door een groot investeringsfonds dat onder controle staat van de CCP.
Gebaseerd op de aantekeningen, die The Epoch Times heeft bestudeerd, is de CCP een nieuwe campagne gestart om Falun Gong in het buitenland aan te vallen. De belangrijkste doelen van de campagne zijn het creëren van interne verdeeldheid binnen de Falun Gong-gemeenschap en het verspreiden van beschuldigingen die het grootste potentieel hebben om een onderzoek door de Amerikaanse autoriteiten uit te lokken.
De belangrijkste middelen voor de operatie zijn influencers op sociale media die anti-Falun Gong en anti-Shen Yun berichten verspreiden buiten China, volgens de klokkenluiders.
Ondertussen probeert het regime “centrale staatsmedia, universitaire denktanks en andere eenheden te mobiliseren om actief lasterlijke informatie over Falun Gong te delen met overzeese media”, schreef een van de klokkenluiders.

Een van de influencers die in de notities met naam en toenaam genoemd wordt, is een Amerikaanse YouTuber van Chinese afkomst wiens online content gedomineerd wordt door ongefundeerde aantijgingen tegen Shen Yun en Falun Gong, afgewisseld met grandioze herkauwingen over zijn inspanningen om hen te “vernietigen”.
Sommige Falun Gong-beoefenaars in China hebben aan het FDIC gerapporteerd dat de CCP-politie de content van de YouTuber gebruikt in “hersenspoelklassen” bedoeld om Falun Gong-gevangenen te dwingen hun geloof op te geven.
“Ik was degene die mensen [ex-performers] introduceerde bij The New York Times, vooral voor de eerste interviews. Daardoor vonden ze nog meer mensen,” schreef de YouTuber op X na de publicatie van de artikels in The New York Times.
In een aparte post bedankte de YouTuber de verslaggevers van The New York Times voor hun “harde werk”.
Connecties met Peking Dance Academy
Ten minste drie van de artiesten met wie de YouTuber sprak, hebben online vermeld dat ze na het verlaten van Shen Yun naar China reisden en werden uitgenodigd voor de Peking Dance Academy (PDA), een door de CCP geleide dansschool die Shen Yun als belangrijkste concurrent ziet.
De aan de PDA gelinkte dansers vormden de ruggengraat van het hoofdartikel in The New York Times en werden meerdere keren gefotografeerd en geciteerd, volgens het FDIC.
Eén van de dansers heeft een dansstudio in Taiwan die samenwerkt met de PDA.
Ze sprak vol lof over Shen Yun nadat ze wegging, volgens Facebook berichten die ze uitwisselde met een Fei Tian professor.
“Ik heb geen spijt in dit leven. Het is mij allemaal door de school gegeven! Zonder school zou ik niet zijn waar ik nu ben. Zonder leraren zou mijn geschiedenis niet mogelijk zijn. … Jullie hebben hard gewerkt! Iedereen bedankt,” zei ze in een van de 2020-berichten, die in het FDIC-verslag werden geciteerd.

Datzelfde jaar vroeg ze of ze terug kon keren naar Fei Tian en nodigde ze de professor uit op haar bruiloft.
In april 2024 schreef ze de professor echter dat het “niet zo goed met haar ging” en klaagde dat haar man, die samen met haar de dansstudio in Taiwan runt “alles deed”.
“Hij beheert mijn leven nogal strikt,” zei ze, waarbij ze opmerkte dat ze een excuus moest vinden om naar buiten te gaan zodat ze vrijuit berichten kon sturen omdat ze van haar man geen Facebook mocht gebruiken.
Verschillende ouders met kinderen in de dansstudio in Taiwan vertelden het FDIC dat de studio aan alle gezinnen die Falun Gong beoefenden had gevraagd om de studio in maart 2024 te verlaten. De echtgenoot van de danseres vertelde de ouders dat ze “een kant moesten kiezen”, zo citeerde het verslag de ouders.
Vertegenwoordigers van Shen Yun en het FDIC waarschuwden de verslaggevers van The New York Times voor problemen met hun bronnen, waaronder de PDA-connecties.
“Geen van deze tegenstrijdige belangen werd vermeld in het artikel,” zei het FDIC.
De artikels in The New York Times maakten de banden van de danser met de PDA niet bekend.

Propaganda van de CCP
De CCP lanceerde haar campagne om Falun Gong “uit te roeien” in 1999, nadat schattingen het aantal mensen dat de spirituele discipline beoefende op 70 tot 100 miljoen hadden geraamd, meer dan het aantal leden van de CCP. Binnen de kortste keren overspoelde het regime de ether met haatpropaganda tegen Falun Gong.
The New York Times herhaalde de propaganda van het regime in tientallen artikels, vooral in de eerste jaren van de vervolging, merkte het FDIC op in een eerder verslag. De nieuwe artikels van de krant over Shen Yun doen de belangrijkste propaganda van de CCP tegen Falun Gong herleven.
Het FDIC zei dat de krant “anti-religieuze vooringenomenheid” vertoont aangezien de artikels “geloofsovertuigingen van Falun Gong sensationaliseren die in veel religieuze tradities voorkomen, zoals het idee dat lijden een gevolg is van zonde of karma, dat het universum een barmhartige Schepper heeft en de bekommernis om de ziel te verheffen in de richting van spirituele verlossing”.
Het “onvermogen of de onwil” van de krant “om de leer van Falun Gong te plaatsen binnen theologische en in het bijzonder boeddhistische en taoïstische tradities, getuigt van religieuze onwetendheid, intolerantie en expliciete vooringenomenheid”, zei het FDIC.
Het artikel in The New York Times stelde dat Shen Yun-artiesten hun kunst benaderen met “een vurig gevoel van verplichting” vanwege een “dringende spirituele missie”.
Tientallen Shen Yun-artiesten vertelden The Epoch Times dat het hun doel is om de traditionele Chinese cultuur te promoten en dat ze het ook als cruciaal beschouwen om de vervolging aan het licht te brengen waar hun mede Falun Gong-beoefenaars in China mee te maken hebben.
“We mogen deel uitmaken van deze grote missie om de traditionele cultuur nieuw leven in te blazen. En bovendien krijg ik als Falun Gong-beoefenaar de kans om mensen via mijn kunst de waarheid te vertellen over wat er in China gebeurt,” vertelde Shen Yun-percussioniste Alice Liu aan The Epoch Times.
De artiesten beschouwen deze missie als dringend, en deze houding wordt weerspiegeld in de Falun Gong-gemeenschap in het algemeen.
The New York Times heeft een lange staat van dienst als het gaat om het bagatelliseren of volledig negeren van de vervolging, merkte het FDIC op, dat eerder dit jaar een gedetailleerd verslag uitbracht over de geschiedenis van de berichtgeving van de krant.

Het hoofdartikel van de krant over Shen Yun vermeldde de vervolging slechts terloops en gaf geen indicatie dat het tegengaan van de misstanden in China een motiverende factor zou kunnen zijn voor Shen Yun-artiesten.
In plaats daarvan beweerde het dat de missie van Shen Yun te maken heeft met “een naderende apocalyps” – een al lang ontkracht propagandathema van de CCP.
Huidige en voormalige Shen Yun-artiesten en Falun Gong-beoefenaars die geïnterviewd werden door The Epoch Times zeiden dat ze niet geloven dat de wereld op het punt staat te vergaan.
Een aantal van hen liet de verslaggevers van The New York Times weten dat ze vonden dat de verslaggevers de overtuigingen van Falun Gong verkeerd weergaven, onder andere in e-mails aan de verslaggevers die door het FDIC zijn gepubliceerd.
“De manier waarop je ons afzondert, onze religieuze overtuigingen bekritiseert en een vals verhaal schetst om ons er slecht uit te laten zien, is hetzelfde als wat de CCP en haar staatsmedia met ons doen,” schreef een voormalige Shen Yun-danseres in een e-mail aan de verslaggevers.
“Ik heb NYT dat nooit zien doen met andere geloofsgroepen … en toch doen jullie dat met ons? Het lijkt hypocriet en deze valse verhalen over ons kunnen echte vijandigheid opwekken.”
Haar e-mail werd volledig weggelaten uit de artikels.
Schoolbeleid
Fei Tian’s schoolbeleid werd in het hoofdartikel van The New York Times als “ogenschijnlijk onderdrukkend” bestempeld. “In feite zijn dit standaardpraktijken in de sector, of ze komen in ieder geval steeds vaker voor op scholen in de Verenigde Staten,” aldus het FDIC.
De school vereist dat minderjarige studenten toestemming vragen om de campus te verlaten en de school beperkt het gebruik van smartphones en de tijd die online wordt doorgebracht, wat een steeds gebruikelijker beleid is op Amerikaanse scholen, aldus het FDIC.
Fei Tian biedt al haar studenten een volledige studiebeurs voor het onderwijs vanaf de middelbare school tot aan de postdoctorale studie, “samen met gratis kost en inwoning, een stipendium voor onkosten en mogelijkheden om de wereld rond te reizen”, aldus het FDIC.
“Zulke regelingen zijn gebruikelijk bij ballet- en andere uitvoerende kunstgezelschappen, hoewel het pakket van Shen Yun substantiëler is dan vele andere,” zei het FDIC.
Maar The New York Times beschouwde dergelijke voordelen “als instrumenten voor uitbuiting en emotionele manipulatie”, aldus het verslag.
Het artikel maakte ook misbruik van de eis dat dansers een optimaal gewicht moeten behouden, merkte het FDIC op.
“Maar dat is gebruikelijk bij professionele dansers, atleten en modellen. Het is niet alleen om esthetische redenen, maar ook om het risico op blessures te verminderen, omdat extra gewicht een hogere belasting betekent voor gewrichten en botten”, aldus het verslag.

Oproep tot introspectie
Het FDIC bekritiseerde The New York Times voor het niet volgen van haar eigen redactionele standaarden en voor het niet verzekeren “dat er geen buitenlandse beïnvloedingsoperaties door kwaadaardige actoren in het spel zijn”.
“Dergelijke beslissingen hebben gevolgen”, staat in het verslag.
“Binnen China is het propaganda-apparaat van de CCP al begonnen met het op grote schaal gebruiken van de artikels in haar eigen campagne om Falun Gong te demoniseren, een campagne die het geweld tegen miljoenen onschuldige mensen aanwakkert – inclusief familieleden van Shen Yun-artiesten. Buiten China stimuleert een dergelijk verslag onvermijdelijk de Chinese diplomatieke inspanningen om theaters onder druk te zetten om geen shows te boeken, terwijl artiesten in fysiek gevaar worden gebracht.”
De krant werd opgeroepen om de artikels in te trekken, “een intern onderzoek in te stellen” en “corrigerende maatregelen te nemen om ervoor te zorgen dat deze fouten zich niet herhalen in toekomstige artikels over Shen Yun of Falun Gong”.
Gepubliceerd door The Epoch Times (29 augustus 2024): New York Times’ Distorted Coverage of Shen Yun Plays Into Hands of CCP: Report





